Autofellatio van de Nederlander

 

Beeld Gabriel Kousbroek

Op de vlooienmarkt in Fuseta kocht ik voor een luttel bedragje twee boeken die mij een geweldige zondag zouden bezorgen. Waar die andere God woont, van J. Rentes de Carvalho, had ik begin jaren tachtig al verslonden. Het briljant geschreven, genadeloos requisitoir (aldus Rudy Kousbroek) was toentertijd reeds de zoveelste aansporing tot ontvluchting uit mijn pokkenland.

In de hangmat herlas ik - licht bezwijmeld door sinaasappelbloesem - het meesterwerkje in ruim een uur. Mijn onwaarschijnlijke leessnelheid heb ik overigens te danken aan de cursus speed reading die ik ooit op kosten van het Arbeidsbureau volgde bij de LOI.

Ik wist destijds niet dat Waar die andere God woont was vertaald door mijn grote held August Willemsen. Zijn colleges Portugeestalige literatuur waren legendarisch. Om 9 uur 's ochtends kwam de goede man aanzeulen met flessen cachaça, limoenen, ijs en suiker en werd de Braziliaanse ziel verklaard aan de hand van een spoedcursus caipirinhas stampen. Leuker kan men alcoholisme niet maken.

Waar die andere God woont is 35 jaar later nog net zo actueel:

'Het Nederlands karakter is een mengelmoes van evenredige porties onvervalste trots, huis-tuin-en-keukenfilosofie en een argeloosheid die elders in verband gebracht wordt met zwakzinnigheid. De Nederlander vertoont een samengaan van naïviteit en verwaandheid; een menging van twee karaktertrekken die, als ze tegelijkertijd aan de oppervlakte komen, een rampzalig en onhandig mens van hem maken.'

Tot deze conclusie zou Rentes de Carvalho ook nu kunnen komen, na een avondje het pandemonium der Hollandse talkshows te hebben aanschouwd. De zelfpijperij van de Nederlander zuigt meer dan ooit, ondanks het algehele verval van het arme moederland waar Sylvana Simons doorgaat voor Coretta Scott King en Frans Timmermans voor Erasmus. Het andere boekje dat ik scoorde op de vlooienmarkt heet Een reservaat van pekelharingen (Nederlandse schrijvers over hun verre vaderland). De titel is geleend van Gerrit Komrij die Nederland een blinde vlek op de landkaart noemt: 'Als je geluk hebt kom je in het buitenland wel eens een intellectueel tegen die weet waar Nederland ligt. Tenminste, waar zo ongeveer. Ergens achter of in de buurt van Denemarken.'

Godfried Bomans, Louis Couperus, Gerard Reve, Slauerhoff en Geerten Meijsing lopen in het door Onno Blom samengestelde boek spetterend leeg op +31. Dat was genieten hoor, in mijn hangmat.

De enige smet op die fantastische zondag was de invasie van Hollands falderappes op mijn vlooienmarkt. Vluchtend, met een rugzak vol boekkies, dacht ik aan Rutger Kopland: 'Weggaan kun je beschrijven als een soort van blijven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden