'Arrogantie wordt in onze cultuur gestimuleerd'

Een verwaarloosde jeugd, drugsgebruik en criminaliteit...

Ineens stond hij bekend als de schrijver met de vuile handen. De journalisten hadden het altijd wel geweten. Stonden de voorletters van DBC Pierre immers niet voor 'Dirty But Clean'? Natuurlijk, hij had die bijnaam al sinds zijn jeugd, maar toch . . .

Enkele dagen voor hij medio oktober de Man Booker Prize won met zijn indrukwekkende roman Vernon God Little, werd DBC Pierre achterhaald door zijn dubieuze verleden. Als twintiger was hij jarenlang drugsgebruiker geweest, en in die periode had hij menige schurkenstreek uitgehaald om aan geld te komen.

Misschien wel zijn sluwste actie betrof een appartement in Spanje, dat eigendom was van een bevriende kunstenaar. Pierre verkocht het appartement namens zijn vriend, maar ging er zelf met de winst vandoor.

Jarenlang hield hij zich gedeisd. Maar toen hij ineens in de publiciteit opdook als genomineerde voor een wereldberoemde prijs, brak de pleuris uit.

DBC Pierre werd in 1961 als Peter Finlay geboren in Australië uit een Australische vader en een Engelse moeder. Toen Peter achttien maanden oud was, vertrok het gezin naar de Verenigde Staten, maar tegen de tijd dat hij naar school ging, woonden de Finlays weer in Australië. Vervolgens ging hij op zijn zesde naar een kostschool in Engeland en een jaar later naar Mexico, waar hij bleef wonen tot hij 23 was.

Pierre: 'Mijn vader werkte vanuit New York, maar was voor zijn werk voortdurend onderweg, met Mexico als vaste standplaats. Hij werkte voor hongerbestrijdingsprogramma's van de Verenigde Naties en leidde projecten in 140 landen. Soms reisde het gezin met hem mee. Tezamen met onze jaarlijkse trips naar Australië en Engeland, waar we op familiebezoek gingen, en ons regelmatige verblijf in Texas, waar we naartoe gingen om uitgebreid boodschappen te doen en dat soort zaken, zwierven we dus heel wat af.'

Toen Pierre 16 was, werd zijn vader ziek en was hij vaak in New York om daar een medische behandeling te ondergaan. Zijn vrouw reisde dan met hem mee, zodat Pierre alleen achterbleef in een groot huis, rijk voorzien van bedienden en met een reeks auto's voor de deur.

Hoeveel meer verleiding heeft een 16-jarige nodig? Pierre: 'Ik nodigde onmiddellijk mijn vrienden uit, die al snel bij me introkken, en de rest van mijn tienerjaren bracht ik min of meer feestend door. Nee, ik ben geen enig kind. Ik heb nog een fantastische zuster, maar die is een stuk ouder dan ik. Toen we uit Australië vertrokken, bleef zij daar op kostschool. Later heeft ze nog wel geprobeerd om zich bij de rest van het gezin te voegen, maar de overgang van Australië naar Mexico was te groot voor haar.'

Een vader die altijd op reis was en vervolgens ziek werd, een moeder die zich bij hem voegde, een jeugd vol verhuizingen en verplaatsingen: je zou je kunnen voorstellen dat DBC Pierre een deel van zijn ontsporingen aan zijn chaotische opvoeding wijt. Zoals je de geï-soleerde en onbegrepen positie van de 15-jarige Vernon in Vernon God Little mede kunt toeschrijven aan het gebrek aan zorgzaamheid van diens ouders. Vernons vader is simpelweg afwezig, en mevrouw Little wordt in het boek neergezet als een dikke, door fastfood en diëten geobsedeerde vrouw met weinig belangstelling voor het wel en wee van haar zoon. Sterker nog: wanneer Vernon wordt verdacht van medeplichtigheid aan de massamoord op zestien medescholieren, betoont ze zich allerminst overtuigd van zijn onschuld. Ze duikt zelfs het bed in met een zich als CNN-verslaggever voordoende bedrieger, die bepaald niet het beste met Vernon voorheeft, omdat ze hoopt via hem haar fifteen minutes of fame te krijgen.

Maar DBC Pierre verwijt zijn ouders helemaal niets. 'Mijn ouders waren fantastische mensen, en mijn moeder, die nog leeft, lijkt bepaald niet op die van Vernon. Zij en mijn vader hebben altijd in mij geloofd en me nooit in een of andere richting gedwongen. Wel zijn ze er altijd van overtuigd geweest dat ik iets artistieks zou gaan doen, kunstenaar worden, of zo. Maar toen ik 16 was en zou moeten gaan nadenken over het volgen van een opleiding in de richting van mijn belangstelling, heb ik gretig misbruik gemaakt van de vrijheid die ik had. Ik twijfelde er geen moment aan dat we altijd geld zat zouden hebben en dat het welbeschouwd niet uitmaakte wat ik deed. Ik had talent, en dat zou er op een goede dag wel uitkomen. Op een ochtend zou ik wakker worden en beroemd zijn.'

Toen Pierre 19 was, stierf zijn vader, en twee jaar later werd financieel Mexico door een enorme devaluatie getroffen, waardoor het gezin vrijwel alles verloor dat hij hun had nagelaten. Pierre moest zelf in zijn onderhoud voorzien, maar was daar op zijn zachtst gezegd niet goed voor toegerust. Dus volgden jaren van uitspattingen en drugsgebruik, en trucs om dat allemaal te financieren.

Pierre: 'Van nature ben ik vredig, vergevingsgezind, van goede wil. Maar als twintiger heb ik mijzelf diep in de problemen gewerkt. Toen ik stopte met drugs en besloot iets van mijn leven te gaan maken, was ik compleet murw van schaamte en spijtgevoelens. Dat heeft me zeker tien jaar lang volkomen geblokkeerd. Ik heb die tijd doorgebracht met het luisteren naar symfoniemuziek en het nadenken over wat er nu eigenlijk was misgegaan. Vervolgens ben ik mijn leven helemaal vanaf het nulpunt opnieuw gaan opbouwen.'

Dat verliep niet zonder problemen. Pierre ontdekte dat hij volstrekt geen zelfvertrouwen meer had, wantrouwde zijn eigen oordeel en miste de kick die de drugs hem hadden gegeven. 'Bovendien merkte ik dat het proces dat ik had doorgemaakt van zelfdeconstructie en nederigheid leren, haaks stond op de ontwikkeling van de cultuur om mij heen. In de door-en-door commerciële cultuur waarin wij leven word je juist gestimuleerd om arrogant te zijn, ook al is die arrogantie nergens op gebaseerd. Ik ontdekte, met andere woorden, dat die cultuur angstig veel leek op mijn vroegere ik, de ik die ik had afgezworen.'

Op het moment dat hij zich dat realiseerde, besefte Pierre dat hij een verhaal te pakken had dat hij zou kunnen vertellen. Hij had aan den lijve ondervonden waartoe op niets gestoelde arrogantie kan leiden. En zo ontstond de stem van Vernon. Pierre: 'Aanvankelijk was Vernon de spreekbuis van mijn persoonlijke misnoegen en onbehagen, maar al snel kreeg hij zijn eigen karakter, zijn eigen temperament. Dus ging ik als het ware achterover zitten om te kijken hoe hij zich ontwikkelde, waar hij naartoe ging.

'Ik weet niet echt waar de stem van Vernon vandaan komt. Natuurlijk had ik net als hij een Amerikaanse manier van spreken toen ik opgroeide (de roman speelt in Texas, hb). Ik zat op een Amerikaanse school in Mexico en was voortdurend in gezelschap van Amerikaanse kinderen. Daarnaast ben ik zelf waarschijnlijk nogal onvolgroeid in mijn manier van denken. In elk geval kwam Vernons stem vrijwel automatisch mijn pen uit. Ik schreef de eerste versie gedurende vijf weken. Daarna heb ik maanden aan het boek gesleuteld om de plot rond te krijgen en alles te laten kloppen.'

De vonk die Pierre aanzette tot schrijven, was de foto van een jongen die hij een keer op televisie zag. Het was nog voor het drama op de Columbine High School in Littleton, Colorado, waar in april 1999 dertien scholieren bij een schietpartij om het leven kwamen, een gebeurtenis die een van de inspiratiebronnen vormde voor Michael Moore's documentaire Bowling for Columbine. Pierre: 'Het ging ook om een jongen die medescholieren had neergeschoten. Het was een knul van een jaar of 13, en op de foto zag hij er onbenullig en onhandig uit, zoals wij allemaal op die leeftijd. Toen ik hem zag, was ik er onmiddellijk van overtuigd dat hij niet volledig verantwoordelijk kon zijn, zoals een volwassene.'

Pierre ergerde zich eraan dat de knul als een volwassen misdadiger werd behandeld en probeerde in zijn hoofd te kruipen. Hoe zou de jongen zich voelen? 'Ik probeerde mij de verwarring voor te stellen, in hem en om hem heen. Vervolgens kwamen er andere mensen aan het woord: dorpsgenoten, volwassenen, de sheriff. En het viel me op dat al die lui nog veel stommer waren dan die jongen. Het waren volwassenen van wie je een verantwoordelijke houding zou verwachten, maar uit hun opstelling bleek slechts sensatiebelustheid en wraakzucht, geen enkele inzicht, geen enkele wijsheid. Ik vond ze typerend voor de cultuur waarin we leven. Mijn verontwaardiging daarover is in Vernon God Little terechtgekomen.'

Nadat hij op de Man Booker-shortlist terecht was gekomen, belde Pierre Robert Lenton op, de Amerikaanse kunstenaar die hij destijds voor ruim 46 duizend dollar had opgelicht. Piere: 'Ik wilde hem vertellen dat ik waarschijnlijk eindelijk wat geld zou gaan verdienen en zou kunnen beginnen hem terug te betalen. Robert is een fantastische man, die de hele kwestie bewonderenswaardig kalm en vergevingsgezind heeft opgevat; hij is bovendien een groot kunstenaar, en wellicht zal ik op een dag genoeg geld hebben om een schilderij van hem te kopen.

'Zijn familie, met name zijn kinderen, nemen een wat ander standpunt in. Zij zijn erg kwaad en hebben de pers ingelicht toen ze hoorden dat ik contact met Robert had opgenomen. Vandaar dat er aan de vooravond van de Man Booker Prize-uitreiking ineens van alles over mijn verleden boven water kwam.'

Pierre is inmiddels bijna klaar met zijn tweede boek. Het gaat over globalisatie en migratie en is dikker dan Vernon. Het moet een overgangsboek worden in de richting van het derde boek, waarin ironie en humor vrijwel geen rol meer zullen spelen en waarmee hij een poging wil doen de ultieme decadente roman te schrijven. Pierre: 'Het zal over alle denkbare taboes gaan, die tot in detail beschreven worden. Ik denk dat ik een manier heb gevonden om zo'n boek te schrijven zonder dat het meteen wordt verboden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden