Arnhem vereeuwigt Turkenpension

Prominent naast de hoofdingang, omringd door een Nederlandse boerderij uit 1700 en een Haarlemse houtloods, komt het te staan: het pension waarbinnen de eerste generatie Turkse gastarbeiders met velen sliep op stapelbedden. Met dit typisch stadse fenomeen voegt het museum een nieuw stukje Nederlandse geschiedenis toe. Althans, nieuw; niet helemaal. Directeur Pieter-Matthijs Gijsbers (1964): 'Migratie is al eeuwen onderdeel van Nederland. Verhalen van migranten - van Antwerpenaars die omsreeks 1500 naar Amsterdam trokken tot aan de komst van gastarbeiders eind twintigste eeuw - maken onlosmakelijk deel uit van de Nederlandse geschiedenis.'


Zo plaatste het openluchtmuseum eerder al een Chinees restaurant (mét afhaalluik), een Indisch achtererf (nagebootste achtertuinen van migranten uit Nederlands-Indië) en barakken van Molukse nieuwkomers.


Aanvankelijk stond het stukje historische Amsterdamse binnenstad gepland voor de sloop, toen de huizen begin 2000 moesten wijken voor de bouw van een bejaardentehuis. Om de rijke geschiedenis te behoeden voor definitieve vergetelheid, werd in samenwerking met de gemeente Amsterdam en met inzet van toenmalig wethouder Monumenten Guido Frankfurther (D66) besloten het stukje stad te deconstrueren ter behoeve van een plaatsing in het Nederlands Openlucht Museum. Begin dit jaar kwam door een gift van 625.000 euro door de BankGiro Loterij geld vrij om daadwerkelijk met de reconstructie te beginnen. In de tussentijd verbleven de resten van de huizen - natuurstenen muren, vloeren, draagbalken, kozijnen en afgelopen trappen - veilig bewaard in een oude tank- loods op de Veluwe.


Plannen voor de herbouw van het Turkenpension kwamen overigens tamelijk onverwacht. 'Met de huizen hadden we in eerste instantie voor ogen stedelijke geschiedenis toe te voegen aan ons assortiment', vertelt Gijsbers. 'Pas na onderzoek bleek in één van de voorhuizen een Turkenpension te hebben gezeten.'


Zo vervult het stukje Westerstraat niet alleen de vraag naar stedelijke historie in het museum, waar tot nog toe voornamelijk voorwerpen en gebouwen van het platteland te bezichtigen zijn, maar voegt het als vanzelfsprekend een deel 'onmisbare migratiegeschiedenis' toe.


Gijsbers: 'De Jordanese stadscultuur bestaat uit invloeden van tal van migranten. Italianen kwamen als beeldengieters en aardenwerkvervaardigers en brachten de voorliefde voor opera in de volkswijk; Fransen zetten er draaiorgelfabrieken op. Die invloeden binnen de Nederlandse geschiedenis kunnen we niet zomaar uitgummen.'


Met het Turkenpension zullen verhalen van de eerste generatie Turkse gastarbeiders aan de hand van beeldmateriaal, foto's en het interieur worden verteld. Het zijn beelden en verhalen over de aankomst in het koude Nederland, eind jaren '60, en het verblijf in overvolle pensions bestaande uit stapelbedden en simpel meubilair, door de arbeiders vaak in tweedehands zaken gekocht.


In de andere delen van het stukje Westerstraat worden een authentiek postkantoor uit de jaren '50 en een typisch Jordanees café nagebouwd. Gijsbers: 'In het postkantoor, dat wordt ingericht op de begane grond in één van de drie voorhuizen, willen we aandacht schenken aan de rol die brief-, telegram- en telefoonverkeer hebben gespeeld in het verbinden van mensen die als gevolg van migratie op afstand van elkaar zijn beland.'


Het café zal het toneel vormen voor de geschiedenis van de Jordaan: als 'pauperdorp' een thuis voor minder draagkrachtige nieuwkomers, waaruit een broederlijke, bruisende volkscultuur ontstond.


Hoe het Turkenpension er precies komt uit te zien, is nog niet helemaal duidelijk. Dat moet blijken uit de verhalen van toenmalige bewoners van het pension en gelijksoortige pensions. Die moeten nog worden opgespoord.


Gijsbers: Vooraf hadden we wel een beetje vrees. Een Turkenpension, dat klink toch een beetje vreemd. Gelukkig kregen we veel positieve reacties. Mensen van het Turkse consulaat, politici, individuen en Turkse (arbeiders-) verenigingen werden herinnerd aan die tijd. Velen hebben familie die hen met dit deel van de geschiedenis verbond. Ook wordt het verhaal van de Turkse migranten nog niet elders zo uitvoerig verteld, terwijl het van grote invloed is geweest op het leven in Nederland.'


Het stukje Jordaan, dat met het honderdjarig bestaan van het museum in 2012 zal worden geopend, markeert de afsluiting van een vierjarige focus op emigratie en immigratie door het museum. Wat staat er te gebeuren na 2012? Een reconstructie van een authentieke vinexwijk? Of een rijtje doorzonwoningen misschien?


Dat houdt de directeur nog even geheim. Gijsbers: 'Met de herbouw van de Westerstraat hebben we het immigratie- en emigratieverleden in Nederland als het ware verankerd, en vanzelfsprekend onderdeel gemaakt van de Nederlandse geschiedenis. Misschien is het een idee daarna de periode vóór de e-mail en mobiele telefonie uit te beelden. Ook machtig interessant. Mijn zoon heeft geen idee meer hoe te leven zonder zijn mobieltje.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden