BABES EN BOSKABOUTERS

Ze zijn 11, 12. Geen kind meer, maar ook nog geen tiener. Louis Lemaire fotografeerde de slaapkamers van bijna-pubers: 'Ik heb veel speelgoed, maar speel er nooit mee omdat ik niet kan kiezen.'..

Peter Giesen en Eva Nyst

ZIJN ZOONTJE van 12 heeft een poster van Pamela Anderson naast een afbeelding van Paulus de Boskabouter. 'Babes en boskabouters, dat is de gespleten wereld van de bijna-puber', zegt reclame- en interieurfotograaf Louis Lemaire. Hij fotografeerde de 24 kamers van 11- en 12-jarigen, op het grensvlak van 'kind en puber, van Barbie en Back Street Boys, van Lego en Tupac'. De foto's zijn vanaf zondag te zien in het ABC Architectuurcentrum in Haarlem.

'De eigen kamer is heel belangrijk voor kinderen. Het is een plek waar ze zich helemaal op hun gemak voelen', zegt Lemaire. Toch hadden de meeste Nederlandse kinderen tot voor kort geen eigen kamer. Pas door welvaart, kleinere gezinnen en centrale verwarming werd de slaapkamer, veelal met broertjes en zusjes gedeeld, veranderd in een privédomein, zo veel mogelijk naar de smaak van het kind ingericht.

De pedagoog Langeveld vond in 1953 al dat kinderen behoefte hebben aan een eigen plek. Hij noemde het zelfs een 'pedagogische opgave' om zo'n plaats te creëren. Kinderen moeten immers hun eigen identiteit kunnen ontwikkelen, aldus Langeveld.

In de jaren negentig is deze operatie geslaagd. Vrijwel elk kind heeft een eigen kamer, veelal volgestouwd met televisie, stereo en andere apparatuur. De eigen kamer is voor sommige deskundigen zelfs een probleem geworden. De Britse psychologe en media-watcher Sonia Livingstone schreef over het ontstaan van een bedroom culture. Kinderen kunnen het gezinsleven gemakkelijk ontvluchten. Ze trekken zich terug in hun eigen domein, kijken naar hun eigen tv-programma's en spelen hun eigen computerspelletjes. Het komt zelfs voor dat ouders en kinderen ieder in hun eigen kamer naar dezelfde soap zitten te kijken, aldus Livingstone.

Fotograaf Louis Lemaire is dan ook voorzichtig. 'Mijn zoon van 12 heeft geen eigen tv, want anders zou hij 24 uur per dag kijken. Ook met computeren moet je blijven opletten. Het is wel leuk, maar een beetje eenzijdig. Hoe kun je je sociale vaardigheden ontwikkelen als je alleen nog via Internet met je vriendjes praat? Je moet elkaar toch in de ogen kijken, de slappe lach krijgen of ruzie maken', zegt hij.

Maar pedagoog Karel Mulderij van de Universiteit Utrecht relativeert de gedachte dat kinderen zich al op jonge leeftijd aan het gezinsleven proberen te onttrekken. 'Ouders zeggen vaak: ''Mijn kinderen mogen zelf weten hoe ze hun kamer inrichten.'' Maar als je doorvraagt, hebben ouders een belangrijke stem. Posters zijn bijna altijd opgehangen op ooghoogte van volwassenen. Kinderkamers zijn meestal heel netjes en opgeruimd. Je komt ook zelden een kinderkamer tegen die helemaal paars is geverfd.'

Als kinderen echt de vrije hand zouden krijgen, zouden hun kamers er heel anders uitzien, denkt Mulderij. Ze zouden hutten bouwen, overal dozen neerzetten en kussens op de grond leggen. 'Het is niet voor niets dat veel kinderen buiten een geheime hut hebben, waarvan ouders het bestaan vaak niet eens kennen.'

David Lemaire (12):

'VROEGER hing ik mijn eigen tekeningen op. Die vond ik dan prachtig en ik liet ze honderd jaar hangen. Toen ik de jongerenblaadjes ging lezen, de Hitkrant enzo, heb ik ze eraf gehaald en posters opgehangen. Eén tekening hangt er nog steeds. Die is van heel lang geleden, toen was ik 4. Ik vond hem zo schattig. De poster van Demi Moore heb ik gekregen bij de videotheek. Ik moet hem opnieuw ophangen, want hij is gevallen. Echt bloot is ze niet, volgens mij.

Ik zit heel veel op mijn kamer, heel veel. ALs ik niks te doen heb, kan ik er uren muziek zitten luisteren en stripjes liggen lezen. Alleen strips, want in boeken ben ik niet zo geïnteresseerd. Mijn kleine broertje en zusje komen dan regelmatig op bezoek. Meestal ongenodigd, en dat vind ik nogal onprettig. Ze willen er graag bij zijn als ik met een vriendje of met mijn vriendinnetje op mijn kamer ben. Als ze vragen: ''Mag ik meespelen?'', zeg ik altijd nee.

Als ik ruzie met mijn broertje of zusje heb, is mijn kamer eerder een strafoord dan een toevluchtsoord. Het is niet zo dat ik bij gedoe zo nodig weg wil naar mijn kamer, zo ben ik niet. Ik denk meer van: laat hij of zij maar eens een keer naar zíjn kamer gaan. Meestal moet ik weg en daar heb ik dan geen zin in. Toch is het niet echt een straf, alleen als ze zeggen dat de radio niet aan mag en dat ik geen strips mag lezen.

Mijn zus wil graag een konijn, maar dieren op je kamer geeft mij te veel troep. Vissen, dat gaat nog net, die zijn makkelijk te verschonen. Maar als je het water niet op temperatuur brengt, word je 's ochtends wakker en dan drijft er een visje op het water. Het zijn tropische vissen, die kunnen niet tegen de kou. Als ik zelf een huis heb, wil ik graag een zeeaquarium, maar dat is heel veel werk.'

Carola Westerhuis (11):

'IK BEN begonnen met het sparen van Barbiespullen toen ik 4 was. Die boot vind ik het mooiste. Eerst was mijn behang ook nog knalroze, maar dat wilde ik niet meer. Ik vind het kinderachtig worden. Ik krijg ook al twee jaar geen Barbiespullen meer. Sommige dingetjes heb ik al onder mijn bed gezet. Je kunt een plank optillen en het er onder gooien.

Toch vind ik het wel zonde om alles weg te doen. Sommige dingen zijn heel duur geweest. Maar ik speel er nooit meer mee.

Ik speel liever buiten. Dan ga ik een stuk fietsen met een vriendin. We zijn naar het Mirandabad geweest. Of we gaan naar de Albert Cuyp-markt, daar heb je een winkel die Cars-broeken verkoopt. Ken je die? Het zijn broeken van een beetje doorzichtige stof. Onderaan de pijpen zitten touwtjes die je kunt strikken.

Als ik 35 gulden bij elkaar heb gespaard, ga ik ook een Cars-broek kopen. Mijn vriendin heeft er een van 70 gulden gekocht, maar dat zijn grotere maten. Dat vind ik meer iets voor mijn moeder. Er zijn ook plekken waar ik nog niet naar toe mag. De McDonald's in de stad bijvoorbeeld.'

Louis Lemaire heeft de kinderlijke kant van Carola's kamer gefotografeerd. Aan de andere kant is echter een nieuwe, meer puberale kamer aan het ontstaan. Een bureautje van ongeverfd hout waar ze haar huiswerk maakt. 'En het mooiste van mijn kamer, de radio die daar aan de muur hangt.

Vroeger had ik een televisie op mijn kamer. Maar ik zat 's nachts stiekem te zappen. Dan was ik moe als ik op school zat. Toen hebben mijn ouders hem weer weggehaald. Maar als ik aan het einde van groep 8 ben, krijg ik er weer eentje, denk ik.'

Soraya Traïdia (11):

'ALS IK wil spelen, ga ik naar mijn kamer. Dan loopt er niemand in de weg en kan mijn zus me niet uitlachen en zeggen: ''Ga je dat spelen?'' Op mijn kamer heb ik wel veel speelgoed, maar daar speel ik bijna nooit mee, want ik kan er niet uit kiezen.

Meestal neem ik maar twee vriendinnen mee naar mijn kamer, anders wordt het te vol. Dan kan ik er op letten dat ze niet aan mijn spullen zitten, want daar houd ik niet zo van. Ik ben ook altijd bang dat ze iets van mij meenemen.

Mijn moeder heeft dit hemelbed gemaakt. Dat is wel speciaal aan mijn kamer. Het wordt binnenkort nog specialer want dan ga ik naar de kamer hiernaast en dan krijg ik een Indische kamer. Ik wil graag een kast met schuifdeuren, waar alle niet-Indische dingen in passen.

Ik vind Indische mensen heel mooi. Die stippen die ze op hun hoofd hebben, heb ik ook. Ik heb hier een spiegeltje, dat lijkt ook Indisch. Het is een van de mooiste dingen in mijn kamer. Als ik naar de andere kamer verhuis, moet ik wel een paar dingen weggooien want ik heb veel te veel speelgoed.

Ik vind oranje en geel mooi, maar mijn lievelingskleur paars zit niet in deze kamer. Toen deze kamer geverfd werd, hield ik daar nog niet zo van, toen was ik 8 of 9. Ik houd van felle kleuren, die zitten ook in het Indische spiegeltje.

Ik wil later niet in India wonen. Misschien wel in Algerije, daar komt mijn vader vandaan. Ik vind dat een mooi land, ze hebben een mooie taal en de mensen zijn daar aardig. Er komen hier zowat elk jaar kinderen uit Algerije, omdat ze ook iets van de wereld willen zien of zoiets. Ik geef ze altijd wat mee uit mijn kamer. Ze hebben daar geen speelgoed en ik heb zo veel dingen. Mijn vader zegt een beetje dat het moet, maar ik geef zelf ook graag dingen weg. Ik vind het alleen niet leuk als ze iets van me pikken.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden