Bakkerslogo en pop (Gerectificeerd)

Japanologen schijnen haar te beschouwen als een onbelangrijke voetnoot in de geschiedenis van de Nederlands-Japanse betrekkingen. Maar Ren. Bersma, voormalig Canadees diplomaat, Nederlander van geboorte en gehuwd met een Japanse, is het daar niet mee eens....

Titia Cock Blomhoff, in Leeuwarden geboren als Titia Bergsma, woonde in 1817 bijna driealve maand als eerste westerse vrouw in Japan, op de Nederlandse handelspost Decima bij Nagasaki, waarvan haar man Jan Cock Blomhoff tot 1823 het opperhoofd was. Haar verblijf was in strijd met de Japanse regels. De toenmalige shogun in Yedo (Tokio) bedreef een bijna twee eeuwen oude politiek van isolationisme (sakoku): buitenlanders werden in Japan niet getolereerd, kooplieden wel, maar zeer beperkt. Jan Cock Blomhoff mocht dus blijven. Titia niet.

Op 28 september 1817 kreeg ze officieel te horen dat ze samen met haar anderhalf jaar oude zoontje Johannes Japan moest verlaten. Op 6 december vertrok ze uit de haven van Decima naar Batavia, om vier maanden later door te reizen naar Nederland. Ze had voor de laatste keer afscheid genomen van haar man, die ze nooit meer terug zou zien.

Is Titia een onbelangrijke voetnoot in de geschiedenis? Het is maar hoe je het bekijkt. In Japan leeft ze nog steeds voort, schrijft Bersma, een verre nazaat van de Titia-Bergsma's, in zijn boek Titia, een geschiedschrijving en eerbetoon aan de vrouw die via Den Haag en Batavia haar man doelbewust vergezelde naar zijn hoge post op het kunstmatig aangelegde eilandje Decima.

Titia, voert Bersma aan, staat samen met haar man nog altijd afgebeeld op het logo van de oudste (1681) en nationaal bekende banketbakkerij Sooken in Nagasaki, haar beeltenis wordt nog steeds gebruikt voor de zogenoemde koga-ningyopoppen die in het plaatsje Nakazato, even buiten Nagasaki, van klei worden gemaakt, tijdens haar kortstondige verblijf op Decima hebben schilders uit Nagasaki maar liefst vijfhonderd schilderijen van haar gemaakt, en tot 35 jaar na haar vertrek is zij bepalend geweest voor het beeld dat de Japanners van de westerse vrouw hadden (in 1817 hadden ze nooit eerder een westerse vrouw gezien).

In zijn boek, dat volledig is gebaseerd op historische documenten en oude kunstvoorwerpen, beschrijft Bersma, soms tot in de kleinste details, het leven van Titia, de loopbaan van haar man als Nederlands militair en diplomaat, zijn vriendschappelijke relatie met de zoon (de latere koning Willem I) van stadhouder Willem V, de invloed van Napoleon en van de Engelse annexatie van Java op de Nederlandse handel in het Verre Oosten, Blomhoffs twist met de Engelsen over de handelsvoorwaarden in Japan, de omstandigheden aan boord van de schepen waarmee de Blomhoffs hun verre reizen maakten, hun verblijf in Batavia, hun contacten met de Japanners op Decima, de bijna mythische proporties die Titia en haar kindermeisje Petronella in Japanse ogen aannamen, en de laatste, riskante poging van Titia om in een heimelijk geschreven brief aan de gouverneur van Nagasaki haar verblijf op Decima alsnog veilig te stellen.

Het resultaat is een - met mooie prenten verluchte - bijzondere kroniek, die bijzonder genoeg lijkt om de status van een onbelangrijke voetnoot in de geschiedenis van de Nederlands-Japanse betrekkingen te ontstijgen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden