Bestaat er zoiets als klassieke hiphop en do we care?

Mij vorige blogs gingen over de hang naar klassieke reggae en soul. Deze gaat over hiphop. Nee het is niet weer een verhaal over dat vroeger alles beter was. Het is meer een verhaal over dat vroeger in hiphop niet lijkt te bestaan.

Ik kwam tot deze conclusie toen ik deze week twee nieuwe erg dikke boeken over hiphop had doorgespit. Voor de lezers onder u: het zijn prachtboeken, precies het soort boek waar eenieder die in hiphop of popgeschiedenis interesse heeft lang op zat te wachten. Ik in elk geval wel.

In de VK-boekenbijlage van vandaag (26 februari) bespreek ik ze. The Big Payback van Dan Charnas, een boek over vooral de zakelijke geschiedenis van hiphop en The Anthology Of Rap, een bundeling van meer dan driehonderd rap-lyrics door de hoogleraren Adam Bradley en Andrew DuBois.

Bij elkaar bijna 1600 dik bedrukte pagina’s, waar ik nog lang niet klaar mee ben. In dat teksten boek blijf ik bladeren. Het spoort ook onmiddellijk aan tot het draaien van de platen waarvan de teksten nu zijn uitgeschreven.

Zo kwam ik de afgelopen dagen uit op By All Means Nessecary van Boogie Down Productions (1988) en Paid In Full van Eric B & Rakim (1987).

Ik ben oud genoeg om me nog te herinneren dat die platen uitkwamen en dat waren ook echt gebeurtenissen. Hiphop was al een paar jaar vooral iets dat op 12inch singles goed tot recht kwam. Pas sinds de eerste LL Cool J en Run DMC platen, richten MC’s en dj’s zich op de album lengte.

Dat was eigenlijk vooral te danken aan Rick Rubin en Russell Simmons van het Def Jam label. Charnas vertelt hun hele verhaal, ook over de totstandkoming van Raising Hell (vooral Rubins werk) met de hit Walk This Way.

Die plaat is echt wereldwijd een katalysator geweest voor de acceptatie van hiphop als een genre gelijkwaardig aan rock of soul.

Er kwam een stroom aan albums richting Europa. Van de Beastie Boys en Public Enemy natuurlijk, maar ook van de wat onbekender gebleven artiesten als EPMD, Jungle Brothers, Stezo, BDP en Eric B & Rakim.

Bigger And Deffer van LL Cool J was in 1987 echt een gebeurtenis, zoals Document van R.E.M. of de laatste Smiths dat was.

Maar platen, rappers en dj’s volgden elkaar snel op. De tijden dat je met een paar James Brown samples wel een beat had, was snel voorbij. Begin jaren negentig kwam hiphop ook niet meer vooral uit New York, maar ook van de Amerikaanse Westkust.

De winkel waar ik toen in werkte verkocht platen van Easy E en Ice T, Ice Cube en N.W.A. met stapels tegelijk aan jonge gastjes.

Zelf hield ik daar eerlijk gezegd niet zo van. Niet dat ik mee deed aan East versus West of zo, maar ik vond die Westkust sound niet zo mooi geloof ik. Ja, die Tone Loc vond ik dan wel weer aardig maar die had een top 40 hit, dus die was in veel kringen verdacht. (ja, zo dachten we toen nog).

Goed, bij Charnas komt het hele verhaal voorbij, maar ik bleef met het platen draaien toch even hangen in 1987-1988.

Want ik schrok me dood toen ik die oudjes van BDP en Eric B opzette. In positieve zin hoor, want ik werd vooral gegrepen door de eenvoud van de beats en nog meer door de zeggingskracht van de rappers.

Ik had de albums lang niet meer achter elkaar gehoord en het verbaasde me dat ze ermee wegkwamen ze zo kaal te laten klinken. Maar daardoor werkten hun stemmen weer des te beter. Zoek bijvoorbeeld op Spotify even dat Paid In Full album van Eric B & Rakim op en luister bijvoorbeeld naar het vooral in de Coldcut remix bekend geworden titelnummer. Ik vond dit kalere origineel ineens eigenlijk veel krachtiger.

Leuk ook om in die Anthology mee te lezen met rapper Rakim. Pas dan valt je op hoe ingenieus zijn stijl is. Iets dat me ook opviel aan de teksten van Notorious BIG en Eminem. Ik ben eigenlijk allergisch voor de stem van Eminem maar als ik die teksten zie dan denk ik Wow Wat Goed.

Het meest plezier beleefde ik aan de complete tekst van Rapper’s Delight, een pagina of tien lang.

Toen de maxi-single daarvan verscheen, in de winter van 1979-1980 was dat ook al zo’n gebeurtenis. Er waren op school (ik zat in de vijfde van het VWO) direct kampen. Je was voor of tegen. Het nummer was de hele dag op de radio te horen, en te zien in Toppop (met Ton Poppes als presentator, als ik het wel heb), en dat was een beetje verdacht.

Maar het was een compleet nieuw geluid, dus toch ook wel weer een beetje hip.

Na een aanvankelijke afkeer (kwam meer door de mensen die het meteen wel goed vonden geloof ik) ben ik dat nummer, de eerste wereldwijde hiphop nummer 1 wel gaan waarderen. Het werd in de pauzes en tussenuren ook een sport zo lang mogelijk de tekst uit het hoofd te leren. De gewone singleversie hadden we snel onder de knie. Maar er waren klasgenootjes die de12inch versie hadden gekocht. Die duurde 15 minuten, en dat was andere koek.

Hoe ver ik zelf kwam weet ik niet. Na een pagina of anderhalf raakte ik nu toch enigszins verveeld. Het was ook een tekst die natuurlijk helemaal nergens over ging. Maar daar ging het ons in 1979 weer niet om.

Leuk dus om weer even tussen al die oude, vaak stukgedraaide schijven vinyl te scharrelen en erachter te komen dat ik bijvoorbeeld Jay-Z 12 inches heb, waarvan ik het bestaan niet eens wist.

Maar terwijl ik weer terug ging down memory lane vroeg ik me af waarom je die oude, klassieke hiphop nergens meer hoort. Wat je met reggae en soul wel hebt, het terugverlangen naar de klassieke sound, heb je onder hiphop-liefhebbers volgens mij veel minder. En dat is altijd zo geweest.

Hiphop is een genre waarin liever naar voren dan naar achteren gekeken wordt, net als dat in dance het geval is eigenlijk.

Maar waar je nog wel eens feestjes hebt waarin oude acid of Detroit techno centraal staat, zijn er volgens mij geen feestjes waarop de hiphop uit de periode 1985-1992 centraal staat.

Sterker: ik denk dat geen hiphop-dj het in zijn hoofd haalt om een avond lange de platen van Eric B, BDP, A Tribe Called Quest en Stetsasonic aan elkaar te mixen. Grote kans dat de zaal leeg loopt. De sound van toen, daar moet je nu echt aan wennen.

Hiphop is toch ook al weer meer dan dertig jaar oud, maar een echte nostalgie-golf is er niet geweest. Waar je in de jaren tachtig een grote stroom aan oude soulplaten opnieuw zag verschijnen en oude soul ook weer in de hitparades kwam, zie ik bij oude hiphop dit niet zo snel gebeuren.

Hiphop hoort van nu te zijn. Nieuwe tracks worden geconsumeerd en weggedaan als men erop is uitgeluisterd. Zou er wel eens iemand op zoek gaan naar het tweede album van 50Cent of de derde van Public Enemy? De hele toch immense back catalogue in de hiphop bestaat eigenlijk niet. Popliefhebbers weten hoe de derde van Madonna of Wire heet maar hoeveel albums Run DMC of Jay-Z gemaakt heeft? Who Cares. Laat die nieuwe van Jay-Z met Kanye West vooral heel goed worden, maar dat American Gangster ‘sucked’ doet er al lang niet meer toe.

Dat meesterwerk van Kanye West? Hooguit popjournalisten maken zich daar volgend jaar om deze tijd nog druk om, de echte hiphopliefhebber heeft al lang weer nieuwe ‘dope tracks’ in zijn iPod.

Dat volledige gebrek aan nostalgie dat heeft wel iets aardigs, het onderscheidt hiphop in elk geval van andere genres als soul en reggae waar het verlangen naar het vertrouwde geluid van vroeger nog altijd overheerst.

Soul die lijkt op die van vroeger ('Charles Bradley is soms net James Brown') doet het goed. En een reggaeshow zonder een Bob Marley tribute heb ik hier zelden gezien. Maar hiphop ontwikkelt zich gewoon door, zonder dat de liefhebbers naar vroeger terugverlangen.

Terwijl ik dit schrijf, bezogt de post een promo van een dubbel-cd op BBE The Beat Generation 10th Anniversary Collection Compiled And Mixed By DJ Spinna and Mr Thing.

Meer voor mensen zoals ik die hiphop al tien jaar vanaf de zijlijn volgen dan voor de ware b-boy lijkt me, maar ik ben er blij mee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden