Beeldmerk brood

Hoe een fenomeen onophoudelijk bouwt aan zijn imago, daar doet het fotoboek 'Brood' verslag van. In bed met een sekspop of stoned op de wc: niet de mens, de musicus of de kunstenaar Herman Brood openbaart zich....

Het boek is een eerbetoon aan een fenomeen. Hij wordt er op geen enkele manier als musicus en schilder in geïntroduceerd, geen letter is er gewijd aan zijn leven en werk. Alleen het beeld spreekt, en dat is voldoende. Het boek heet ook eenvoudig brood, meer is niet nodig.

De verschillende letters van die merknaam, gelicht uit zijn eigen handschrift, vormen binnenin weer de markering van de hoofstukken. En die geven geen verandering aan van thema of tijdsvak, van andere paden die het fenomeen insloeg of van aspecten van het verschijnsel die uitgelicht worden. De markeringen zijn louter grafisch, adempauzes in een turbelentie, als om aan te geven dat dit leven ondeelbaar is en in al zijn facetten gewijd aan het fenomeen zelf.

In die zin is het boek geen biografie in beelden, ook geen verantwoording van een leven, maar eerder - en dat is het fascinerende - een verslag van een over tientallen jaren heen, tot en met de aard van zijn dood, zorgvuldig geregisseerde opbouw van een imago.

Natuurlijk ligt het eraan dat het om een boek gaat met werk van 59 verschillende fotografen, die zich 84 maal op Herman Brood richtten, en dat over een periode van zo'n jaar of dertig heen, waardoor een verantwoording nemende afstand ontbreekt. De tijd was ook nog te kort om tot een beschouwende afweging, tot een documentaire, te komen. Het was ook de doelstelling niet - brood is een tribuut, een boek als een videoclip van een leven als een clip, gemonteerd met de snelheid van een clip, razend heen en weer schietend tussen toen en nu, tussen podium en pose, werkelijkheid en fictie.

En zo zien we hem, trots, met dichtgeslagen oog na een 'ruzie met m'n meissie'; dronken, stoned, ver heen; met een blonde del in bad in het bordeel Yab Yum; in de tram met een beregende aktentas op schoot als een ambtenaar op weg naar zijn werk (een muurschildering maken in Eindhoven); op een brits in een bajescel; in bed met een sekspop; een shotje zettend op de wc, en ga zo maar door, de hele levensweg langs, on the road, van een rock 'n' roll-hero. En zo krijgen we ook die andere kant van zijn leven voorgeschoteld, van de schilder-actionpainter in zijn atelier; als straattekenaar in het Vondelpark; wijdbeens met een spuitbus in de hand gebogen over een doek als de reïncarnatie van drippainter Jackson Pollock; en zien we die beide levens weer mooi samenvloeien in een beeld (voor Playboy) van schilder en naaktmodel.

Alle aspecten van zijn persoon en stardom - de glamour en het lijden, het koketteren met groupies en coke, het eeuwig balanceren op het scherp van de snede - flitsen langs en doen zich niet zozeer voor als verhalen uit een leven, maar als elementen van dat zorgvuldig vormgegeven beeldmerk, van een leven als een clip. In het begin zijn er, in zijn poses, nog verwijzingen te vinden naar droombeelden van grote richtinggevers als Elvis Presley, The King en James Deam, de rebel without a cause, maar die zie je later nooit meer. Brood heeft zich van dweepziekte en leergangers bevrijd, en probeert, in de boetsering van zichzelf, voortaan het ultieme te bereiken - zelf een onnavolgbaar voorbeeld te zijn.

Een deel van de foto's uit dit dubbelbeeld van Broods leven is nog documentair, verslaggevend en verhalend van een werkelijkheid. Maar dan is er, in brood, nog een derde levenssfeer te vinden, in studiofoto's en geënsceneerde taferelen. Hier wordt die geboetseerde werkelijkheid tot realiteit verheven, tot dat beeldmerk van zijn surrealisme.

Veel van die foto's moeten ooit in opdracht zijn gemaakt, van kranten en muziekbladen tot Playboy toe. De fotografen zochten in Herman Brood niet, zie je in hun schetsen van een leven, de mens. Ze zochten dat fenomeen, dat zich op zijn beurt daar welgevallig naar liet plooien, sterker nog, actief mee-regisseerde. Tussen fotograaf en model smolt de afstand weg, ze stelden zich eendrachtig samen in dienst van dat hogere doel.

Zo is brood tegelijk een eerbetoon aan een fenomeen en de ontrafeling ervan. Tot rockheld en -legende hebben leven en dood Brood gebracht, zoals de King en de rebel voor hem. Hij heeft het manhaftig geprobeerd, zien we, en volhardend consequent, maar een hele levenssfeer tot surrealisme verheffen, is alleen aan Salvador Dalí beschoren geweest.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden