Asielzoekers zijn ook buurtbewoners geworden

Binnen zes dagen zou het gebouwd en ingericht kunnen zijn. Een tijdelijk asielcentrum, ergens op een braakliggend industrieterrein, waar geen omwonenden zijn die bezwaar maken en waar de gemeente kan verdienen aan verhuur van de grond....

Van onze verslaggever

Jeroen Trommelen

LEIDEN

De nood was hoog, in het voorjaar van 1994. Asielzoekers werden ondergebracht in noodvoorzieningen als oude schoolokalen, munitiebunkers en bedrijfshallen. Te accepteren voor korte tijd, vond iedereen, maar niet als permanent verblijf. Maar waar zou het nieuwste centrum nu weer moeten komen? Vrijwel alle beschikbare kloostergebouwen, leegstaande ziekenhuizen en slecht renderende hotels waren al in gebruik als vluchtelingencentrum. Volgens WVC was het tijd voor politieke innovatie, in de vorm van een 'mobiel noodcentrum' voor zeshonderd asielzoekers.

Een kleine woonwijk eigenlijk, met woningen, kantoren, politiebureau, een school en een winkeltje. Een wijk die binnen een week zou kunnen worden opgebouwd en even snel weer zou kunnen worden afgebroken. In juni 1994 zouden er één of twee moeten staan.

Het is inmiddels een jaar later. Zo snel als de projectmanagers het hadden gedacht, is het niet gegaan - hoewel naar Nederlandse bestuurlijke begrippen toch nog tamelijk rap. Afgelopen vrijdag was het in Leiden open dag in het eerste Opvang Centrum (OC) voor asielzoekers, dat is gebouwd volgens de criteria mobiel, tijdelijk en achteraf.

En mèt een winkeltje. Hoewel niet van de plaatselijke Garant Markt in de wijk Meerburg. Bedrijfsleider Waardenburg voelde er weinig voor. Hij ziet de zeshonderd nieuwe bewoners sowieso met lichte vrees komen. Waardenburg: 'Ik weet niet of het vooroordelen zijn. Je leest de krant en ziet het op de televisie. Ik zeg absoluut niet dat het allemaal dieven zijn. We wachten af. Het personeel is op cursus geweest om diefstal te voorkomen.'

Bevreesde omwonenden zijn minder gemakkelijk te vinden. Wat dat betreft voldoet de locatie volledig aan het profiel. Het centrum staat aan de uiterste oostrand van de stad, tussen een snelweg en een kassengebied, naast een voormalige vuilnisbelt en bovenop een archeologische vindplaats. Over twee of drie jaar wil de gemeente Leiden er een industrieterrein bouwen. Omwonenden zijn te tellen op de vingers van één hand.

Zij hebben zelfs voordeel van het centrum, hoewel dat niet vanzelfsprekend positief wordt uitgelegd. Bij het inrijden van de Besjeslaan, een landelijk weggetje achter het nieuwe centrum, waren de nieuwe straatlantaarns al opgevallen. Sinds kort ligt er ook riolering. 'Maar we smeken hier al tien jaar om riolering en straatverlichting', zegt bewoonster Gina Boer. 'Ik heb niets tegen asielzoekers. Als er iemand voor de deur staat die honger heeft, zegt ik: kom binnen. Maar hoe je dat probleem op grote schaal moet aanpakken, weet ik ook niet. Dat is het frustrerende.' Wat ze voornamelijk wil weten over de riolering en straatlantaarns is hoe het komt dat die nu pas worden geplaatst.'

Leiden noemt zichzelf 'vluchtelingenstad' en is er veel aan gelegen die reputatie waar te maken. Dat de oprichting van het centrum een jaar heeft moeten duren ligt dan ook niet aan het gemeentebestuur, zegt wethouder J. Laurier. De stad heeft geen enkel bezwaar tegen een asielcentrum binnen haar grenzen. Integendeel. Laurier: 'Ik had ook de vestiging van een permanent centrum willen verdedigen. Maar het rijk en de Centrale Opvang Asielzoekers (COA) hebben gekozen voor een tijdelijke locatie.'

Bestuurlijk heeft de stad op alle fronten meegewerkt aan de bouw van het centrum. De plaatselijke bewonersvereniging trouwens ook. Begin januari treffen we bestuurslid A. Flippo aan in buurtcentrum Matillo. Hij snuift van boosheid. Niet over de komst van de asielzoekers, maar over de uitwerking van het plan door de gemeente.

Vanwege de bijna opgeheven buslijn bijvoorbeeld. De gemeente zou de buslijn in de wijk al enige tijd willen omleggen. Nu verderop het asielcentrum komt, wordt overwogen er een gezamenlijke lijn van te maken. De ene lijn opheffen en een nieuwe erbij maken kan ook nog. 'De twee zaken hebben niets met elkaar te maken. Maar zo kijkt de wijk er niet tegenaan. Daar moet de gemeente voor uitkijken.'

De zeshonderd asielzoekers beschouwt Flippo als mensen wier belangen 'namens de buurt' alvast verdedigd moeten worden. 'Dat vinden de mensen zo raar, hè. Maar wij beschouwen het als een deel van de buurt. Er waren bijvoorbeeld geen speeltoestellen gepland. Dat zat niet in het budget. Ze komen er nu toch.'

Zo nadrukkelijk zonder wanklank verlopen ook de volgende vergaderingen van de projectgroep. Het terrein is drassig en wordt bestrooid met houtsnippers. Is er nagedacht over de vraag of dit bij spelende kinderen astma opwekt? Zijn de ingangen geschikt voor invaliden? En hoe zit het met de kwaliteit van de tolken - in de kranten staan daar verontrustende berichten over? Dat de bewonersvereniging óók pal staat voor asielzoekers in de wijk, zal niemand kunnen ontgaan.

Weliswaar wordt het bouwterrein 's nachts verlicht uit angst voor brandstichting of aanslagen, en al even nadrukkelijk ontbreekt tot aan de dag van de opening een bord waarop de aannemer vermeldt wat er precies wordt gebouwd. 'Stadswijk in aanbouw', staat er langs de weg. Maar wanneer in de loop van februari zestig Leidse vrijwilligers zich aanmelden om in het centrum de handen uit de mouw te steken, kan directeur H. Smidstra niet meer om de conclusie heen. 'Het gaat hier echt enorm soepel, en dat is toch wel bijzonder.'

Gekozen blijkt ook voor een apart buslijntje naar het opvangcentrum. Deels gefinancierd door de sociale werkplaats die er gebruik van gaat maken. Met een conducteur nota bene: een banenpooler waar de gemeente Leiden er volop van heeft. De chauffeur komt weer uit een ander budget. De aparte buslijn voor woonwijk Meerburg blijft bestaan.

Maar nog is directeur Smidstra niet helemaal tevreden. 'We zitten met al die mensen ver van het stadscentrum. We hebben om een huiskamer gevraagd, ergens in de stad. Dat vindt de gemeente een goed idee. Al moeten ze er een winkelpandje voor huren, een budget zoeken en iemand die het gaat beheren, ik wed dat het er komt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.