Arnon Grunberg, Josepha Mendels, Pieter Waterdrinker

Signalementen

Een nieuwe Pieter Waterdrinker, een oude Josepha Mendels, een welkom voor de robot, een geschiedenis van Zwarte Piet en andere net verschenen titels.

E. van Heuven-van Nes. AUP, € 29,95 Foto -

Een jaar voordat Arnon Grunberg in 1994 officieel debuteerde met de roman Blauwe maandagen, verscheen bij de kleine uitgever Rothschild & Bach een bundeltje met een theatertekst en voorstudies voor die eerste roman. Dat vroegste proza wordt nu herdrukt in De dagen van Leopold Mangelmann, door samensteller Vic van de Reijt aangevuld met andere verhalen en gedichten uit het archief van de schrijver dat werd bewaard in de garage van zijn moeder. 'Ik ben geen schepper./ Ik ben een bewaarder./ Ik steel uit de monden van de mensen en uit de mond van het licht.'

Tussen 1886 en 1896 had de jonge koningin Wilhelmina een Engelse gouvernante, Elizabeth Saxton Winter. Dat wilde haar moeder, koningin Emma, omdat zij hechtte aan de Engelse stijl van opvoeden ('vriendelijk, maar vást'). Tot de dood van Saxton Winter in 1936 schreven leerling en lerares elkaar openhartige brieven. Vijf jaar geleden verschenen de brieven van Wilhelmina al in het Nederlands, wat een beetje afbreuk deed aan de authenticiteit van de epistels. Nu is een Engelstalige editie verschenen, Darling Queen - Dear old Bones, uitgebreid met nieuw gevonden brieven van Winter, Emma en prinses Juliana.

Met mijn roman over Lenin was ik 'mijn tijd helaas te ver vooruit', schrijft Pieter Waterdrinker (1961), met een verwijzing naar Lenins balsem uit 2013. In het jaar dat overal de Russische revolutie van 1917 wordt herdacht, slaat hij echter terug met de autobiografische vertelling Tsjaikovskistraat 40, welke titel verwijst naar zijn woonadres in Sint-Petersburg.

Arnon Grunberg. Nijgh & Van Ditmar, € 24,99. Foto -

Een jaar nadat de biografie van Josepha Mendels (1902-1995) verscheen, samen met een herdruk van haar autobiografische roman Je wist het toch, volgt haar bekendste boek, Rolien en Ralien uit 1947. Rolien Kolar verzint haar eigen speelkameraad, Ralien, omdat ze door haar oudere zussen die altijd samen zijn, wordt buitengesloten. Ralien is Roliens 'dwingende en zeer poëtische alter ego', aldus Roos van Rijswijk in haar nawoord.

De op één na grootste taalfamilie van Europa is de Fins-Oegrische, waarvan het Fins, het Hongaars en het Ests deel uitmaken. De grootste is de Indo-Europese, moeder van het Germaans, Romaans, Slavisch en Keltisch. En sommige clichés hoor je zo vaak dat je ze bijna zou gaan geloven, schrijft taaljournalist Gaston Dorren ('Nederlands heeft hij geleerd op de kleuterschool', meldt de achterflap) in Lingua. Zoals deze: 'Het Fries is geen dialect maar een taal'. Nee hoor mensen. De grens tussen taal en dialect is helemaal niet te trekken. Dat weet iedereen, behalve sommige Friezen. Het Fries is net zozeer een taal als het Limburgs, het Nedersaksisch, het Vlaams of het Zeeuws - hooguit wat minder mooi. En het Fries mag dan officieel 'erkend' zijn als minderheidstaal, dat betekent 'helegaar niks', aldus Dorren, want daar hebben we er nog wel een paar van. 'De meeste politici hebben geen verstand van taal. Geeft op zich niet, het is hun vak niet. Jammer dat ze wel besluiten nemen.' Lingua verscheen eerder en dunner onder de titel Taaltoerisme.

Josepha Mendels. Cossee, € 18,99 Foto -

De Zwarten Pietendiscussie dwingt het hele land na te denken over het sinterklaasfeest, schrijven Jop Euwijk en Frank Rensen in De identiteitscrisis van Zwarte Piet. 'Is het niet raar om jaarlijks onder luid gejuich een boot vol zwarte knechten met een witte meester binnen te halen? Leer je kinderen dan niet dat zwarte mensen minderwaardig zijn?' Het zijn geen nieuwe vragen, maar de laatste jaren worden ze harder en vaker gesteld. Omdat veel mensen niet weten waar Zwarte Piet precies vandaan komt en ook de commotie niet snappen - 'sommigen zien het zelfs als een hellend vlak: het begint met het aanpassen van Zwarte Piet, het eindigt met de teloorgang van de Nederlandse cultuur' - schreven Euwijk en Rensen een boek. Eerder maakten ze al een expositie over Zwarte Piet, in samenwerking met het Persmuseum en het Instituut voor Beeld en Geluid.

E r zijn nu tussen de 10 en 15 miljoen robots op aarde, maar wat is een robot precies? In Hallo robot geven Bennie Mols en Nieske Vergunst de eenvoudigste definitie: een robot is een machine die kan waarnemen, denken en handelen. Waarnemen doet hij met sensoren, 'denken' met een computer, en handelen kan hij op verschillende manieren. 'Wij zijn niet bang voor robots', schrijven Mols en Vergunst, 'en daarom verwelkomen we in Hallo robot de robot als medemens.'