Backroads

Het boek 'All American' is een zwerftocht door zo'n zestien staten, coast to coast, over kleine weggetjes van motel naar motel....

De binnenkant van de omslag vormt de kaart van Amerika met daarop ingetekend de route die Barbara Dijkhuis en Auke Vleer volgden. Ze namen met hun 4wD de freeway, highway, byway, maar vooral de backroads, de B-weggetjes - coast to coast, van Los Angeles naar New York. All American is het verslag van hun reis. De nummers op de routekaart duiden de plek aan waar ze hun foto's namen en vormen tegelijk de afstand in mijlen van hun tocht, de markeringspunten van hun ervaringen.

De route, kleine weggetjes van motel naar motel, met af en toe een stop in een grote stad, geeft aan wat ze wilden zien en beleven: niet het Amerika van grote stads-ervaringen, van Los Angeles, Las Vegas, Dallas, Memphis, Princeton, Boston of New York - ze deden al die steden wel aan - of het Amerika van de beroemde nationale parken als de Grand Canyon of Hot Springs - ze kwamen erlangs -, maar het Amerika daar tussen in. Hun boek en de bijbehorende tentoonstelling vormen het portret van die enorme ruimte die tegelijk een grote leegte is, waar het leven van staat tot staat, in wisselende landschappen van planes, prairies en woestijnen, steeds van karakter verandert en de leegte van de weg alleen onderbroken wordt door af en toe een dorpje, een diner, een motel of een pompstation.

Het is het Amerika dat voor reizigers steeds weer een klassieke uitdaging is, on the road, de hobo en de beatnik achterna, al gaat het niet meer liftend met vrachtwagens of hoppend in goederenwagons maar met een cabrio of een 4wD. All American is een zwerftocht door zo'n zestien staten, uitgevoerd in de laatste maand van het jaar 2000, een Winterreise door twee klimaatzones, die aan de westkust begon in een zomerse temperatuur tegen een kerstsfeerdecor van kunstsneeuw en eindigde tussen de sneeuwscooters in een ijzig Pennsylvania.

Het beeldverslag in het boek wordt voorafgegaan door een geschreven portret van Amerika van tekstschrijver Tyler Whisnand. Zijn verhaal is het tegenbeeld van de routetekening op de landkaart, die ononderbroken kronkelende streep van kust tot kust. Zijn portret bestaat uit één ellenlange doorlopende zin van ongeveer evenveel woorden als de mijlen die Dijkhuis en Vleer aflegden. Hij schetst het land vanuit het beeld dat al een deel van je leven is voor je er een voet hebt gezet, waar je mee opgegroeid bent in films, muziek, literatuur en in de simpele symboliek van die all american-karikaturen als een flesje Coca-Cola, jeans, sneakers en Cadillacs. Geleidelijk aan gaat zijn tekst dan dieper en slaat hij, net als Dijkhuis en Vleer, de B-weggetjes van dat beeld in, naar het gewone leven van alle dag van gewone mensen.

In wisselend grote beelden en pagina's vol kleine thematische gerangschikte foto's trekken we in het boek door het land. Het zijn zo eigenlijk twee boeken ineen, van grote impressies en kleine, aanvullende details. En zo zien we een land langs rollen, ontdaan van de hectiek van de stad, dat niet veel verder kijkt dan de grenzen van eigen dorp en streek - in mensen, jong en oud en van alle kleuren, dorps- en stadsgezichten, landschappen en eindeloze luchten.

De pagina's vol kleine foto's laten beelden zien van de auto's onderweg die ze passeren, van motelkamers, langsschietende landschappen, huizen en straten, van uithangborden (Yankee Doodle Diner), logo's (Tower Motel God Bless America), verkeersborden (DIP), bioscoopreclames (Naked Angels), straathandel (Handmade Navajo Jewelry) en valse hoop (40 Overweight People Needed to lose Weight and Earn Extra Income).

Door die hele reis langs het kleine leven in dit grote land loopt een klimaatswisseling van zomer naar winter en, vanwege de tijd van het jaar, december, een gestaag stijgende kersts & sfeer, die langzaam maar zeker groteske vormen aanneemt. Het begint nog klein. Een man draagt op zijn jack gespeld een rood lint afgezet met arresleebelletjes, maar het jochie dat een slip van zijn jas pakt, speelt (vrede op aarde) met een geweertje van sloophout. Het blijft landelijk. Bij de jagers die een antiloop hebben geschoten voor het kerstdiner is de Sportman's Taxidermy aangekomen, de voorrij-viller om het beest te ontleden in een slachtschommel.

Gaandeweg wordt het almaar drukker met kerstversiering. Complete tuinen en gevels van huizen en winkels worden eraan onderworpen, met echte- en kunstsneeuwmannen, zichzelf verlichtende kunstsneeuwvlokken, lampjes in alle zuurstokkleuren, met rendieren en arresleden op de daken en de kerststal op de grond. Auto's hebben een adventskrans op de grill, en James Dean kreeg op een affiche in een dorpscafé een kerstmuts opgeprikt. De Methodistenkerk draagt er zijn boodschap mee uit (God, I will give thanks forever), maar ook (We Finance) Cricket, de tweedehands-autohandelaar.

De kerstfurie is maar een onderliggend thema in het boek en de tentoonstelling. All American is één lange aaneenschakeling van kleine fragmenten uit een verhaal dat van stad naar stad en van staat naar staat wil zeggen dat het leven op het land goed is en overzichtelijk in zijn eenvoud: een Bud en een sigaretje als het werk is gedaan, zondags naar de kerk, en op zaterdagavond naar de Owl Bar and Cafe.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden