Belastingbaas met vertrouwen in de mens

Vraag tien mensen naar hun eerste indruk van Jenny Thunnissen en minimaal negen zullen zeggen dat ze een opvallende verschijning is, of woorden van gelijke strekking gebruiken.

In de regel worden de hoogste posities in de rijksdienst bezet door heren, keurig gekleed in blauwe of grijze pakken. Zo niet Thunnissen. Zij kleedt zich bij voorkeur in lange opvallende truien, heeft een voorliefde voor helblauwe oogschaduw, en is getooid met een tamelijk onorthodox kapsel.

Maar de belangrijkste oorzaak van Jenny Thunnissens opvallende verschijning is dat zij geen blad voor de mond neemt. ‘Het is een bijzonder mens, heel authentiek en duidelijk. Kort voor de kop’, zegt Paul Heijnis, de voorzitter van de centrale ondernemingsraad van de Belastingdienst. Anderen vallen hem bij. ‘Een heel sterke persoonlijkheid’, zegt Jan Happé, hoogleraar belastingrecht die 25 jaar bij de Belastingdienst werkte. ‘Zij is wars van opsmuk en heeft uitgesproken meningen.’

Niet alledaags
Voor een topambtenaar zijn dat geen alledaagse eigenschappen. ‘Normaal wacht een hoge ambtenaar tot de minister of staatssecretaris wat zegt’, zegt Hans de Boer, die Thunnissen ontmoette toen hij voorzitter was van de werkgeversvereniging MKB Nederland. ‘Van mij zul je geen negatief woord over haar horen.’

Van anderen wel. Onder de leiding van Thunnissen is de Belastingdienst afgegleden van meest gevierde tot meest verguisde organisatie van de rijksoverheid. De opeenstapeling van problemen was voor Ineke Dezentjé Hamming, lid van de Tweede Kamer voor de VVD, vorig jaar voldoende reden om ondercuratelestelling van Thunnissen te vragen. ‘Dat is niet niks’, zegt de parlementariër. ‘Ze zei toen dat ze begreep dat ik dat in mijn rol deed, en ze heeft het me niet nagedragen.’

Eigenwijs
Ondanks alle stormen rond de fiscus, zit Thunnissen nog steeds op haar plaats. Intelligent, recht-door-zee, en benaderbaar, zijn de kwalificaties van mensen die met haar te maken hebben. Maar ook: weinig diplomatiek, overtuigd van haar eigen gelijk en eigenwijs.

Jenny Thunnissen werd in 1954 in Groningen geboren als Jenny Tonneman, dochter van een ingenieur van de voormalige ontginningsmaatschappij Grontmij. Vanwege het werk van haar vader verhuisde het gezin meermaals. Vanuit Rijswijk ging zij naar het Dalton Lyceum in Voorburg, waar zij in de vijfde klas haar latere echtgenoot Ramon Thunnissen ontmoette.

‘Jenny was geen excellente scholier of student’, zegt haar echtgenoot. ‘Zij was iemand van de zevens, niet de negens. Haar IQ is hoog zat, maar ik denk dat haar sociale intelligentie haar grootste kracht is.’ Jan Giele, emeritus hoogleraar bij wie ze als fiscaal juriste afstudeerde, noemt haar juist een briljante studente.

Geen wildebras
Tonneman en Thunnissen gingen in 1971 samen rechten studeren in Leiden. Het paar werd lid van de vereniging Augustinus. Ramon Thunnissen: ‘Daarvan konden ook werkende jongeren lid worden. Dat sprak ons aan.’ Studente Jenny was geen wildebras. Zij besteedde veel tijd aan volleybal op wedstrijdniveau.

Na haar afstuderen kwam de civiel juriste moeilijk aan de bak. ‘Ze was nog te jong en had geen werkervaring’, herinnert Ramon Thunnissen zich. De Belastingdienst bood haar wel een baan aan. Zij mocht zich op kosten van de dienst bekwamen in het fiscaal recht, maar verplichtte zich meteen om in 1977 aan te treden als inspecteur der directe belastingen.

Toen de eerste van de drie kinderen zich aandiende, zaten de inspecteur en haar man, inmiddels advocaat, samen op de bank. Het volgende gesprek ontrolde zich: ‘Hou jij op met werken?’ ‘Nee, jij?’ ‘Nee.’

De uitkomst was dat beiden in deeltijd verder zouden gaan. Maar dat betekende niet dat op werktijd werd bezuinigd. Inmiddels bestierden ze in hun woonplaats Leiderdorp samen de PvdA. Zij was voorzitter van het bestuur, volgens haar man gedreven door een authentieke liefde voor de publieke zaak. ‘Ze is geen revolutionair, maar een realist die de wereld wil verbeteren.’

Ramon Thunnissen zelf was fractievoorzitter. Een echtpaar in die dubbelrol kán, zegt Ramon Thunissen. Hij zegt dat ze zich niet met elkaars positie bemoeiden. ‘Daar staat een schot tussen. Je kijkt er voor uit dat het geen nepotisme wordt.’

Professioneel
Partijgenoten zagen ook geen probleem. Volgens Fred van der Vos, bestuurssecretaris, ging het koppel heel professioneel om met de dubbelfunctie. Hij vond en vindt het ‘bewonderenswaardig’ dat Jenny Thunnissen met ‘zo’n dijk van een baan’ zich toch wilde inzetten voor de lokale politiek.

Ook politiek opponent Hugo Langenberg van Liberaal Leiderdorp kon leven met de Thunnissens. Hij herinnert zich dat Thunnissen haar baas Gerrit Zalm naar Leiderdorp haalde voor een discussieavond over gemeentelijke belastingen. Secretaris Van der Vos: ‘Met die twee bij elkaar krijg je echt lachsalvo’s in de zaal. Als je haar ziet, denk je, wat een rustige vrouw. Maar ze is heel scherp en heeft veel humor. Ze kan allercharmantst zijn, ook als het gaat om delegeren.’

Thunnissen heeft nog meer nevenfuncties. Zij is bijvoorbeeld toezichthouder bij de Zuid-Hollandse ziekenhuisgroep Reinier de Graaf, een positie waarvoor ze werd gevraagd door Saskia Stuiveling van de Algemene Rekenkamer. Mede-toezichthouder Robert Dupuis mag Thunnissen graag, maar moest wel even wennen. ‘Eerst denk je, hè, wat is dat? Ze kwam een beetje slonzig-nonchalant over. Maar ze was snel thuis in de complexe financiële materie rond ziekenhuizen.’ Huisarts Dupuis kent haar als ‘heel strikt en formeel in discussies over wat ziekenhuizen op commerciële basis zouden kunnen doen. Daar is ze heel, heel voorzichtig in.’ Echtgenoot Ramon wil nog wel wat rechtzetten over haar kledingkeuze. ‘Ik vind dat ze zich verschrikkelijk leuk kleedt. Zij houdt vooral van Scandinavische mode.’

Scandinavië
Scandinavië heeft sowieso een grote aantrekkingskracht op het paar. In de vakantie trekken de Thunnissens per Toyota Prius naar het hoge Noorden. Ondanks hun beider inkomens wordt daar nog steeds een tent uitgevouwen, een kloeke Papegaaiduiker van tentenmaker De Waard. Hun drie kinderen, die allen Scandinavische voornamen hebben, gaan al een tijd niet meer mee.

De oudste zoon, 28 jaar en jurist, werkt bij het ministerie van Financiën. De 26-jarige dochter, sociologe, werkt bij het College voor Arbeidszaken van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. De jongste, een zoon van 24, is bijna klaar met zijn rechtenstudie.

Vanaf het moment dat de kinderen meer op zichzelf kwamen te staan, ging het crescendo met Thunnissens loopbaan. ‘Ze heeft heel snel carrière gemaakt, in een hele korte periode van directeur tot directeur-generaal’, zegt Helma Neppérus. Zij werkte tot 2004 onder Thunnissen, en zit nu voor de VVD in de Tweede Kamer. ‘Ik geloof niet dat dat tot afgunst heeft geleid: er waren niet veel andere kandidaten.’

Politieke gevoel
Onder Thunnissens leiding, na 2000, belandde de Belastingdienst in woeliger vaarwater. Een nieuwe wet op de inkomstenbelasting moest worden ingevoerd. Iedere dag liep Neppérus naar de krantenkiosk om De Telegraaf te kopen. Een ideetje van de ‘DG’ en staatssecretaris Wouter Bos: kijken hoe de nieuwe wet valt bij de bevolking. ‘Het is tekenend voor haar politieke gevoel’, zegt Neppérus.

Intussen werd verder gewerkt aan een ingrijpende reorganisatie. De belastingambtenaren werkten tot dan toe langs de lijnen van de verschillende belastingsoorten: inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting. ‘Geen advieskantoor was meer zo georganiseerd’, zegt Neppérus. ‘Er was intern brede overeenstemming dat het anders moest.’

Het reorganisatieplan ademde vooral de geest van Thunnissen. In een advertentie van de dienst zei ze erover: ‘Voor die tijd stuurde de DG samen met een aantal directeuren alle eenheden aan. Dat leidde tot een kloof tussen de directie en ons personeel. De dienst draait nu op collegiaal management tussen gelijkwaardige collega’s: horizontaal management.’

De nieuwe organisatievorm paste in haar tamelijk optimistische mensbeeld. Iedereen verdiende een kans en kon zichzelf verbeteren. Thunnissen: ‘Feitelijk heb ik mezelf opgeheven. (...) Nu geven ook de mensen die midden in de praktijk staan het beleid vorm.’

Vol vuur
Zij heeft de tent vol vuur haar kant op geduwd, zegt Ruud Kuin, bestuurder bij de vakbond AbvaKabo. ‘Waar Thunnissen komt, weet ze medewerkers ervan te overtuigen dat haar lijn de goede is. Maar die overtuiging sijpelt weg als de mensen worden geconfronteerd met alledaagse problemen.’

Met de reorganisatie heeft Thunnissen heel veel energie losgemaakt, zegt hoogleraar Happé. ‘Maar het heeft ook veel onzekerheid gecreëerd. De vraag is of dit werkmodel hanteerbaar is op alle niveaus. Niet iedereen is zo sterk als zij. Veel mensen hebben nu eenmaal de behoefte aan iemand die de beslissingen neemt.’

Neppérus zag de verandering van dichtbij. ‘Er was gemopper, vooral van mensen die hun status in gevaar zagen komen.’ Problemen zag zij vooral op de kantoren. ‘Daar zag je dat mensen er moeite mee hadden.’

Was de reorganisatie al ingrijpend, er kwam nog meer op de dienst af. Er moest worden bezuinigd, terwijl er in hoog tempo nieuwe taken bij kwamen – voor een groot deel werk, dat volledig vreemd was voor de inningsmachine van de Belastingdienst. De gevolgen daarvan zijn onderschat, zegt Neppérus. ‘Daar mag je de baas op aankijken, maar vooral de politiek.’

Partijgenoot Dezentjé voelt zich niet aangesproken: ‘Altijd was er het geluid dat het kon. Wat moet je dan als Tweede Kamer?’ Vakbondsman Kuin: ‘Ze heeft zich door de politiek laten ringeloren en te veel hooi op haar vork genomen. Zij had op dat moment voor haar mensen moeten gaan staan.’

Kritiek
Terwijl de problemen zich opstapelden, nam ook de kritiek toe. In een opiniestuk in NRC Handelsblad stelde hoogleraar forensische accountancy Marcel Pheijffer (ex-FIOD) voor om de top van de Belastingdienst aan te pakken. Over Thunnissen schreef hij: ‘Haar trackrecord is er niet één om trots op te zijn.’

De politieke leiding op Financiën heeft vooralsnog het volste vertrouwen in haar, en heeft haar steeds verzocht langer aan te blijven dan de gebruikelijke vijf jaar. OR-voorzitter Heijnis: ‘Geen staatssecretaris durft het zonder haar aan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden