Auto's van Audi 24 uur superieur op Le Mans

Voor de derde keer in successie Audi. Deze keer zelfs met drie equipes op het podium van Le Mans. Audi's sportdirecteur Wolfgang Ulrich had het aangekondigd: 'We willen de beker graag houden.'..

Van onze verslaggever Henk Strabbing

Dat mag van de Automobile Club de l'Ouest pas na drie opeenvolgende merkzeges. Het plaatste Audi zondagmiddag om vier uur in een roemruchte reeks autofabrieken: Bentley, Ferrari, Matra en Porsche. Het was ook voor Frank Biela, Tom Kristensen en Emmanuele Pirro de derde overwinning op rij. Voor de Deen Kristensen zelfs de vierde (1997 met Porsche) in totaal.

Geen moment kwam een van de andere teams ook maar in de buurt van de Duitsers, als vanouds perfect gemanaged door ex-coureur Reinhold Joest. Bentley, waarvan vorig jaar de comeback en de derde podiumplek hartstochtelijk was toegejuicht, kwam nu niet verder dan vierde. De Britten deden ditmaal met slechts één auto mee.

Maar ook hier ging het eigenlijk om een Audi-succes, omdat beide merken tot het Volkswagenconcern behoren en de krachtbron in de Bentley nauwelijks afwijkt van de winnende Audi-motor.

De basis van de Audi-victorie werd gelegd door ex-formule-1-coureur Johnny Herbert die met een merkwaardig lange 'stint' van meer dan drie uur (globaal twee keer de lengte van een Grand Prix) al meteen een respectabele afstand trok van de rest. Alleen lekke banden leken de Audi's dit etmaal te kunnen tegenhouden. Al in de opwarmronde reed de derde fabrieks-Audi plat.

Maar Peter Krumm werkte zich binnen enkele tientallen ronden van de allerlaatste naar de derde plaats terug. Ook de wagens van Herbert-Pescatori-Capelli en Biela-Kristensen-Pirro moesten grote delen van een ronde afhobbelen met kapot rubber. De buffer met de achtervolgers was te groot.

De teamstrategie, jammer, maar waar, liet geen onderlinge strijd toe. Zoals zo vaak in Le Mans was het de laatste uurtjes wachten op uitvallers aan de top. En die kwamen er weer niet. Ze zijn er vrijwel nooit. Een racemotor die twintig uur in vol bedrijf is, kan de laatste vier uurtjes ook nog wel aan met een rijder aan boord die goed op de toerenteller let.

Dat was ook het geval bij 'Racing for Holland'. Jan Lammers, Val Hillebrand en Tom Coronel konden tevreden zijn over hun achtste plaats. Lammers zelf had in de training, begin vorige week, iedereen verbijsterd - een concurrent sprak zelfs van 'surrealistisch' - door binnen enkele ronden met zijn Dome-Judd een tijd neer te zetten die in een zo vroeg stadium door niemand, ook het Audi-team niet, voor mogelijk werd gehouden. Anders dan vorig jaar, toen startrijder Lammers erg hard van acquitte ging en in de stortregen een schuiver maakte, leek de racestrategie nu veel behoudender.

'Racing for Holland' had uiteraard weer de uiterlijk meest bijzondere auto met de zwartwitte vakjes die de honderden betrekkelijk kleine sponsors stuk voor stuk (en bijna gelijk) recht deden. Versnellingsbakproblemen hield Lammers c.s. van een hogere klassering af. Olielekkage in het laatste uur gaf gelukkig alleen opwinding.

Spyker, het 'nieuwe', ambitieuze Nederlandse merk van Maarten de Bruijn en Victor Müller, hield het vrij probleemloos vol tot half zeven zondagochtend. Met routinier Peter Kox (38), de Duitser Norman Simon (26) en mede-sponsor Hans Hugenholtz (52) aan het stuur reed de zilver-oranje wagen tot zaterdagavond laat met grote regelmaat zijn rondjes, slechts even geplaagd door een rammelend elektriek dat in de schemer enkele ronden lang de verlichting plaagde. Later op de avond besloot het team, als voorzorgsmaatregel de versnellingsbak te wisselen (die later toch in orde bleek).

Competitieve snelheid zat er nog niet in, maar dat kwam deels door de regels van de organisatie die de Spyker als prototype bestempelde - er bestaan nog slechts twee complete auto's van dit type - en decreteerde dat 15% luchtinlaatrestrictie en 70 kilogram extra gewicht als 'straf' moesten dienen. In het ochtendgloren begon de 6-cilinder (BMW-)motor ineens op vijf pitten te lopen. Bij controle bleek een plastic onderdeel afgebroken, door de inlaat naar binnengezogen. Dat had fatale ravage aangericht in de vorm van verbogen kleppen.

De derde Nederlands equipe, Team Carsport Holland, van oud-Europees toerwagenkampioen Toine Hezemans, kende slechts pech. Tijdens de warming up, zaterdagmorgen, begaf de motor van de Chrysler-Viper het, die gestuurd zou worden door (zoon) Mike Hezemans, de Belg Kumpen en de Italiaan Matteuzzi. In de race zorgde eerst een klapband voor schade en oponthoud en rond elf uur 's avonds werd Matteuzzi door een concurrent van de baan gedrukt.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden