Arno zag overal onrecht bij de bank

Arno Voortman voelde zich 'deel van het bedrijf', daarom wilde hij ondanks vele en langdurige conflicten niet weg bij ING. Het verhaal van een man die zich kon voorstellen dat iemand op de werkvloer een kalasjnikov leegschiet.

Arno mocht graag verhalen vertellen, het liefst aan de bar. Dat hij het als voormalig Postbankman niet makkelijk had bij de ING, dat hij werd tegengewerkt en dat ze zijn kritiek op belangrijke interne financiële aangelegenheden nooit serieus namen. Maar zijn broer Coert Voortman wist ook dat Arno geen heilige was en dat hij elk verhaal een zetje kon geven.


Toen Coert Voortman in mei vorig jaar, na de plotselinge dood van Arno, in de papieren van zijn vijf jaar oudere broer ging grasduinen, werden de verhalen werkelijkheid. Het was niets minder dan een gigantische schoonmaak: alle stapels papier die Arno zeer zorgvuldig had bewaard, werden in drie grote koffers gedaan. Thuis liet de 50-jarige Amsterdammer en financieel specialist document voor document door zijn handen gaan. Hij las het met bonkend hart.


Voortman: 'Er was maar een conclusie mogelijk: Arno heeft al die jaren de waarheid verteld. Als je alle documenten - interne stukken, e-mails, brieven van topbestuurders van ING - op een rijtje zet, zie je wat hem is overkomen. Arno werd in de zeik genomen. Hij wilde winnen, maar kon niet winnen.'


En nu ligt een deel van die documenten voor hem op tafel. Het was niet zijn idee geweest om de documenten door te vlooien. De vrouw van zijn broer had het hem gevraagd. Hij had verstand van polissen en er liep nog een zaak tegen ING, die zijn broer had ingezet omdat hij hoopte afgekocht te worden door het bedrijf waar hij 25 jaar had gewerkt.


Wat vooral bleek uit de papieren, was de permanente strijd die Voortman met zijn werkgever voerde. Voor Coert Voortman staat wel vast dat ING slecht met zijn broer, die in mei 2012 is overleden aan een hersenbloeding, is omgegaan. 'Daarom zoek ik nu de openbaarheid', zegt hij. 'Ik denk ook dat dit is wat Arno zou hebben gewild. Dat de mensen weten dat het bij ING rond hem een chaos was, die Arno te veel is geworden.'


Zijn broer, geboren in 1957, was een 'druk en kleurrijk mannetje'. De ene dag kon hij in een driedelig pak met bolhoed op de bureaus dansen, om de dag daarna ongeschoren, op teenslippers, met een pakje brood onder zijn arm op de zaak te verschijnen. 'Het is crisis, dus moeten we een beetje gaan opletten', zei de kleine man met de bulderende lach dan.


Als ambtenarenzoon kwam hij na een reis van twee jaar naar India in 1988 bij de Postbank terecht. Wat hij als vrijdenker daar te zoeken had, dat wist zijn familie ook niet. Hij ging werken op de telefonische klantenservice. Hij sprong er al snel uit en kreeg de moeilijke klussen - zoals de afwikkeling van de rekeningen van overleden cliënten.


Wonderbaarlijk genoeg vond hij er zijn draai. Hij kreeg steeds meer verantwoordelijkheid en moest er zijn chef vervangen. Hij draaide veel overuren en dacht dat ze op de afdeling 'geen moment zonder hem konden'.


In 1999 raakte hij voor het eerst 'opgebrand': hij was zwaar depressief en leed aan een eetstoornis; in korte tijd was hij 30 kilo zwaarder geworden. Maanden zat hij thuis en was hij in behandeling bij het RIAGG.


Voortman: 'Hij was doodsbang te worden afgekeurd. Dus pakte hij de eerste baan aan die ING hem aanbood. Hij kwam in de effectenwereld terecht - bij de beursorderlijn. Arno deed daar alles, kon alles en begreep alles. Maar hij kon het niet aan. Hij liep op zijn tenen en dacht ook nog dat hij het onrecht moest bestrijden.'


'Dat onrecht' zat hem volgens Voortman onder meer in de manier waarop de bank voormalige ING'ers en oud-Postbankmedewerkers behandelde. Zijn broer stelde vast dat hij als medewerker van de effectenafdeling voor zijn eigen particuliere beleggingen veel meer provisie moest betalen dan zijn collega's, die geen zogenaamde 'insidersregeling' hadden.


Die ongelijkheid zou hem 'duizenden euro's' hebben gekost, zo blijkt uit interne e-mails. Acht jaar lang zou hij zich hiertegen verweren. Uiteindelijk kreeg hij in 2008 een officieel gesprek met Nick Jue, toen ING Retail-directeur, nu bestuursvoorzitter van ING. Voortman: 'Nick Jue zei hem dat ING hem niet persoonlijk schadeloos zou stellen, omdat hij nou eenmaal onder de insidersregeling viel. Wel mocht hij een goed doel noemen. Het werd zijn eigen tennisclub, VVGA. Vijf jaar lang maakte ING 6.000 euro over naar de club, 30.000 euro dus. Aardigheid, zegt de ING. Zwijggeld - zo zie ik het. Arno vond het best. Hij kreeg zijn gelijk, voor zijn gevoel, en hij was de held bij VVGA. Hij zat op zijn vaste barkruk trots te glimmen.'


Arno zag ook onrecht in de wijze waarop de bank de ING- en Postbank-klanten een rad voor de ogen draaide met 'vage financiële producten'. Op een voorlichtingsavond in 2002 van het ING Global Topselect Fund stelde hij kritische vragen, samen met een collega. Het liep uit op een rel, omdat Voortman en zijn collega hardop verkondigden dat 'beleggers onwaarheden' werden verteld.


Dat de bijeenkomst niet bestemd was voor medewerkers maar voor klanten had Arno niet meegekregen. Er volgde voor de tweede keer in zijn loopbaan een onderzoek door de ING-bedrijfspolitie. Voortman kreeg een berisping en belandde in de ziektewet. Het voorval duwde Arno omlaag, zo noteerde zijn behandelend neuroloog, die zijn geestelijke situatie zorgwekkend noemde en hem kalmerende middelen voorschreef: 'De directie stuurde de bedrijfspolitie op hem af, en hij werd vierenhalf uur verhoord. Dit alles bleek zeer traumatisch te zijn voor de heer Voortman, die hierop ging piekeren en twijfelen en depressief werd. Hij geeft suïcidefantasieën toe, doch is niet suïcidaal.'


Datzelfde gebeurde na de volgende aanvaring met ING, in 2006 over de toegang tot privacygevoelige klant- en rekeninggegevens. Een zaak die volgens Coert Voortman 'het wezen van het bankieren ondermijnde' en die Arno Voortman tot zijn dood heeft beziggehouden. Na een van de vele reorganisaties bleek dat er op Arno's afdeling grote achterstanden waren ontstaan en werden er uitzendkrachten ingehuurd. Voor deze krachten waren er indertijd geen officiële en unieke wachtwoorden beschikbaar, waarmee ze toegang zouden krijgen tot alle ING-bestanden. Het zou weken duren om dat intern te regelen en dus moest Arno Voortman zijn password afstaan, zodat de uitzendkrachten met zijn codes het achterstallige werk te lijf konden gaan.


Maar Arno gaf zijn wachtwoord niet. Als enige. Hij vond dat in strijd met alle regels en een ernstige misstap van de ING. In een onderzoeksrapport van AMK Arbeidsintegratie wordt dit geschil met zijn werkgever als volgt beschreven: 'Betrokkene werd gepushed om zijn password af te geven, maar weigerde dit, omdat hij vond dat het niet in overeenstemming was met de Compliance-policy, waarover hij net daarvoor een cursus had gevolgd bij de AFM.'


Coert: 'Hij verdomde het gewoon, hij hield er niet over op hoe erg hij dat vond. Dat er zomaar een paar werkstudenten de bank binnenkwamen en onder zijn password overal bij zouden kunnen. Dat was en is hartstikke verboden. Ik zie jullie bij de AFM, riep Arno tegen de ING, dan zullen we eens kijken wie er gelijk heeft. Dan weet je natuurlijk wel wie het onderspit delft - en dat is niet de bank.'


Uit het AMK-rapport: 'In combinatie met vrij heftige privéproblematiek was het geschil over het password de druppel die de emmer deed overlopen, betrokkene meldde zich ziek en stelde zich onder behandeling van een psychiater.'


Coert Voortman: 'Daarna bleef Arno uitvallen. Hij mocht nog wel reïntegreren, een jaar later, voor aanvankelijk twee keer twee uur. Maar dat betekende dat hij op de gang mocht gaan zitten, zonder bureau en zonder computer, en zonder password.' Hij kon koffie rondbrengen en de krant lezen, maar hij wilde echt aan de bak. En hij wilde vooral bij de Postbank/ING blijven, hij 'voelde zich deel van het bedrijf'.


Uit een brief van personeelszaken: 'Respect is erg belangrijk voor Arno. Hij wil niet als kleuter behandeld worden.'


Zijn medisch dossier bevat daarna nieuwe ziektemeldingen, vergeefse poging van ING om hem in te zetten, over te plaatsen, te reïntegreren, en hem boventallig te verklaren. Hij kwam in contact met een lange lijst van therapeuten, artsen, mobiliteitsadviseurs, juristen en internisten.


Op den duur kon Arno er niet meer tegen, zegt zijn broer. 'Al dat dat heen en weer geschuif. Hij zat constant in een reorganisatie. Waar moest-ie heen? Hij begon steeds meer uppers en downers te slikken. Soms dronk hij te veel. Natuurlijk probeerde ik 'm te temperen. Ga naar de vakbond of een advocaat, zei ik.'


Bij een privébezoek aan een ING-filiaal in Diemen, in de zomer van 2010, kwam de woede van Arno Voortman eruit. Hij ging 'helemaal los' en misdroeg zich volgens zijn werkgever 'ernstig '. Voortman moest bij een kantoor in Diemen naar zijn inziens te lang wachten, schopte stennis en stapte achter de balie waar hij probeerde de computer van een medewerker te ontgrendelen. Hij sloeg met zijn vuist op de balie, ging te keer over de klantenservice en riep dat hij 'nu wist hoe kut het was voor onze klanten, als dit ons serviceniveau was'.


Een schorsing volgde en een strafkorting op zijn salaris. Hij schakelde FNV Bondgenoten in. Voortman wilde ING zijn excuses aanbieden, omdat hij zijn zelfbeheersing had verloren. 'Dat is niet goed, maar cliënt is niet voor niets al vanaf 17 maart 2010 arbeidsongeschikt', schreef de vakbond. Het leverde niets op, net als het briefje dat zijn psychotherapeut aan de ING-bedrijfsarts schreef over diens 'angststoornissen en klachten van depressieve aard' en waarin de therapeut stelde: 'Hr. Voortman lijdt zeer onder kafkaëske wijze waarop de ING met hem omgaat.'


Arno Voortman omsingelde zich thuis met stapels papier, waarmee hij zijn gelijk wilde aantonen. Naarmate hij langer thuisbleef, werd hij steeds desperater. Coert maakte zich zorgen, vooral omdat Arno zich liet ontvallen dat hij het zich kon voorstellen dat mensen met een kalasjnikov hun werkplek bestormen. Een directe collega zocht contact met de ING-bedrijfsarts omdat Arno zei wel van een dak te willen springen.


Een arbeidsdeskundige van het UWV deed in 2011 onderzoek naar de zijn problemen en kwam met harde conclusies over het werkgeverschap van de ING en de wijze waarop de bank Voortman weer in het arbeidsproces probeerde te krijgen. 'Het argument van werkgever dat de opstelling van werknemer niet altijd even coöperatief is, is geen reden om onvoldoende inspanningen te doen.'


Aan FNV Bondgenoten schreef Voortman dat zijn 'beroepsziekte' de schuld was van de bank: 'Ik vind dat ING nu en de afgelopen 11 jaar onzorgvuldig met mijn ziekte is omgegaan en stel ING daarvoor aansprakelijk.'


Tot een zaak kwam het niet, want Arno Voortman kreeg in het voorjaar van 2012 een hersenbloeding. 'Arno lag negen weken in coma', zegt zijn broer. 'Verschrikkelijk. Waarom ligt hij daar? Ik heb het me in die weken vaak afgevraagd. Waarom hebben ze het bij de ING niet netjes afgehandeld? Zo komt de ING wel heel makkelijk van Arno af, dacht ik.'


Na zijn dood heeft Coert Voortman namens zijn vrouw Joke - ze hadden geen kinderen - ING-bestuursvoorzitter Nick Jue een brief gestuurd. Ze vroegen om een financiële genoegdoening, omdat ING als werkgever hem 'niet naar behoren heeft behandeld'. Ook legde ze verband tussen Voortmans geestesgesteldheid 'en het verwijtbaar handelen van de ING'. Jue ging niet in deze redenering mee.


Voortman: 'Ze geven je het idee dat je maar wat uit je duim zuigt. Dat gevoel hebben ze Arno ook al die tijd gegeven. En dat vrat aan hem. Daar is hij aan ten onder gegaan, ik kan het niet anders zeggen.'


EEN CYNISCHE VISIE VERSUS IDEALEN

Professor Gabriel van den Brink van de universiteit van Tilburg deed onderzoek naar conflicten op de werkvloer, en dan met name tussen professionals die er bepaalde beginselen of idealen op na houden en in botsing komen met de heersende codes in hun bedrijf. 'Dat loopt maar al te vaak verkeerd voor de betrokkene af', aldus Van den Brink. 'Wat we veelvuldig zien is dat bedrijven, managers of leidinggevenden een cynische visie hebben en denken dat alles om macht en marktaandeel gaat. Moraliteit speelt voor hen geen echte rol. Terwijl veel professionals juist wel door morele idealen gemotiveerd zijn.' Tot op heden komen de managers daarmee nog weg, zegt Van den Brink, mede-auteur van het boek Beroepszeer - waarom Nederland niet goed werkt.

REACTIE ING

ING betreurt het overlijden van haar medewerker, de heer Voortman. Wij wensen de nabestaanden veel sterkte met het verwerken van het verlies van hun dierbare. Het is niet onze gewoonte in te gaan op een individueel en persoonlijk verhaal in de media, maar gezien de openheid van de nabestaanden en de gedane uitspraken willen we een en ander wel in het juiste perspectief plaatsen. ING heeft de afgelopen ruim 10 jaar een moeizame arbeidsrelatie gehad met de heer Voortman, die sinds 1999 veelvuldig en langdurig ziek is geweest. Daarnaast is zijn gedrag niet onbesproken gebleven. ING heeft tot het overlijden van de heer Voortman alles gedaan wat binnen haar mogelijkheden lag om goed werkgeverschap te tonen, in goede gezondheid en tijdens zijn ziekte. Hoe de zaken nu worden voorgesteld doet ernstig afbreuk aan de werkelijkheid.

Een aantal zaken heeft een geheel eigen interpretatie gekregen, maar ING kan hier geen verwijtbaar gedrag worden toegerekend. Bijvoorbeeld rond de insidersregeling. De heer Voortman handelde voor klanten in effecten en viel daarom net als zijn collega's onder de regeling. Van ongelijkheid is geen sprake geweest en er is daarom ook nooit enige aanleiding geweest om hem financieel tegemoet te komen. De heer Voortman heeft los daarvan een sponsorverzoek gedaan voor zijn tennisclub en ING heeft dit verzoek, net als de sponsorverzoeken van collega's, gehonoreerd.

ING benadrukt dat de privacy van haar klanten, inzake de kwestie van het delen van het wachtwoord, nooit in het geding is geweest. ING heeft veel energie gestoken in de relatie met de heer Voortman en meent zich, ondanks alle problemen en incidenten, coulant en correct te hebben opgesteld. Het is betreurenswaardig dat zijn persoonlijke problemen en geestelijke gesteldheid als een rode draad door de laatste jaren van zijn werkzame leven lopen. Met helaas als dieptepunten het genoemde incident in het kantoor en de verstoring van een klantbijeenkomst, incidenten waar onze klanten ongewild bij zijn betrokken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden