Berlijn is een vermoeiende stad

Berlijn, 2 januari 1877.

Aanzicht van Berlijn Beeld null
Aanzicht van Berlijn

Om een bekende van papa te bezoeken, renden wij wel een paar uur zonder de weg te vinden rond in de verschrikkelijke regen, waarbij Antonio ook nog eens het bijzondere geluk had om zijn hoed te verliezen, die hij terugveroverde in zeer bevuilde toestand.

Op de terugweg liepen wij verkeerd en wel zo vreselijk dat wij doodmoe thuiskwamen van dat verdomde plaveisel. Het wegdek in Berlijn is echt verschrikkelijk en zo hard dat je er veel sneller moe van wordt dan in een andere stad.

Ook dragen de vreselijk lange straten eraan bij om een mens echt murw te maken, want een straat gaat alsmaar verder zonder dat je bijvoorbeeld uit een andere naam kunt afleiden dat je iets opgeschoten bent.

Voorts had Berlijn nog andere onaangenaamheden, en een grote misstand is het ontbreken van pissoirs. Slechts zelden tref je zo'n nuttige voorziening aan en gewoonlijk daar, waar je ze helemaal niet nodig hebt.

Bovendien zijn die dingen slechts op twee personen berekend. Als er veel gegadigden zijn, moeten de bezoekers net als voor een theater een rij vormen, waarna er misschien ook nog een gerechtsdienaar moet bijkomen om de orde in deze amechtig en volhardend wachtende groep te handhaven.

Nee, in Berlijn zou ik evenmin willen wonen als in Dresden.

Gerlach Ribbius Peletier (1856-1930), rentenierende zoon van een Utrechtse tabakshandelaar. Uit Dagboeken 1872 - 1886. Stichting Landgoed Linschoten/ Thoth, 2016.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden