Artsen en privacy

Dienst aan de samenleving

Er is een discussie losgebarsten over schending van de geheimhoudingsplicht van artsen naar aanleiding van de gevolgen van het ski-ongeluk van Prins Friso. Weet de patiënt nog waar hij op mag rekenen? De geheimhoudingsplicht van artsen lijkt onomstreden gelet op de vrijwel unanieme verontwaardigde reacties van vele collega's.


De geheimhoudingsplicht wordt niet automatisch doorbroken als men een probleem met een collega wil bespreken mits een collega lid van het behandelteam is. Er bestaat de impliciete aanname dat de patiënt daarmee akkoord gaat. In de praktijk wordt dat aan patiënt en/of familie verteld: 'We gaan advies vragen aan de chirurg of de internist'.


Daarnaast overleggen velen van ons wel vaak in een vrij anonieme setting: 'Ik heb een patiënt met...Wat zou jij doen?' Dit is iets heel anders dan het vragen of verstrekken van informatie uit nieuwsgierigheid of met andere motivatie: 'Ik hoor dat jij Friso behandeld...?'


Dergelijke informatie doorgeven, zeker aan een journalist, is schending van de geheimhoudingsplicht. Het behandelteam en alle medewerkers zijn gebonden aan die plicht. Ook een raad van bestuur kan niet zomaar dossiers ter beschikking stellen aan derden. Ze hebben een 'afgeleide geheimhoudingsplicht'. Zelfs als die derde de Inspectie voor de Volksgezondheid of Justitie is, worden grote terughoudendheid en selectie van gegevens toegepast.


Verwachtte men na de publieke kritiek terughoudendheid van de betrokken neurochirurg en journaliste, het tegendeel bleek deze week het geval. De rechtvaardiging van informatieverstrekking op de tv luidde: 'Het hele ziekenhuis weet zoiets toch en iedereen kan op een knopje drukken en de MRI bekijken. Ik besloot dat dat belangrijke informatie was die roddels corrigeerde...'


Dergelijke opmerkingen richten publiekelijk schade aan door op weer een andere manier de geheimhoudingsplicht en nauw verwante angst voor (elektronische) verslaglegging in diskrediet te brengen. Collega Tullekens heeft gelijk dat het relatief gemakkelijk mogelijk is. Het verschil zit hem erin of je daar dus ook gebruik van maakt.


De overgrote meerderheid van zijn collega's, inclusief ikzelf, meent dat dit tegen de professionele gedragsnormen ingaat. Je houdt dat voor als opleider aan je collega's, medewerkers en patiënten. Collega Tullekens blijkt het nog steeds volstrekt niet te snappen. Dat ('ik ben 71') hem een berisping niet kan schelen, het zij zo. Dat hij niet luistert en schade berokkent, is treurig.


Nemen we het nauw genoeg met informatiebescherming? Ik was lid van de Medical Record and Information Committee van mijn ziekenhuis in de Verenigde Staten. Binnen het beveiligde informatiesysteem van het ziekenhuis worden regelmatig 'audits' gehouden waarbij gekeken wordt wie de dossiers van welke patiënt raadpleegde. Als dat iemand is zonder professionele rechtvaardiging (uitdrukkelijk verzoek, consulent enzovoorts), wordt een onderzoek ingesteld. De gevolgen: een aantal medewerkers werd op staande voet ontslagen of ontving een waarschuwing.


Ook de patiënt kan vragen om een audit te laten verrichten. In Nederland worden dergelijke audits kennelijk in sommige ziekenhuizen ook gedaan en heeft dit zelfs tot ontslagen geleid. Alleen leden van het behandelteam hebben recht dossiers in te zien. Bredere toepassing van audits en transparantie hierover naar medewerkers en patiënten zou aan het gevoel van veiligheid kunnen bijdragen.


Als bekende mensen een ernstige ziekte krijgen, vestigt dat de aandacht op een belangrijke of soms onbekende ziekte, zoals prins Claus die over depressie sprak. Dat gonst hopelijk na in constructieve zin. Geheimhouding zal nu vaker op de agenda van onderwijsprogramma's van medici en journalisten staan.


Ook in vele ziekenhuizen zal men nog eens bezien of men wel binnen de instelling en binnen de professie zorgvuldig genoeg omgaat met informatie. Geheimhouding was toevalligerwijze deze maand het onderwerp van het assistentenonderwijs in het OLVG-Teaching Hospital in Amsterdam. Wij vinden het belangrijk. Aandacht voor geheimhoudingsplicht; het lijkt voorlopig de enige dienst die het neurochirurgisch-journalisten echtpaar de samenleving bewees.


Dirk van Leeuwen, maag-, darm-en leverarts OLVG en medewerker van het Teaching Hospital OLVG in Amsterdam, bijzonder hoogleraar aan Dartmouth Medical School in Hanover, VS.


Maatschappelijke discussie

RTL filmt op de afdeling Spoedeisende Hulp van het VU medisch centrum voor haar serie 24 uur: Tussen Leven en Dood. Ook als je als patiënt geen toestemming geeft om te filmen, heeft een ploeg van RTL zitten meekijken en luisteren.


De voorzitter van de raad van bestuur, Elmer Mulder, blijft spreken over een 'zorgvuldig project'. 'Zijn team werkt heel zorgvuldig'. Het is duidelijk dat voor Mulder alleen maar zijn ambities voorop staan.


Jaap Bonjer, hoofd van de Spoedeisende Hulp, heeft het in de uitzending van Nieuwsuur over een 'brede maatschappelijke discussie hoe hiermee om te gaan'. Hoezo brede maatschappelijke discussie?


De wet is helder: niemand - en zeker een niet-zorgverlener - kijkt en luistert mee zonder schriftelijke toestemming van de patiënt(e) vóóraf! Kennelijk hoopt Bonjer dat de grenzen verlegd worden. Dit mag in geen geval gebeuren. De wet moet gehandhaafd worden zoals hij nu is.


Aafke Klopman, Leeuwarden


Protocol

In het VU-ziekenhuis zijn zonder toestemming tv-opnamen gemaakt van patiënten. 35 camera's konden de gesprekken en behandelingen van nietsvermoedende patiënten volgen.


'Maar wij hebben een protocol!', is de verdediging van de tv-producent. 'Voordat de behandeling start, wordt toestemming gevraagd om de patiënt te volgen. Als medische hulp voorgaat, wordt zo spoedig mogelijk en in het uiterste geval achteraf toestemming gevraagd.'


De tv-makers gaan er dus van uit dat ze altijd het recht hebben om te filmen en dat patiënten achteraf maar moeten aangeven of ze daarvan gediend zijn. Dat is de omgekeerde wereld. Niemand mag in Nederland zomaar worden afgeluisterd en zeker niet in situaties vol pijn, angst en frustratie. En dan daarna nog eens lastig gevallen worden door de gladde jongens en meisjes van de commerciële omroep!


Het is onbegrijpelijk dat het VU- ziekenhuis hieraan heeft meegewerkt. Het idee was te laten zien hoe betrokken de medewerkers op de spoedeisende hulp zijn en hoe goed de zorg is. Wat nu werkelijk aan het licht komt is minachting voor de privésfeer van patiënten.


Als nu al op deze manier reclame moet worden gemaakt voor een ziekenhuis, wat staat ons dan te wachten als de marktwerking in de zorg werkelijk wordt doorgevoerd?


Laura Bouwmeester, Almere


Keuzemenu

Graag binnenkort bij telefoonnummer 112 het volgende keuzemenu:


'Voor hulp met camera's kies 1, voor hulp zonder camera's kies 2'.


Eric Jansen, Wageningen


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden