Beelden als handgranaten Afdaling in de hel van de Chapman-broertjes

In de jaren dat ze nu samenwerken hebben ze hun publiek getart, geschokt, en een enkeling aan het lachen gemaakt....

LUCETTE TER BORG

GEEN VERLANGLIJSTJE voor je verjaardag, maar een manifest vol haat, gal en geil sadisme. 'Ik wil zout wrijven in jullie minderwaardigheidscomplex, dat ego van jullie in je gezicht kapot slaan, jullie ogen uit hun kassen lepelen, en pissen in de lege gaten.' Twee jaar geleden was dit: de BBC presenteerde de Britse kunstenaars Jake en Dinos Chapman aan een breed publiek. De twee broers maakten voor de gelegenheid een nieuwe 'mannequin' voor de slaapkamer van een popster: een levensgrote kinderpop van kunsthars, met drie benen, en een piemel in plaats van een neus. Het was eigenlijk wel een lief ding, vergeleken met die uitspraken.

Dan, een pre-oedipaal bakerrijm over vaders en moeders die het eren niet (en misschien daarom juist wel) waard zijn. 'Mirror, Mirror on the Floor, yer Dad's a Prick, yer Mum's a Whore'. Je hoeft niet ver van huis te gaan, om de rolmodellen voor dit rijmpje te vinden. Kijk, daar zijn ze al, 'Mummy and Daddy Chapman', twee poppen die te veel bij seksshops hebben gewinkeld. Van beiden is het lichaam veranderd in een akker van geslachten. Op handen, benen, buiken en gezichten: overal steken penissen en vagina's de kop op. En oh ja, vadertje Chapman is onthoofd. Dat hoofd hebben de twee broers opgestuurd naar een Italiaanse galeriehouder, die weigerde hun werk te tonen.

Jake en Dinos Chapman zijn een kunstenaars-duo sinds 1991. Dat bezorgt hen plezier, voortdurende discussie en bovendien: wat ze individueel maken, is 'rotzooi', zeggen ze zelf. De twee zijn wereldberoemd, behoren met Damien Hirst tot de succesvolste Young British Artists van de afgelopen vijftien jaar. Jake (32) is de jongste van de twee, en misschien wel de meest ongeremde, Dinos (37) is de oudste, de zegsman voor publiek. Hij lacht waarschuwend: 'We zijn een hype, een paar jaar geleden door Saatchi gecreëerd. In werkelijkheid zijn we saaie kunstenaars die saai werk maken.'

In de ruim zeven jaar dat ze samenzijn hebben ze telkens weer kijkers getart, geschokt, en een enkeling in lachen doen uitbarsten. Ze paren de wrede ironie van Malcolm McDowell in A Clockwork Orange aan de geile moordzucht in Boris Vians boek Ik zal spuwen op jullie graf. En dat larderen ze met grapjes, waarmee ze zichzelf steeds ondergraven.

De poppen, de 'mannequins', zoals zij ze noemen, zijn hun handelsmerk geworden. Op hen laten ze al hun fantasie en scheppingsdrift los. Er zijn er met twee hoofden, vier benen, twintig piemels en vagina's. Er zijn er die aan elkaar zijn gegroeid met de rug, die hoofden hebben groeien uit hun anus of een vreugdeloze vrijpartij beleven. Ze zijn jong, hebben het aanzien van onschuldige kinderen, en hun styling is smetteloos. Dat zijn de genetische 'misfits', die de Chapmans in paradijselijke tuinen laten spelen.

De andere 'misfits' die de Chapmans ten tonele voeren, zijn niet geboren, maar door mensenhanden vernield. Great Deeds against the Dead is een driedimensionaal gruweltableau, letterlijk nagemaakt van Goya's reeks De verschrikkingen van de Oorlog. Dus hangen de restanten van een levensgroot bloederig lijk in een boom, als zwerfvuil dat is blijven steken in de takken. En de ondersteboven opgehangen Cybericonic Man is op walgelijke wijze gemarteld, zoals de 'honderd-wonden'-Chinees in werkelijkheid gemarteld werd (zie Bataille, Tranen van Eros).

Saai, de Chapmans?

Anderhalf uur duurt de tocht van St. Pancras naar het atelier van de Chapmans in 'arm' zuidoost-Londen. Het is overstappen en overstappen en nog een flink eind lopen naar Olmar Street. Onderweg denk ik aan de thema's die de Chapmans nog niet in hun werk hebben vertaald. Wie uit is op effect en sensatie - zoals critici van de gebroeders beweren - heeft nog een wereld te ontdekken. Waar blijft hun aanval op het religieuze establishment, waar blijft de seks met kinderen en dieren, waar de aanval op de democratie als samenlevingsvorm?

De trap is een tapijt van stof. Via de houtzagerij beneden - 'hard bonken anders worden ze niet wakker' - kom je in de werf van 'Chapmans Fine Arts'. Hell staat er op de muur. Niemand te zien, behalve een tweekoppige pop met piemels, een 'fuckface' onder plastic, bergen kunststof ledematen, tientallen speelgoedsoldaatjes en iets wat lijkt op een modelspoorbaan. Als je dichterbij komt, blijkt het groen, zwart, grijs, bruin en bloedrood, en het spoorlandschap een concentratiekamp met wachttorens, prikkeldraad en lijkenbergen. Hier beleven SS-officieren hun Auschwitz, hier zijn de beulen en moordenaars de genetisch gemanipuleerde 'misfits'.

Daar komt Dinos. Smal en mager en zachtjes sprekend. 'Jake verhuist en is er niet', zegt hij verontschuldigend. 'En dit wordt Hell', zegt hij trots en haalt het concentratiekamp onder het plastic uit. Hel is nog niet klaar. We zien hier slechts één-achtste van het geheel. Al die stukken landschap zullen volgend jaar worden samengevoegd tot een gigantische omgekeerde swastika, met een vulkaan in het midden, een vernielde Akropolis aan de ene, en het concentratiekamp aan de andere kant.

'De nazi's worden door genetisch gemuteerde superwezens vermoord', zegt Dinos. 'Deze wezens kennen geen verantwoordelijkheid, geen moreel besef. Ze zijn ooit in nazi-Duitsland gemaakt, en keren nu terug om hun pappie en mammie te elimineren.' Vergelijk het met Dantes Divina Commedia, maar dan omgekeerd. Na het Paradijs volgt geen loutering, maar een eeuwig Inferno.

Begin 2000 moet Hell voltooid zijn en aan het publiek worden getoond. 'We willen het werk met opzet niet aan het eind van het millennium tonen', zegt Dinos. 'Dan zou het lijken alsof we terugkijken, recapituleren, terwijl we willen aantonen dat er nooit een einde komt aan de spiraal van marteling en geweld.'

Hell wordt weer zorgzaam afgedekt tegen vuil en verf. We lopen naar de McDonald's, de enige tent in de buurt waar je koffie kunt drinken. Dinos betaalt graag, keer op keer. 'Ik ben een rijke kunstenaar', zegt hij.

'Hell wordt interessant, omdat het de toeschouwers dwingt met de beulen van vroeger, de SS-ers, mee te leven, als hun hoofden worden afgehakt, en als ze aan de gruwelijkste medische experimenten worden onderworpen.

'Hebben we het zo niet geleerd? Om medelijden te hebben met iedereen die lijdt? Ik vind dat een rare omkering. Het impliceert namelijk dat geweld nooit verdiend is, terwijl we ons God mag weten hoeveel honderden jaren ingespannen hebben om geweld juist alleen toe te dienen aan mensen die het zogenaamd verdíenen.

'Ik denk dat Hell zal aantonen dat wat wij progressief liberalisme noemen - de voortschrijding van wetenschap - in werkelijkheid vermomde mensenhaat is.'

Hoe dat zo?

'De wetenschap is zover dat ze genetische ziekten kan verwijderen, maar om dat te kunnen, moesten arme opsodemieters in de jaren veertig afschuwelijke experimenten ondergaan. Voor die onplezierige feiten van vroeger willen wij onze ogen niet sluiten. Wij zijn ook de erfgenamen van wat de nazi's bedachten.'

De zaktelefoon gaat. Dinos reikt naar zijn rechter jaszak. 'Hoohoo', zegt hij dan. 'Foute kant, gun pocket. Linkerzak: phone pocket. Dit is Londen', en hij mengt vier tinnetjes melk door zijn koffie.

'Wij stellen geen lijst op met issues die we aan de kaak willen stellen. Wij vallen de middenklasse, haar geloof en overtuigingen aan, met alle mogelijke middelen. Een voorbeeld: de naam voor de gemuteerde mannequins met hun piemels in hun gezicht, is Fuckface. Critici verwijten ons dat we een voorkeur hebben voor dit soort sensationele uitdrukkingen. Toch bestond deze term al veel langer in het Engels. Fuckface zeg je tegen iemand die je wilt beledigen. Wij wilden niet meer dan een driedimensionale representatie van die term maken.

Een fuckface van een volwassene is alleen maar belachelijk, onschadelijk, hij bezit geen verlangens, geen agressie. Om de belediging te compliceren, hebben we de fuckfaces onschuldige kinderlichaampjes gegeven. Want daarmee tref je de middenklasse recht in haar hart. Met iets kwetsbaars als een kind.'

Dus willen jullie vooral choqueren? Morele paniek veroorzaken?

'Nee. Niets is zo makkelijk als kijkers verontrusten. Alle kritiek op ons werk stamt uit het onvermogen van het publiek onderscheid te maken tussen bezielde en ontzielde wezens, zoals onze mannequins. Daarom zijn de discussies over ons werk bijna altijd van het niveau: ''Waarom doen jullie monsters, dat kinderen aan?'' of ''Waarom doen jullie die arme Cybericonic Man zoveel geweld aan?''

'Dat is de aller-, allerbelachelijkste vraag die je kunt stellen. Onze beelden zijn niet arm, zijn niet zielig. Het is de kijker die betekenis in een beeld legt, die toestaat dat zo'n hoop kunsthars een eigen leven leiden gaat. Dat is wat ons interesseert: wat kunstwerken bewerkstelligen.'

Maar wat hebben jullie beelden behalve verontrusting te bieden?

'Onze mannequins zijn mooi. Ze hebben positieve kenmerken: ze hebben mooie hardloopschoenen aan, hun haar is netjes gekapt, ze hebben geen rimpels, ze hebben prachtige ogen. Hun negatieve kenmerken? Ze hebben een piemel midden in hun gezicht. Maar daarmee worden het nog geen modellen van mismaaktheid. Het zijn geen menselijke wezens, ze hebben geen genetische overeenkomsten met ons, ze staan in geen relatie tot ons, normaal ongepolijste wezens.'

De schoonheid die jullie bieden is een artificiële. Ze kapt af, laat geen ruimte voor verbeelding, ze is niet harmonieus.

'Ja. Maar dat zijn kenmerken van kunst waarvan ons is aangepraat dat ze bij kunst zouden horen. Neem de late, haast abstracte schilderijen van Monet, of het werk van Mark Rothko. Er is een enorme inspanning voor nodig om bij die doeken een gevoel van harmonie te krijgen. Daarvoor is kennis van de kunstgeschiedenis nodig en van moderne kunst. Je staat niet tegenover een Rothko en krijgt spontaan dat diepe, oceanische gevoel, dat je bij een Rothko wordt verondersteld te voelen. Dat gevoel is aangeleerd. Alle kunst is aangeleerd, alles in kunst is pavloviaans.

'Het beste bewijs daarvan is dit: als mensen naar een tentoonstelling van ons in een museum gaan en daar beledigd en woedend worden over wat ze zien, dan betekent dat voor ons dat ze een museum bezoeken met vooropgezette ideeën over wat ze daar te zien krijgen. Wij beschouwen onze beelden als artistieke handgranaten. Zet die op strategische plaatsen in musea neer, zodat het publiek in z'n tred wordt gestopt en zegt: dit is interessant, dit kunstwerk zorgt ervoor dat ik heel anders naar de rest van de kunst in het museum kijk. Maar dat doet men niet. Men krijst alleen maar.

'Ons werk valt het idee aan dat kunst troostend en hoopgevend moet zijn, en vooruitgang moet boeken. Ons werk maakt korte metten met de notie dat volwassenen rationele beslissingen nemen, dat we het geweld uit onze samenleving kunnen verbannen, of dat we verantwoordelijke wezens zouden zijn, die zich werkelijk bekommeren om het voortbestaan van onze planeet.

'De menselijke soort is een virus dat zich over de aarde verspreid heeft, zonder zich te bekommeren om het heil van deze planeet. Wij geloven in niets. Behalve in wetenschap en in kunst. En dat is tragisch, nietwaar?'

Nieuw werk van Jake en Dinos Chapman. Galerie Torch, Lauriergracht 94, Amsterdam. 30 januari t/m 27 februari. Do t/m za 14-18u.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden