Ben ik alleen sneller dan collega's doordat ik Afrikaans ben? Ik ben ook Nederlands

Welke rol speelt afkomst in Nederland? Dat onderzoekt de Volkskrant in een reeks interviews. Schaatser Dai Dai Ntab (22): 'Als de Afrikanen gaan schaatsen, blijft er geen blanke meer over.'

Dai Dai Ntab Beeld Robin De Puy

Na haar afgebroken rechtenstudie maakte de moeder van Dai Dai Ntab een rondreis door Afrika. 'In een barretje in Senegal ontmoette ze mijn vader. Mijn moeder is een paar keer teruggeweest om hem op te zoeken en ze schreven brieven. Daarna is hij hier gekomen. In die tijd kon je nog makkelijk een Nederlands paspoort krijgen. In Senegal werkte mijn vader als kleermaker, hij is laagopgeleid, maar wel slim. Daar kreeg hij niet de kans om zich te ontwikkelen.

'Mijn ouders gingen uit elkaar toen ik 4 was. Tot mijn 8ste heb ik in Amsterdam gewoond. Toen kreeg mij moeder een relatie met een Brabander en verhuisden we naar Oisterwijk. Daar waren mijn broertje en ik de enigen op school met een kleurtje. Ik heb nooit het gevoel gehad dat wij anders werden bekeken, we waren hetzelfde als de rest.

'Na de verhuizing heb ik vier jaar weinig contact gehad met mijn vader. Natuurlijk was het lastig dat ik niet bij mijn echte vader woonde. Toch ben ik er goed vanaf gekomen, zeg ik altijd. Als kind ga je mee in de nieuwe situatie. Na vier jaar vond ik dat het genoeg was geweest. Mijn moeder heeft me met mijn broertje voor een bezoekje aan Amsterdam op de trein gezet, daar stond onze vader op het station te wachten. We hebben een Nederlandse opvoeding gehad, zonder mijn vader, maar mijn moeder vond wel dat ik de Senegalese kant moest kennen. Met haar toenmalige vriend zijn we vijf keer in Senegal geweest. En ook nog twee keer met mijn vader.'

Dai Dai Ntab

(Nederland, 1994) is profschaatser bij Team Plantina. 'In Senegal schrijven ze N'Tab. In mijn paspoort staat Ntab. Dai Dai is geen Senegalese naam. Een blanke Amerikaanse vriend van mijn vader heette zo, een man die voor Unicef werkte.' In 2016 werd Dai Dai Ntab Nederlands kampioen op de 100, 300 en 500 meter. Ook won hij vorig seizoen twee World Cups: op de 500 meter in Stavanger en een in Astana.

Waarom ging je schaatsen?

'Ik heb veel sporten gedaan. Waar je het beste in bent, dat blijf je doen. Met schaatsen kon ik winnen. Mijn broertje en ik skeelerden altijd al, een beetje stunten. Toen kwam er in Oisterwijk voor één week een ijsbaantje. Ik vond het zo leuk dat mijn moeder me naar een schaatsclub bracht in Moergestel. Zo ben ik erin gegleden.'

Schaatsen is een van de witste sporten.

'Je kunt het alleen doen als er ijs ligt. Dus in de noordelijke Europese landen en in Amerika en Canada. Verder zie je alleen een verdwaalde Australiër. Als de Afrikanen gaan schaatsen, blijft er geen blanke meer over. Net als bij het hardlopen.'

Heb jij een andere lichaamsbouw dan je collega's?

'Ik ben echt een sprinter. Een andere keuze was er niet. Ik ben explosief op de 500 meter, de 1.000 meter is al te lang. Tot 700 of 800 meter kan ik goed schaatsen, daarna sta ik geparkeerd. De 5.000 meter, dat wordt een afgang.

'Voor de lange afstanden heb je rode spiervezels nodig, ik heb witte. Je moet het zo zien: Sven Kramer rijdt de lange afstanden. Ik kan hem als een raket voorbijgaan, alleen ben ik daarna kapot en hij gaat maar door. Op de atletiekbaan merk ik dat ik sneller ben dan mijn collega's, ik ben lang en tenger gebouwd. Komt het alleen doordat ik half Afrikaans ben? Dat weet ik niet. Ik ben ook half Nederlands.'

Dai Dai Ntab na het winnen van de 500 meter tijdens het NK Afstanden in december 2016 Beeld anp

De Afro-Amerikaanse schaatser Shani Davis werd wereldkampioen toen jij 10 was. Was dat voor jou het signaal: dan kan ik het ook?

'Voor mij is hij is de beste schaatser aller tijden. Wereldkampioen allround én op de sprint. Ik dacht: dat is leuk, nog een jongen die schaatst en donker is. Meer niet. Ik word altijd met hem vergeleken, hoewel we heel andere schaatsers zijn. De enige overeenkomst is onze kleur.

'Shani en ik hebben een jaar bij elkaar in de ploeg gezeten, bij Team Beslist.nl. We hebben een zomer samen getraind. Hij noemde me little bro, alleen weet ik niet of hij dat deed omdat hij me anders vond dan de rest. Hij is een aardige, behulpzame sporter, dat vind ik belangrijker. Je ziet vaak dat individuele sporters een opkomende jongen niet willen helpen. Ze zijn bang dat die jongere collega ze voorbij gaat rijden. Zo was Shani helemaal niet, hij wilde me overal mee helpen. Ik vind het lastig, die verhalen over soort zoekt soort. Alsof ik automatisch vrienden met hem zou moeten zijn.

'Kai Verbij is half Aziatisch en half Nederlands. Bij hem wordt de nadruk er niet op gelegd. Misschien omdat zijn moeder Japans is. Japanners doen aan schaatsen en Afrikanen niet. Vooral in het begin, twee jaar geleden, werd mijn afkomst benadrukt. Ik begreep dat niet altijd. Het is niet dat ik een accent heb zoals Churandy Martina. Nu zijn ze wel aan me gewend.

'Ik wil worden beoordeeld op mijn resultaten. Mij gaat het om één ding: ik wil met een olympische gouden medaille op de 500 meter om mijn nek lopen.'

Nederlands

'Op Schiphol terugkomen van een wedstrijd.'

Senegalees

'Als ik praat met mijn vader of mijn ooms.'

Eten

'Sushi.'

Partner

'Hiervoor waren ze allemaal blond. Met mijn huidige vriendin ben ik een jaar samen, een record. Ze is half Algerijns en half Nederlands. Ik denk dat we dat in elkaar herkennen: allebei half Afrikaans en opgevoed door een Nederlandse moeder.'

Paasfeest of lentefeest

'Paasfeest. Dat is de Nederlandse cultuur en daar moet je van afblijven.'

Hoe is het om jarenlang te trainen voor één race?

'Het gaat om een wedstrijd van 34 of 35 seconden. Ik vind dat het iets moois heeft om je daar helemaal op toe te leggen. Die toewijding is iets wat je niet kunt aanraken, iets magisch.

'Soms stap ik het ijs op voor een race en denk ik: was ik maar gewoon gaan studeren. Eigenlijk past dit helemaal niet bij me. Toch is het minder breekbaar dan het lijkt. Dat ene trucje - dat rondje van 400 meter en dan nog 100 meter - hebben we zo vaak geoefend dat we het helemaal beheersen. Het kan bijna niet misgaan.'

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) interviewt voor V Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Mede gebaseerd op deze serie verscheen vorig jaar zijn boek Kaaskoppen. Hij spreekt onder anderen nog met rapper Typhoon (Surinaams) en dj en dieetgoeroe Fajah Lourens (Antilliaans).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden