verkiezingen trends per gemeente

Bekijk hier de opkomst bij provinciale en Europese verkiezingen in uw gemeente

Nederland ging in een korte tijd twee keer naar de stembus, waardoor goed te zien is hoe de opkomst stelselmatig verschilt tussen gemeenten. Bekijk hier de meest opvallende landelijke patronen en de opkomst in uw eigen gemeente bij de recente verkiezingen voor de provinciale staten en het Europees Parlement.

Johanna Inkhoorn (r) en Griet Molenaar stemmen in het Volendamse centrum St. Jozef. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

1 Hogere opkomst bij hoger inkomen

In gemeenten waar de inwoners gemiddeld een hoog inkomen hebben, was de opkomst bij beide verkiezingen veel hoger. De hoogste opkomst voor het Europees Parlement (ongeveer 60 procent) werd bereikt in gemeenten als Oegstgeest, Bloemendaal, Heemstede en Bunnik waar het doorsnee vrij besteedbaar inkomen per persoon 30 tot 35 duizend euro bedraagt. Ter vergelijking: in gemeenten als Delfzijl en Pekela, waar het doorsnee vrij besteedbaar inkomen onder de 25 duizend euro ligt, was de opkomst nauwelijks 30 procent.

Eenzelfde relatie is te zien bij uitkeringen: hoe meer inwoners van een gemeente een arbeidsongeschiktheidsuitkering, WW of bijstand ontvangen, hoe lager de opkomst.

2 Hogere opkomst bij hogere opleiding

Hoe hoger het gemiddelde opleidingsniveau, hoe hoger de opkomst bij de verkiezingen. Bij de Europese verkiezingen, waar studentensteden zich relatief sterk doen gelden, is dat effect nog sterker. Als meer dan 1 procent van de inwoners in een gemeente studiefinanciering ontvangt, is de opkomst navenant hoger. Een hoger opleidingsniveau van werkenden hangt ook gedeeltelijk samen met de hogere inkomens hierboven.

3. De biblebelt loopt niet warm voor Europa

In de christelijke gemeenten in de zogeheten biblebelt - van Zeeland via de Veluwe tot Noord-Nederland - is de opkomst traditioneel altijd zeer hoog. Bij de provinciale verkiezingen ging tot wel driekwart van de inwoners in gemeenten als Staphorst, Urk, Neder-Betuwe, Kapelle en Tholen naar de stembus. Veelal hebben gemeenten met een hoge opkomst bij de provinciale verkiezingen ook een hoge opkomst voor het Europees Parlement, hoewel gemiddeld 14 procentpunten lager. In de biblebelt bedroeg het opkomstverschil tussen de verkiezingen ruim 20 procentpunten.

4 Linkse steden omarmen Europa 

In de linkse steden Amsterdam en Nijmegen, maar bijvoorbeeld ook in Haarlem, Vaals en Diemen, was er in verhouding juist opmerkelijk veel interesse voor de Europese verkiezingen. De opkomst lag in deze gemeenten dicht bij die van de provinciale verkiezingen.

5. Rucphen heeft veruit de laagste opkomst

Al sinds jaar en dag is de opkomst in het Brabantse Rucphen veruit de laagste van het land, zo ook bij de afgelopen provinciale en Europese verkiezingen. Voor het Europees Parlement ging slechts 26,3 procent van de kiezers naar de stembus. FvD werd de grootste partij met eenvijfde van de stemmen; bij de provinciale verkiezingen won de PVV nog met eenderde van de stemmen. De opkomst is lager dan je zou verwachten op basis van het inkomen en opleidingsniveau, in tegenstelling tot Rotterdam waar de lage opkomst verklaard wordt door het lage gemiddelde inkomen.

6. Valkenburg gedraagt zich als de gemiddelde Nederlander

Ondanks het relatief hoge aantal inwoners met een Duitse of Belgische migratieachtergrond volgt het Limburgse Valkenburg aan de Geul trouw het landelijke gemiddelde: bij de provinciale verkiezingen bedroeg de opkomst exact het landelijk gemiddelde van 56,1 procent, bij de Europese verkiezingen lag de opkomst een minieme 0,2 procentpunt hoger.

Bekijk hier hoe hoog de opkomst in uw gemeente was:

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden