Auteur Jo Nesbø over de twee kanten van Oslo: 'Ik heb altijd een romantische relatie met de stad gehad'

In een hip restaurant aan zee bij Oslo praat thriller auteur Jo Nesbø over zijn twee Oslo's: de duistere, rauwe stad waarin politieman Harry Hole acteert en de blinkende, haast decadente stad waarin de schrijver rondfietst. En hoe de twee toch een zijn.

Jo Nesbø, de schepper van Harry Hole, in Oslo. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

De alcoholische hoofdpersoon uit de thrillers van Jo Nesbø, de politieman Harry Hole, is niet thuis. Of hij heeft geen zin om open te doen, wat niet onverwacht zou zijn, gezien zijn stuurse karakter.

Dit is wel het juiste adres, zo te zien. Op de bordjes naast de voordeur van het huis aan de Sofies Gate in Oslo, op nummer 5, staat zijn naam, naast die van andere bewoners als Anja & Ingvild, Jonsberg en Nygard Larsen.

Een oude man verlaat het pand. Harry is aan het werk, zegt hij. Op samenzweerderige toon en zonder te lachen vertelt hij dat er sinds kort nog twee politiemannen in het huis wonen, maar dat niemand dat mag weten. Ze zijn undercover en in de stad bezig met een uiterst geheime operatie.

Het is een goede grap, in veel opzichten, beginnend met het naambordje, een samenspel van fictie en werkelijkheid. Achterhaald is het wel. Hole woont niet meer in Bislett, de wijk tussen de oude arbeiderswijken en de rijke stadsdelen met het oude sportstadion waar eind jaren zestig en begin jaren zeventig de schaatsers Kees Verkerk en Ard Schenk glorieerden.

In de voetsporen van Harry Hole

Voor ongeveer 20 euro per persoon kunnen toeristen en fans in Oslo in de voetsporen treden van Harry Hole, de politieman uit de thrillerreeks van Jo Nesbø. Mari Atlanta Lunde, een voormalige onderwijzeres, organiseert de stadswandeling sinds 2011.

Ze neemt gezelschappen twee uur lang mee naar een wereld van seriemoordenaars, drugsdealers en sadisten en naar plekken uit het leven van Hole, zoals zijn woning in Sofies Gate, zijn vaste restaurant Schrøder en zijn stamkroeg Underwater Pub. Ook voert de route langs gebouwen die hij als politieman bezoekt, het gerechtshof onder meer, en het Egertorget Plein en de monumentale begraafplaats Vår frelsers gravlund.

Er zijn twee wandelingen. 'Het Oslo van Harry Hole' wordt elke dinsdag om 17.00 uur georganiseerd en start vanaf het Best Western Karl Johan Hotell. Een tweede wandeling, op zondagen, is gebaseerd op de zevende roman van Nesbø, De sneeuwman.

Voor informatie en boekingen: mariatlanta.guide@gmail.com of visitoslo.com.

Vorige maand verscheen in Nederland bij uitgeverij Cargo de elfde roman van Nesbø, De dorst. Hole is verhuisd naar het statige Holmenkollen in het noordwesten van Oslo en ingetrokken bij zijn vriendin. Hij is zowaar ook van de drank af.

Hole (spreek uit als Hoole, niet als Hool) is een bekende figuur in Oslo sinds Nesbø hem twintig jaar geleden introduceerde in De vleermuisman. In de stad worden wandelingen georganiseerd langs plekken die in het leven van Hole een rol spelen, onder meer Sofies Gate 5 natuurlijk en het restaurant een paar honderd meter verderop waar Hole vaak at (en dronk), Schrøder.

Hier werden vorig jaar filmopnamen gemaakt voor De sneeuwman, het zevende deel in de reeks met Hole. De film gaat in Nederland in oktober in première. In Schrøder wordt, zo blijkt, traditioneel Noorse kost opgediend. De gekookte aardappel is een hoofdingrediënt. De menukaart is sinds 1956 nauwelijks veranderd, het interieur met schilderijen uit de jaren twintig evenmin.

Het Oslo van Harry Hole. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

Het is nogal donker in restaurant Schrøder, maar niet ongezellig. Achter in de zaak hangen een paar foto's van Nesbø tijdens de uitreiking van een onderscheiding. De tafel die Hole altijd koos, de laatste aan het raam zodat hij rustig de krant kon lezen, is onbezet. Het is de vraag waarom zijn schepper juist voor dit restaurant koos.

Het simpele antwoord, een dag later: 'Omdat ik daar in de buurt heb gewoond en er vaak at of koffie dronk. Ik ben een luie schrijver, je hoeft niet alles te verzinnen.' Als Jo Nesbø hoort dat het eten tegenviel in Schrøder, reageert hij opgetogen. 'Je zou teleurgesteld zijn geweest als het was meegevallen.'

Nesbø (57) is op de fiets, een mountainbike, naar Aker Brygge gekomen, voor een interview en een laat ontbijt aan zee in een veel hipper restaurant, Bolgen og Moi. 'Ik heb er 10 minuten over gedaan, dat vinden we hier best lang.'

Hij praat rustig en weloverwogen. De man die 33 miljoen boeken verkocht en de Scandinavische thriller nog meer allure heeft gegeven dan al het geval was, is vriendelijk en bescheiden, en sportief. Hij woont in Majorstua, de chique wijk achter het Koninklijk Paleis aan de rand van het centrum. Hij draagt (gesponsorde) kleding van Mammut, een toonaangevend merk voor sportklimmers, en een bril vanwege een oogaandoening. Alleen het horloge aan zijn pols, een Rolex, verraadt zijn statuur.

Het restaurant aan de kade is modern, licht en duur. Dit is het nieuwe Oslo. De containers zijn verdwenen, de scheepswerven, dokken en bedrijfjes weggevaagd en vervangen door een wandelpromenade, appartementen en restaurants. Aker Brygge is een boegbeeld van de stad geworden, een prestigieus project waarin de rijkdom van het land zich weerspiegelt.

In De dorst refereert Nesbø tot vijf keer toe aan Oslo als kleine stad, een dorp zelfs waarin iedereen elkaar kent. Is Oslo wonen bijna 700 duizend mensen, maar het lijken er minder. Wandelend en fietsend kan de hele stad worden ontdekt.

De deurbel van Harry Hole. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

Beren en bossen

Anders dan de grote Nederlandse steden heeft Oslo een begin en een einde. Als de stad stopt, beginnen de bossen. 'Je bent zo de stad uit. 20 minuten verderop leven beren. Binnen een uur kan hier een beer op de kade staan.'

Oslo is zijn geboortestad, maar vanaf zijn 8ste groeide Nesbø op in Molde, in het noorden. Zijn jeugd eindigde met een zware tegenslag: een carrière als profvoetballer werd op zijn 18de in de kiem gesmoord door een dubbele knieblessure.

Drie jaar eerder had zijn vader hem verteld dat hij in de Tweede Wereldoorlog met de Duitsers had meegevochten. Hij was geschokt, maar tot een breuk in de familie leidde het niet. Vader en zoon spraken er openhartig over.

Na een studie economie in Bergen was Nesbø een paar jaar freelancejournalist en beurshandelaar. Nadat ook zijn tweede boek in Noorwegen was aangeslagen, kon hij het zich permitteren fulltime schrijver te worden. Hij was teruggekeerd naar Oslo, resoluut.

'Ik heb altijd een romantische relatie met de stad gehad. Ik groeide hier op, had een hoop vrienden en mijn jeugd was paradijselijk. Ik wist altijd dat ik terug zou komen.'

Twee parken, Bislett en St. Hanshaugen, rekent hij tot zijn favoriete plekken, samen met Aker Brygge en het gebied rond de opera. Als sportklimmer verlaat hij de stad vaak. '20 minuten in de auto en 20 minuten wandelen en je bent helemaal alleen in de bossen.'

Hij heeft de stad sinds 1986 zien veranderen. 'In het begin voelde Oslo aan als een kleine stad; klein vanwege de omvang en vanwege de soms benepen mentaliteit.' Die stad gebruikte hij als decor in een boek uit 2015 waarin Harry Hole ontbrak. Bloed op sneeuw speelt zich in de jaren zeventig af.

'Uit eten gingen mensen vroeger alleen na een begrafenis of een bruiloft. De stad had weinig kleur en er was weinig diversiteit, etnisch en cultureel. Dit was de rand van Europa. Er gebeurde niets.'

De nieuwe realiteit: 'Op de fiets kan ik nu binnen een kwartier vier restaurants bezoeken die in de Michelin-gids staan. Dat was twintig jaar geleden ondenkbaar. Oslo is outgoing geworden. Ik weet niet of de mensen zijn veranderd, maar de stad heeft zich geopend naar de wereld.'

Het Oslo van Harry Hole. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

Bovendien ontdekte de stad de zee. Wie voorheen naar zee wilde, moest eerst de stad verlaten en een omweg maken. 'Oslo had zijn rug naar de zee gekeerd.' Het praalrijke Aker Brygge koketteert er juist mee. Eerder kreeg de ontsluiting gestalte op de oever waar in 2008 het prestigieuze Opera Huis verrees en nog steeds wordt gebouwd.

Oslo is welvarend, peperduur en schoon. En groen, dank zij de vele parken. Het zijn de revenuen van de olie, sinds de jaren zestig de grootste levensbron van het land. De grootstedelijke allure, met dure appartementen, talloze restaurants en ontelbare koffiebars, neigt naar decadentie.

'De koffiehoofdstad van de wereld', noemt Nesbø de stad in De dorst. 'Ook vanwege de kwaliteit', vult hij aan. Waarom Noren zulke hartstochtelijke koffiedrinkers zijn, weet hij niet.

(Lees verder onder de foto)

Restaurant Schröder, waar Harry Hole vaak at Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

Koffie als nationale drank

'Noren waren altijd al koffiedrinkers, ook toen de koffie nog ondrinkbaar was. De koffie op de veerboten naar de westkust was de slechtste ter wereld, die heeft iedereen ooit gedronken. Misschien is het daar een reactie op?'

Goed geklede mensen die zich verdringen voor dure winkels, koffie als nationale drank, blinkende restaurants met zeezicht, elegante gebouwen die strak in de verf staan, schoon en efficiënt openbaar vervoer en overal plukjes toeristen: de hoofdstad van Noorwegen heeft zijn zaken goed voor elkaar. Op het eerste gezicht.

Dit is niet het Oslo van Harry Hole. Dat is duister en rauw - nog afgezien van de seriemoordenaars, huurmoordenaars en ander geboefte die in zijn boeken figureren. In zijn politieromans creëert Nesbø een donkere variant van de stad, gewelddadig en vol drugs, sadistisch ook.

De oorsprong van Harry en Hole

Politieman Harry Hole is vernoemd naar een voormalige voetballer van FC Den Haag. Harry Hestad was een van de eerste Noren die emplooi vond bij een buitenlandse club, in 1970. Samen met landgenoot Harald Berg speelde hij twee seizoenen voor FC Den Haag dat in die jaren in de eredivisie achtereenvolgens op de derde en vierde plaats eindigde.

Jo Nesbø was een grote fan van de aanvaller. Hestad speelde zestien seizoenen voor Molde, de club uit de stad waar Nesbø opgroeide. Zelf was hij ook getalenteerd. Nadat hij zijn debuut had gemaakt in het eerste elftal, werd hij getroffen door een zware knieblessure.

De naam Harry heeft in het Noors een bijbetekenis. 'Een harry betekent zoiets als een redneck, een ruwe man met slechte smaak. Bijna niemand in Noorwegen noemt zijn kind Harry. De naam is een grap, gedeeltelijk. Ik zocht naar een naam voor een man met een sterk karakter.'

De achternaam van zijn hoofdpersoon ontleende Nesbø aan een politieman uit het dorp van zijn oma. 'Als we bij haar logeerden en niet naar bed wilden, dreigde ze agent Hole op ons af te sturen. Ik heb Harry gemodelleerd naar hoe ik me deze man voorstelde: groot en sterk. Een paar jaar geleden was ik op een evenement in een dorp. Er kwam een oude man op me af. Hij keek me aan, schudde mijn hand en zei: hallo, ik ben Hole. Geweldig was dat.'

In De dorst is de stad in de greep van een man die zijn slachtoffers, vrouwen, doodt met zijn tanden en daarna nog wat nare dingen uithaalt. In het oeuvre van Nesbø is de sfeer grimmig en de stad allesbehalve lieflijk.

De herkenbaarheid is desondanks groot. Nesbø gebruikt bestaande straten, parken en gebouwen om zijn duistere decor op te bouwen. De magnifieke Vår frelsers gravlund, met graven van onder anderen toneelschrijver Henrik Ibsen en schilder Edvard Munch, komt in veel van zijn boeken voor.

Hoogst zelden wordt het hem kwalijk genomen. 'In Oslo begrijpen ze het. Ze snappen dat het niet het echte Oslo is, en tegelijkertijd ook wel. Het is een twisted, donkerder Oslo. Maar het is Oslo. Iedereen herkent het. Ik overdrijf, maar als ik de drugshandel beschrijf, is dat zoals het is. Zo gaat het. Die plaatsen en dat soort mensen bestaan.'

Hij leerde die wereld kennen toen hij research deed voor De zoon (2014). Hij verbleef een paar nachten in een drugspand in Oslo en sprak met dealers en verslaafden. Behalve in drugs werd in wapens gehandeld.

Volgens hem was het drugsprobleem van Oslo in de jaren zeventig vergelijkbaar met dat van Amsterdam en is het nog niet verholpen. 'Semi-zware drugs zoals cocaïne zijn hier nooit groot geweest. Heroïne wel. In de jaren zeventig en tachtig was Oslo een van de Europese steden met het hoogste aantal drugsdoden. Die rauwe kant van de stad bestaat nog steeds.'

Relativerend vertelt hij over een recente promotiereis naar het Amerikaanse Detroit. Op verzoek van Nesbø reed de chauffeur naar de slechtste wijken van de stad. Hij trof er verlaten huizen aan en zwarte gezinnen, levend in bittere armoede. 'Hele straten zijn onbewoond en overgenomen door de natuur. Ik wist niet wat ik zag. Ik heb gezinnen bezocht die in een nachtmerrie leefden. Het was zo verdrietig. Daarbij vergeleken is heroïne kopen in Oslo een wandeling in het park.'

Politieman Hole

Het grimmige Oslo is het werkterrein van Harry Hole, een eigenzinnige en introverte solist met een drankprobleem. Als politieman is hij even onorthodox als briljant.

Nesbø liet hem verhuizen naar Holmenkollen om hem de wijk, een verzamelplaats van oud en nieuw geld, te laten observeren. 'Het is zijn milieu niet, maar Harry redt zich daar wel. Hij is overal een outsider, dus daar ook. Oud geld kijkt in dat milieu natuurlijk neer op nieuw geld. Het is interessant om dat door Harry te laten observeren.'

De schrijver heeft een speciale band met zijn hoofdpersoon, zoals de meeste lezers waarschijnlijk. 'Ik vind hem aardig, ondanks zijn nukken.' Lachend: 'Hij zou een vriend kunnen zijn; het type vriend met wie je een weekeinde weggaat, maar van wie je niet wil dat hij je maandag weer belt.'

Fictie is fictie

In Oslo ziet hij op straat nooit iemand die hem aan Harry Hole doet denken. De vraag lijkt hem te verbazen.

'Nee, nee. Ik meng fictie niet met de realiteit. Fictie is fictie, ik wandel niet in mijn eigen verhalen. Dat doe ik alleen als ik schrijf, dan kom ik in de wereld van Harry terecht. De verhalen spelen zich af in een parallel universum, ik gebruik alleen dezelfde fysieke achtergrond. De dag dat ik Harry op straat zie lopen, ga ik meteen naar de dokter.'

In De kakkerlak, het tweede boek van Nesbø, onderzoekt Hole in Thailand de moord op de Noorse ambassadeur. Nesbø kent het land goed. Hij verblijft elke winter een of twee maanden op het schiereiland Railay, een natuurpark, om te schrijven en, vooral, te klimmen. Altijd logeert hij in dezelfde bungalow, met andere klimmers en backpackers als enige gezelschap.

Het Oslo van Harry Hole. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

En met Hole. 'Ik heb een universum gecreëerd dat ik elk moment kan betreden. Ik kan overal schrijven. Ook op vliegvelden, tussen twee vluchten in. Vliegvelden zijn geweldige plekken om te schrijven. Soms ga ik uren eerder al naar een vliegveld, om te schrijven.'

De faam die zijn boeken hem hebben opgeleverd, laat hem koud. 'Beroemd? Ik heb dat gevoel niet, en ik heb het ook nooit gehad. Hoe voel je je als je beroemd bent? Ik weet het niet. Als schrijver kun je gelukkig anoniem blijven. Bovendien is het heel geleidelijk gegaan, ik had het amper in de gaten.'

Schrijven is schrijven, zegt hij, of je nu succesvol bent of niet. 'Je schrijft, geeft interviews, gaat naar uitreikingen of andere officiële gebeurtenissen en daarna schrijf je weer. De belangrijkste verandering vindt plaats op de dag dat je van het schrijven kunt leven. Dan kun je zeggen: ik ben een schrijver, ik hoef niet meer elke dag op dezelfde tijd op te staan om naar mijn werk te gaan. Dat is het cruciale moment.'

Harry Hole woont hier Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

In Oslo kan hij ongestoord over straat, zo blijkt. Niemand spreekt hem aan. Een enkeling knikt. 'In Noorwegen bestaat de neiging mensen alleen te laten. De afstand tot beroemde mensen is klein. In dit land wordt de premier bij zijn voornaam genoemd. Als ze hier binnen zou lopen, valt niemand haar lastig. Dat doen Noren niet.'

Nesbø is nog om een andere reden een bekende Noor: zijn rockband met punkinvloeden, Di Derre (Die Jongens), heeft in Noorwegen een groot publiek. Hij is de tekstschrijver en de zanger. In de beginjaren veranderde de naam van de band voortdurend. 'Omdat we zo slecht waren. We durfden niet eens geld te vragen voor optredens en betaalden ons eigen bier.'

Toen het publiek in Oslo in de muziekcafés om 'die jongens' begonnen te vragen, werd de bandnaam definitief. Halverwege de jaren negentig volgde de landelijke doorbraak. 'We zetten nooit onze foto's op de platen en deden geen grote tv-shows. We verkochten alleen platen en traden op. In het café spraken we soms uren over de muziek en de teksten, maar we werden nooit gestoord.'

Nesbø schreef de teksten van de liedjes, vanzelfsprekend. Zijn talent is rijk. In Noorwegen is hij ook succesvol als schrijver van kinderboeken. De boeken met hoofdpersoon Dr. Proktor zijn ook in het Nederlands vertaald. Hij is ongekend productief. De afgelopen twintig jaar verschenen er negentien boeken van zijn hand.

'Ik was zo'n kind dat het leuk vindt om te schrijven. Dat gevoel is nooit veranderd. Ik voelde dat ik er goed in was. Ik wist het niet, maar ik voelde het wel. Niemand hoefde het ook te bevestigen. Ik wist hoe het moest, een gedicht schrijven of een verhaal.

'Ik deed het om mezelf te vermaken; om het wonder te beleven van starten met niets en daarna iets tot leven te wekken. Dat dreef me destijds als kind al. Het is nooit veranderd.'

Het Oslo van Harry Hole. Beeld Marcel Wogram / de Volkskrant

Michael Fassbender speelt Harry Hole

Na de zomer, op 19 oktober, gaat de Britse verfilming in première van De sneeuwman, de zevende roman van Jo Nesbø in de serie met politieman Harry Hole. De rol van Hole wordt gespeeld door de Michael Fassbender. Regisseur is Tomas Alfredson - en niet, zoals aanvankelijk de bedoeling was, Martin Scorsese.

De film werd opgenomen in onder meer Oslo en Bergen. Door zijn jaarlijkse verblijf in Thailand kon Nesbø alleen de laatste dag van de opnamen bijwonen. 'Ik had mijn dochter en neefje meegenomen zodat ze de sterren gedag konden zeggen.'

Zelf speelde hij mee in een korte scène. 'Het stelde niet veel voor. Ik stond ergens links in beeld, terwijl ik een hond vasthield. Niemand zal me herkennen.'

Van de film heeft hij geen hoge verwachtingen. Geen lage ook. 'Het is het verhaal van Tomas Alfredson geworden. De film is geen kopie van het boek, er zijn ingrediënten gebruikt. Ik kan alleen maar hopen dat de personages uit De sneeuwman een goede invloed op het verhaal hebben.'

Eervol vindt hij het wel. 'Kennelijk vindt men het boek krachtig genoeg voor een verfilming. Maar de kans bestaat dat ik teleurgesteld zal zijn. De meeste films zijn waardeloos. Ik zou het vervelend vinden dat mensen het boek gaan beoordelen op grond van de film, maar daar kan ik niks aan doen. Het boek is er, ik heb mijn werk gedaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden