Back to basics in Rietveldgebouwtje

Mark Manders moet hebben gedacht: ik maak voor de Biënnale van Venetië weer eens een ouderwetse expositie, met beelden in een witte, lege ruimte.

Tentoonstelling


Room with Broken Sentence van Mark Manders in het Nederlands paviljoen, in Giardini


Biënnale van Venetië, 1/6 t/m 24/11 labiennale.org


Het Nederlands paviljoen in het Giardinipark heeft er nooit zo helder uitgezien als tijdens de Biënnale van Venetië dit jaar. Licht, afgestoft en schoongemaakt alsof het gebouwtje zelf smetvrees heeft. En waarschijnlijk zoals architect Gerrit Rietveld het voor ogen stond, toen hij het ontwierp in 1953.


Eindelijk is weer eens te zien hoe magnifiek het gebouwtje is. Van de buitenkant relatief klein, maar van binnen indrukwekkend groot. Strak gebouwd volgens de zuiverste modernistische principes. Met zijn witte muren en lichte terrazzovloer. Rechthoekig van vorm. Met gefilterd bovenlicht door een ingenieus systeem van verspringende lamellen.


Wie er dit jaar voor verantwoordelijk is? De Nederlandse, in België wonende kunstenaar Mark Manders. Na een kleine competitie, tussen vier genomineerden, werd Manders de uiteindelijke winnaar en vertegenwoordiger van Nederland op de 55ste editie van de biënnale. Op voordracht van Lorenzo Benedetti, directeur van De Vleeshal in Middelburg. Beiden moeten hetzelfde in gedachten hebben gehad: maak weer eens een ouderwetse expositie, van beelden in de lege ruimte.


Zo geschiedde. De hele inrichting straalt een conventionele presentatie van kunstwerken uit. Kleine beelden op sokkels; grote op de grond. Opgetrokken uit klei, hout, metaal en gips. Een echte, stoere kunstenaarstentoonstelling. Overzichtelijk opgesteld. En gevuld met de beelden die we van Manders kennen. Ha, daar ligt het bekende vosje op de grond, met het muisje onder zijn broeksriem. En ja hoor, daar staan de al even bekende Etruskische gezichten. Verderop zie je de vertrouwde houtjes-touwtjesvoorwerpen: stukjes vurenhout, een potlood, schuurpapier, het theekopje.


Manders heeft zichzelf niet verloochend in Venetië. Gelukkig ook niet zijn poëtische karakter en de manier waarop hij een ruimte (hoe leeg ook) naar zijn hand kan zetten. Alsof het Rietveldpaviljoen een atelier is waar hij ter plekke kunstwerken aan het scheppen is, uit stukken houten en hompen klei. Mooi is hoe achter gespannen plastic vage beelden opdoemen van werken die nog in ontwikkeling zijn. Maar toch, al in een eerste vluchtige kijk begrijp je meteen de uitgangspunten die Manders en Benedetti wilden nastreven: om Nederland weer eens neer te zetten als een land waar nog steeds klassieke beelden worden gemaakt. Want dat is de afgelopen edities van de Venetiaanse biënnales wel anders geweest.


Wie herinnert zich niet de presentatie van Nederland van twee jaar geleden? Met zijn hopeloze chaos aan theater, fotografie en teksten, die naar het scheen iets met onze 'culturele infrastructuur' en de 'afbraak' van het beroemde subsidiestelsel te maken had.


Wie kan zich de enerverende videobeelden niet herinneren van Aernout Mik, die het paviljoen tot een asielzoekerscentrum maakte, in 2007? Of het amalgaam van vijf kunstenaars in 2003? Waar je landjepik kon spelen in een bak met klei en de Spaanse Alicia Framis haar kledinglijn van kogelwerende vrouwenkleding etaleerde.


Het waren tentoonstellingen die maatschappijkritisch waren, experimenteel en prikkelend van uitgangspunt. Soms wat rommelig, waarbij de architectuur van Rietveld volkomen onzichtbaar was geworden. Soms niet helemaal begrijpbaar - of verre van dat, zoals in 2011. Maar tegelijkertijd wel passend in de tijd die niet stil staat, als een poging de vinger aan de pols van de kunst en de maatschappelijke veranderingen te houden.


Voor Manders en Benedetti moet het allemaal te experimenteel zijn geweest. Terug naar de degelijkheid luidt hun devies. De oude ambachtelijkheid met een poëtische inslag. Tentoongespreid in een zee van gefilterd Rietveldlicht.


EXTRA

Paviljoen

Zestig jaar bestaat het Rietveldgebouwtje in de Giardini, het belangrijkste biënnaleterrein in Venetië. In 1953 werd het door Gerrit Rietveld (1888-1964) ontworpen, meteen gebouwd en een jaar later in gebruik genomen. Voor die tijd werd de Nederlandse afvaardiging ondergebracht in het Italiaanse en voormalige Zweedse paviljoen. Rietveld bouwde meerdere musea en tentoonstellingspaviljoens: zoals het Van Gogh Museum in Amsterdam, de Zonnehof in Amersfoort en het paviljoentje in de beeldentuin van het Kröller-Müller Museum in Otterlo. De Venetiaanse Biënnale, een tweejaarlijks overzicht van de mondiale kunst, werd opgericht in 1895 en telt dit jaar een recordaantal van 88 landenpresentaties.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden