Reportage

Besmettingsgevaar? Helpen is belangrijker.

De artsen en verpleegkundigen in de ebolakliniek in Monrovia doen echt levensgevaarlijk werk. 'Ebola heeft mij geroepen, ik móést komen helpen.'

Beeld Foto John Moore / Getty

Ze drentelen nerveus heen en weer, de drie mannen en een vrouw. Soms prevelend, dan weer luid schreeuwend. Armen worden gestrekt, het gezicht naar de hemel gericht. En lopen, lopen; steeds weer die kleine pasjes heen en terug. Dan ineens slaan zij de handen ineen, buigen naar de grond en roepen: 'Doe iets, Heer!'

Het is vlak bij de poort van de ebolakliniek van Artsen zonder Grenzen (AzG) in de Liberiaanse hoofdstad Monrovia. 'Het zijn mensen uit een gemeenschap hier binnen de stad', vertelt een medewerkster. 'Normaal gesproken staan we dit niet toe. Maar de patiënten willen het. Ik snap het ook wel. Met de dood voor ogen willen de zieken dat er voor hen gebeden wordt. Er is al zo weinig troost.'

Het viertal komt tot bedaren, maar de spanning die zij hebben opgeroepen is op het terrein voelbaar. Zoals bij de ingang van de kliniek, de poort van hoop en wanhoop. 'Het is de moeilijkste plek om te werken', zegt Stefan Liljegren, coördinator van het AzG-kamp. 'Hier moet je mensen ook wegsturen. Mensen die vervolgens terug thuis weer anderen gaan besmetten.'

De kliniek heeft tenten met 160 bedden. Aan 40 extra plaatsen wordt hard gewerkt. Maar dan nog is er een tekort. In heel Monrovia zijn nu maar zo'n 400 bedden, terwijl er zeker 1.200 nodig zijn. 'Het is gruwelijk om mensen niet toe te laten', meent Liljegren. 'Aan de poort loopt de spanning soms enorm op. Maar we hebben eenvoudig de capaciteit niet. Alleen voor de allerzieksten maken we een uitzondering.' Voor mensen dus die snel zullen sterven.

Beeld Foto Ahmed Jallanzo / EPA

Veiligheidsvoorschriften

De kliniek van Artsen zonder Grenzen levert een uitzonderlijke combinatie van intens mededogen en broodnuchtere efficiëntie. We mogen meekijken hoe een overleden man in een lijkenzak wordt gelegd. Het maken van beelden van de man zelf is verboden, 'want hij heeft daarvoor geen toestemming kunnen verlenen'. Respect staat voorop, ook voor het naakte lichaam van een dode mens, wiens verstijfde arm de lucht in steekt.

Bij het afleggen van de overleden patiënt let iedereen al evenzeer op strikte naleving van de veiligheidsvoorschriften. Vier mensen hebben zich in de beschermende kostuums gehesen, die hier 'bananenpakken' heten. Stap voor voorzichtige stap wordt het protocol gevolgd. Regels die nodig zijn om zélf besmetting te voorkomen. Want het besmettingsgevaar van een pas gestorven iemand, bij wie ook het immuunsysteem volledig is gesloten, is ongeveer twintig keer zo hoog als bij een 'normale' ebolapatiënt.

Het werk voor de in totaal 486 gezondheidswerkers bij de kliniek is even intensief als potentieel gevaarlijk. Van alle mensen die tot nu toe met de ongeneeslijke ziekte zijn besmet, is circa 10 procent arts, verpleegkundige of een ander type hulpverlener aan zieken. Een behoorlijk aantal van hen is inmiddels overleden; gestorven bij de poging de levens van anderen te redden.

Voor Greet Geenen staat het gevaar van haar werk niet op de voorgrond, hoe behoedzaam zij ook is. De Belgische verpleegkundige (en moeder van een tweeling) heeft 1,5 uur, fel zwetend in haar bananenpak, tussen de patiënten doorgebracht. Laagje voor laagje trekt zij de verschillende onderdelen van haar beschermende kleding uit, ondertussen steeds bespoten met reinigend chloorwater. Heel langzaam wordt Greet weer een herkenbaar mens.

De tropische zon zet nieuwe zweetdruppels op haar voorhoofd. Greet neemt nog eens een slok water en zegt: 'Ebola heeft mij geroepen, ik moest komen om hier te werken. Twaalf jaar geleden al heb ik hiervoor een cursus gevolgd, maar ik heb nooit eerder de kans gekregen om mensen met ebola daadwerkelijk te helpen. Nu dus wel. Dan stel je je verder niet al te veel vragen. Dan ga je en probeer je te doen wat mogelijk is.' Ze glimlacht, deze bescheiden engel van medemenselijkheid.

Beeld Foto AFP

Geen vaccin

Voor de ebolapatiënten, in Liberia of andere zwaar getroffen landen in West-Afrika zoals Guinee en Sierra Leone, is nog altijd geen vaccin of medicijn beschikbaar. De zieken in de kliniek van Artsen zonder Grenzen krijgen daarom medicijnen die weinig meer doen dan symptomen bestrijden. Pillen tegen malaria, in elk geval goed om het energieniveau iets omhoog te krijgen, ook als de patiënt helemaal geen malaria heeft; breedspectrum antibiotica; ORS tegen uitdroging bij diarree; paracetamol bij koorts; en voor de terminaal zieken een palliatief middel als morfine.

Er is officieel geschat dat de ebola-epidemie, de ergste sinds de ziekte in 1976 voor het eerst opdook, aan zeker 20 duizend mensen het leven zal kosten voordat zij haar top zal hebben bereikt. Maar de mensen die in de kliniek werken, de deskundigen die letterlijk met hun laarzen in de modder staan, gaan er zonder een nieuw getal te noemen vanuit dat het uiteindelijke dodental fors hoger zal liggen.

Nog meer doden derhalve. Op het terrein is een nieuwe tent met veldbedden bijna klaar om in gebruik te worden genomen. 'Het ziet er nu zo mooi schoon en licht uit', zegt een medewerkster van Artsen zonder Grenzen. 'Terwijl je weet dat deze tent morgen gevuld zal zijn met ellende.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.