Beschermheer bouw aangepakt

Opdrachtgevers die vermoedden dat bouwers geheime afspraken hadden gemaakt, stonden tot nu toe niet sterk. De Raad van Arbitrage was vanouds de beschermheer van de Nederlandse bouw....

Heeft de overheid de laatste jaren veel te veel betaald aan Nederlandse bouwbedrijven? Ja, vindt A. Bos, voormalig directeur van wegenbouwer Koop Tjuchem. Enkele weken geleden beweerde hij dat bouwbedrijven de klussen onderling verdelen en de prijs opdrijven met verboden prijsafspraken.

Nee, vinden de bouwers onder aanvoering van oud CDA-voorman E. Brinkman, kijk maar naar de marges van Nederlandse bouwbedrijven. Die zijn al jaren niet veel hoger dan 4 procent en de prijzen zijn dus zeker niet te hoog. Nee, vindt ook de grootste opdrachtgever, het ministerie van Verkeer en Waterstaat, want de laatste jaren ligt de bouwprijs gemiddeld onder de ramingen.

Het zijn geen sluitende argumenten, want stel dat Nederlandse bouwers inefficiënt werken - en waarom zouden ze niet? - en dat de kostenramingen van het ministerie hiermee rekening houden - niet onwaarschijnlijk, want ze zijn gebaseerd op eerder betaalde bouwprijzen - dan betaalt de overheid toch te veel.

Het is daarom beter te kijken naar de manier waarop de prijs tot stand komt. En vooral: of er sprake is van de - door Paars omarmde - vrije markt. Zolang er concurrentie is, is het idee, worden bedrijven gedwongen zo efficiënt mogelijk te werken, en krijgt de klant vanzelf de beste prijs.

Een vrije markt betekent in de eerste plaats dat de opdrachtgever uit meerdere bouwbedrijven moet kunnen kiezen. Dat kan. Bij een openbare aanbesteding krijgt de opdrachtgever een hele stapel aanbiedingen op zijn bureau.

Een vrije markt betekent echter ook dat een opdrachtgever uiteindelijk kan besluiten geen zaken te doen. Bijvoorbeeld omdat hij de laagste inschrijving te hoog vindt, en met andere bouwbedrijven wil onderhandelen. En dát kan niet.

Bouwers die om deze reden aan de kant werden gezet, kunnen bij de Raad van Arbitrage van Bouwbedrijven verhaal halen, en kregen tot nu toe gelijk. De bouwprijs kan niet te hoog zijn, oordeelde de Raad keer op keer, want ze is in concurrentie tot stand gekomen. De opdrachtgever werd gedwongen toch zaken te doen met de laagste inschrijver.

Het was de verschillende overheden al jaren een doorn in het oog. In september van dit jaar werden daarom nieuwe aanbestedingsregels van kracht. De belangrijkste opdrachtgevers (de ministeries van Verkeer en Waterstaat, Defensie en VROM) menen dat daarmee 'uitdrukkelijk afstand' is genomen van de jurisprudentie die de Raad van Arbitrage heeft opgebouwd. De opdrachtgever hoeft niet langer te bewijzen dat de prijs te hoog is als hij een aannemer passeert, zo denken ze.

De Raad zelf heeft nog geen uitspraak gedaan. Maar secretaris Y. de Mul heeft vorige week wel al laten weten dat de bewijslast inderdaad is omgedraaid. Het is nog onduidelijk of dit leidt tot andere uitspraken, want de helft van de bestuursleden wordt benoemd door de lobbyclub van de bouwers, AVBB. De andere helft bestaat uit ingenieurs en architecten, ook niet bepaald mensen die belang hebben bij een lage bouwprijs. Opdrachtgevers zijn niet in het bestuur vertegenwoordigd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden