Badminton vergroot financiële ruimte

Badminton..

Almere Achteraf gezien beseft Martijn van Dooremalen dat het niet eens zijn moeilijkste klus is geweest. Begin dit jaar had hij de stoute schoenen aangetrokken en geïnformeerd of Yonex interesse had in het sponsorschap van de badmintonbond. En ja, van het een kwam het ander.

Opgelucht stelt de technisch directeur vast dat het topsportprogramma is veiliggesteld dankzij het miljoenencontract met de Japanse sportartikelenfabrikant.

‘De Japanners waren gecharmeerd van ons concept,’ zegt Van Dooremalen. ‘We vroegen geen geld om het geld, we zochten partners om onze sportieve ambities te realiseren. Zoiets hadden ze niet eerder meegemaakt. Nederland is een klein land, maar we hebben de afgelopen 20 jaar wel uitzonderlijke prestaties geleverd. Zij kunnen ons verder helpen.’

Voor het NOC*NSF is badminton een lastige sport, weet hij. ‘Omdat badmintonners altijd tegen een Aziatische overmacht moeten opboksen. Als je mindere prestaties levert ontvang je minder subsidies. Maar de lijn van prestaties volgt altijd ups en downs. In ons beleidsplan is opgenomen dat er een geldschieter moest komen voor de tijden waarin we minder aansprekende resultaten behaalden, maar daar deed de bond niets mee.’

Tijdens de All England in Birmingham sprak Van Dooremalen daarom zelf met de Yonex-vertegenwoordiger in de Benelux. Dit gesprek vormde de basis van een zevenjarig sponsorcontract waarmee 3.2 miljoen euro is gemoeid. Het bedrag kan oplopen tot 3.6 miljoen euro als er zeer aansprekende prestaties worden geleverd.

Daarmee lijken de financiële zorgen tot het verleden te behoren. Dicky Palyama, Eric Pang, Yao Jie en Judith Meulendijks moeten nu hun deelname aan evenementen, ook in het buitenland, zelf bekostigen, omdat de NOC*NSF-vergoeding voor het voorbereidingsprogramma op de Spelen van 2012 lager uitviel dan de bond had aangenomen.

De afgelopen dagen was de top present bij de Dutch Open in Almere. Met de nieuwe inkomsten moet het mogelijk zijn de doelstellingen uit het beleidsplan te bereiken, meent Van Dooremalen. ‘We willen er bij zijn tijdens de Olympische Spelen in Londen. Daar gaat het in de sport eigenlijk alleen nog maar om. Spelers moeten op bepaalde momenten op een bepaalde plek van de wereldranglijst staan. Jonge spelers worden in het Europees circuit opgeleid om in de periode 2012-2016 zo ver te zijn.’

Problemen met spelers die de naam van een andere sponsor op hun shirt willen blijven dragen sluit Van Dooremalen niet uit. Palyama en Pang worden nu gesponsord door Carlton, Meulendijks door Forza. ‘De kwestie is simpel. Spelers hebben ambities. Wij vullen voor hen de faciliteiten in die nodig zijn om die ambities waar te maken. Als er spelers zijn die daar niet in meegaan, zeggen ze dus nee tegen de faciliteiten.’

Straks gaat Van Dooremalen met de bondscoaches Kim Young Man en Gerben Bruijstens aan tafel om het meest ideale programma voor de badmintonners op te stellen. Vroeger deed hij dat in zijn eentje.

Hij was 24 jaar bondscoach. Te lang. Daar kwam hij vorig jaar achter nadat de spelers zonder dat hij het wist een brief naar bondsvoorzitter Rob Ridder hadden gestuurd waarin ze zich voor de komst van een opvolger uitspraken.

Nu is hij technisch directeur. Hij verwacht dat er meer kansen liggen op sponsorgebied. ‘Over een paar jaar is er een evaluatiemoment. We kunnen verder komen dan nu met Yonex. Door de nationale ploeg in dezelfde outfit te brengen, zullen de kansen groter worden om ook shirtsponsors binnen te halen. Die ruimte is er.’

Yonex zal ook contracten afsluiten met meer Europese bonden, verwacht Van Dooremalen. ‘In Azië staan badmintonners onder het regime van hun nationale bond, in Europa opereren de meeste spelers als individu. Daar zal het anders niet eenvoudig zijn Olympische programma’s in elkaar te sleutelen. Badminton in Europa zal er sterker door worden. We zullen een gunstiger concurrentiepositie tegenover Azië gaan innemen. Dat is voor het mondiale badminton een geweldige impuls.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.