Bart Moeyaert en zijn broers

De Vlaamse schrijver Bart Moeyaert (1964) wordt even lief gelezen door kinderen als door volwassenen. Reden waarom de auteur en zijn uitgever Querido ervan hebben afgezien, zijn nieuwe titel Broere (127 pagina's, met vignetten van Gerda Dendooven, fl 28,50) als kinderboek te afficheren: het boek ligt in álle boekhandels....

De ondertitel luidt: 'de oudste de stilste de echtste de verste de liefste de snelste en ik'. De laatste moet Bart zijn, de anderen worden in de opdracht genoemd: 'voor Jos, Marc, Rik, Jan, Pat, Paul en de koning zaliger'. Want ja, ook koning Boudewijn speelt een gastrolletje in de gebundelde herinneringen van Bart, de jongste telg uit het katholieke Moeyaert-nest.

De jongste, die dus nooit eerste was bij snelheidsspelletjes, en die raar werd aangekeken als hij woorden van drie lettergrepen uitsprak, doet alsnog een boekje open. En bewijst overtuigend, dat ook een gelukkige jeugd een goudmijn kan zijn voor een schrijver.

Ruim dertig kleine belevenissen diept Moeyaert op, stuk voor stuk illustrerend dat het aanwenden van de verbeelding het dagelijks leven glans en plezier kan geven. Als vader pijprookte en een blauw kamertje van rook rond zich optrok, zat hij volgens moeder 'te studeren'. Typisch, dachten de broers, van wie er één meteen dit geheim wilde doorgronden, met een pijp gemaakt van een uitgeholde kastanje waarin een lege balpenkoker. Tabaksprop erin, en lurken maar. De rokende broer verdween prompt afwezig in nevelen. Zodat de andere zes nog niets wisten.

Ze testen ook groepsgewijs of je koorts opdoet door uien onder je oksels te steken, begrijpen kortstondig de waarheid van moeders adagium dat langzaam eten veel lekkerder is, en zitten met zijn allen te beven in de bioscoop. Niet omdat de film zo spannend is, maar omdat ze alvorens het huis te verlaten niet hebben gecontroleerd of het vuur onder de ketel wel uit was. 'In ons hoofd was de film van de jongens en het vuur aan de gang.'

Subtiel wordt de vergeetachtigheid en het naderende einde van Memee (de grootmoeder) beschreven, zonder tromgeroffel of sentiment. Ze volgen hoe Memee naar de rommella stommelt, en 'mopperde boven het rinkelende metaal en de tikkende houtjes en knopen. Af en toe viel er een vloek in de la'.

In het stukje 'Uitvindingen' wordt er broederlijk gebroed op een uitvinding die de mensheid tot eeuwig nut zou kunnen zijn. Let wel: een ding dat niet al bestond. De zes oudere broers piekeren zich suf, maar komen er niet uit. De jongste begrijpt heimelijk niet waar ze mee kampen. Hij droomt van iets dat 'de mensen deed glimlachen, en tot mijn verbazing was die uitvinding hoger dan de bomen en groter dan de wei en de bossen eromheen. (. . .) Ik was de enige die om zich heen keek, en van alles ontdekte en daar een liedje bij floot'. Met opmerkingsgave, verbeelding en stijl is het mooi liedjes fluiten - zo laat Moeyaert met Broere zien. En ook horen, op de bijgeleverde cd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden