Beknelde dokters

Het advies van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg om de verantwoordelijkheden van artsen over te hevelen naar verpleegkundigen, mondhygiënisten en fysiotherapeuten, biedt geen structurele oplossing voor de knelpunten in de zorg.

De aanbevelingen van de RVZ om nodeloze verwijsbriefjes en herhalingsrecepten te schrappen, assistenten en verpleegkundigen meer behandelingsbevoegdheden te geven en routinematige taken uit te besteden, kunnen zeker verlichting brengen. Maar belangrijker is het herstel van de status van de arts als werkelijk autonome beroepsbeoefenaar.

Terwijl de vraag naar zorg stijgt, kampen veel artsen met overbelasting en arbeidsongeschiktheid. Huisartsen maken lange dagen. Ook de avond- en weekenddiensten drukken zwaar, hoewel de inrichting van huisartsenposten enig soelaas heeft geboden.

De status en ook het inkomen van huisartsen zijn de laatste jaren sterk gedaald. De bedrijfsvoering van hun praktijk wordt bemoeilijkt door stijgende kosten (van praktijkruimte en arbeidsongeschiktheidsverzekering) en een zwakke positie ten opzichte van overheid en zorgverzekeraars.

Het grootste probleem is echter dat artsen veel tijd kwijt zijn aan administratieve rompslomp. Ze zitten gevangen in een web van regels, voorschriften, opdrachten en tarieven. Daar moet nodig het mes in. Meer vrijheid betekent een grotere prikkel tot efficiënte bedrijfsvoering.

Het tekort aan huisartsen en specialisten is een door de overheid zelf geschapen probleem - al heeft de beroepsgroep zelf ook lange tijd geprobeerd haar eigen positie te beschermen door de toegang tot de artsenstand te bemoeilijken. Terwijl een grote groep artsen binnenkort met pensioen gaat en het aantal gegadigden voor een medische opleiding veel groter is dan het aanbod van studieplaatsen, hield de overheid jarenlang vast aan studentenstops. Daarom moet het aantal opleidingsplaatsen fors worden vergroot, terwijl de studieduur in veel gevallen kan worden bekort. Hoewel co-assistenten, artsen-in-opleiding en leerling-verpleegkundigen niet meer zo worden uitgebuit als vroeger, valt hun positie nog wel te verbeteren.

Samenwerking met collega's, paramedici en verpleegkundigen kan zeker worden gestimuleerd, maar moet niet van bovenaf worden opgelegd. Dat geldt ook voor het afsplitsen van taken. Het kan efficiënt zijn om relatief eenvoudige handelingen over te laten aan gespecialiseerde verpleegkundigen of andere paramedici. Maar de eindverantwoordelijkheid voor de diagnose, de behandeling en de medicatie moet bij de arts blijven. Voor de patiënt moet in laatste instantie altijd een arts aanspreekbaar blijven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden