Arijan komt nooit meer van Adje af

De eerste keer dat we Arijan van Bavel tegenkwamen, was rond de eeuwwisseling, in de Efteling. Hij liep achter de fanfare aan.

Hij deed enthousiast mee, met zijn lyra – een soort xylofoon met doordringend hoge tonen. Een aandoenlijk gezicht was het. Die lange slungel met zijn hangende lip en enigszins scheve mond stal de harten van veel omstanders. Ondanks zijn geestelijke beperkingen deed hij toch maar mooi en vrolijk mee. Dachten we.

Muziekvereniging
Enige jaren later verscheen hij in het televisieprogramma Mooi! Weer De Leeuw, met zijn collega’s van de muziekvereniging uit Budel. ‘Lieve Paul, ik ben Adje. Mag ik een liedje zingen, want onze dirigent wordt 50 jaar’, had hij aan Paul de Leeuw geschreven. Adje, chef emballage bij een kruidenier, stal de harten van iedereen.

Paul de Leeuw kwam er pas een dag later achter dat hij er ingestonken was: Adje was een acteur. Maar hij hield zijn mond en liet de sukkelige slungel in zijn oranje overhemd elke week opdraven. Adje werd een hype. Zelfs na drie jaar zijn er nog kijkers die denken dat Adje echt is en de geestvermogens niet helemaal op een rijtje heeft.

Zijn optredens bij Paul de Leeuw hebben de acteur geen windeieren gelegd. Adje is een BN’er, een bekende Nederlander. Het theaterproductiehuis De Zingende Decoupeerzaag, waarvan hij directeur/eigenaar is, telt vijf werknemers en bijna honderd freelancers die op afroepbasis beschikbaar zijn. Hij toert rond met de Revue van Nu, een theatershow met de muziekvereniging de Zingende Decoupeerzaag uit Budel, waarin Adje de hoofdrol speelt. Daarnaast verzorgt het productiehuis ook Zing a Song-voorstellingen, waarin mensen met Adje een liedje mogen zingen. Vooral bij bedrijven zijn die shows populair.

Theater
Zijn bekendheid leek ook goed van pas te komen bij zijn plan om een theater in zijn woonplaats Tilburg te exploiteren. Het gemeentebestuur was dolenthousiast. De meerderheid van de gemeenteraad was minder te spreken over het ‘Adje-theater’. Twee weken geleden traden alle wethouders af. ‘Adje stort Tilburg in crisis’, luidden de krantenkoppen.

Het is vooral het personage van Adje dat het ambitieuze plan voor het Midi-theater nu in de weg lijkt te staan. Gemeenteraadslid Hans Smolders – elders in het land vooral bekend als ex-chauffeur van Pim Fortuyn – noemt Tilburg al smalend ‘malle Adje-stad’. Bij de presentatie van het theaterplan in november schitterde niet de ondernemer Arijan van Bavel, maar de sukkel Adje.

Het is voor journalisten niet makkelijk om Arijan van Bavel te spreken te krijgen. ‘Arijan treedt niet makkelijk als Arijan naar buiten. Hij wil het mysterie van Adje in stand houden. De mensen willen in twee dingen geloven: in Sinterklaas en in Adje’, zegt Joris Bengevoord, projectleider en beoogd zakelijk directeur van het Midi-theater. ‘Adje is het merk dat hij koestert. Dat is voor hem heel veel waard.’

Karaktermoord
Het is alsof Van Bavel karaktermoord pleegt als hij zichzelf is en niet Adje speelt. Zijn kantoor is gevestigd in twee kleine kamers van een oud kloosterziekenhuis, tegenwoordig ‘broedplaats’ van jonge, creatieve ondernemers. Tijdens het gesprek, buiten in het zonnetje, komt een schoolklas langs. Je ziet de kinderen kijken, kijken en nog eens kijken: is hij het?

Adje is niet gekleed in het karakteristieke oranje overhemd en rood-wit-blauw gestreept hesje. Van Bavel heeft een blauwe sweater en spijkerbroek aan. Maar hij heeft wel het gezicht en slungelige postuur van de televisieheld. Na enige aarzeling roepen ze enthousiast: ‘Adje!’ Van Bavel zwaait vriendelijk, maar een beetje onwennig terug. Liever had hij hier als Adje gezeten, dan had hij lekker kunnen ‘keten’ met zijn fans.

Is hij niet bang voor het Swiebertje-effect? Van Bavel lacht: ‘Ik ben al Swiebertje. Ik kom nooit meer van Adje af.’ Paul de Leeuw zei het na zes weken tv-show ook al: ‘Als we hiermee doorgaan, kom je er nooit meer vanaf.’

Van Bavel: ‘Ik kon stoppen of doorgaan. Ach, André van Duin speelt ook altijd dezelfde rol, soms met een ander hoedje op of jasje aan. Ik speel de schlemiel, de sukkel. Daar vermaak ik de mensen mee. Waarom zou ik een andere rol spelen? Een bakker gaat ook geen vlees verkopen omdat hij zo goed brood kan bakken.’

Horecafamilie
Arijan van Bavel (1979, Breda) komt uit een horecafamilie. Zijn ouders hadden een café in het kerkdorp Molenschot, bij Breda: ’t Kusterke. De naam verwijst naar zijn opa, die koster was. Café en kerk vormden een gouden combinatie: na alle rouw- en trouwdiensten was er een Brabantse koffietafel in ’t Kusterke. Maar het dorpsleven verliep, het café sloot de deuren en het gezin verhuisde naar het naburige Gilze. ‘Dat mensen naar de zin maken en laten lachen, dat heb ik door het café. Ik voel me geen toneelspeler, maar entertainer’, zegt hij.

Zijn twee jaar jongere zus Marloes, directiesecretaresse op een accountantskantoor: ‘Ook na het café heeft onze vader in de horeca gewerkt. In het restaurant voerde hij parodieën op. André van Duin op een bandje en die ging vader dan nadoen. Hij vond het ook leuk om het mensen naar de zin te maken. Dat heeft Arijan van hem.’

Ook de kleine Arijan probeerde vaak André van Duin, zijn grote idool, na te doen. ‘Hij was een rustige jongen die weinig op de voorgrond trad. Maar hij vond het wel leuk om stukjes op te voeren, in huis en op school. Hij was echt de leukste thuis’, aldus Marloes.

Leren
Leren ging hem minder goed af. Rekenen en spellen vond hij gruwelijk moeilijk. ‘Nog steeds snap ik de ballen van taal’, aldus Arijan. Hij bleef zitten en ging zelfs twee jaar naar het speciaal onderwijs in Breda. ‘Daar heeft hij geleerd zich te ontplooien’, aldus Marloes. ‘Het ging bij hem stapje voor stapje. Maar uiteindelijk heeft hij wel het hbo gehaald. En nu heeft hij het beter voor elkaar dan ik.’

Beroemd wilde hij worden. Toen hij als 6-jarig ventje in een restaurant een bekende persoon omringd door lijfwachten tegenkwam, zei hij tegen zijn moeder: ‘Mama, ik loop straks ook met bodyguards rond.’

Marloes van Bavel: ‘Zijn droom is werkelijkheid geworden, al heeft hij gelukkig geen bodyguards nodig.’

Op 12-jarige leeftijd scheidden zijn ouders. Arijan en Marloes vertrokken met moeder naar Oss. Hij ging naar het lbo (tegenwoordig vmbo), verzorgende richting, gevolgd door de mbo-studie als sociaal-pedagogisch werker. In Nijmegen voltooide hij vier jaar geleden de hbo-studie dramatherapie: via drama en rollenspel mensen helpen. Hij was toen al volop actief als acteur.

Musical-werkgroep
Dat begon als jonge tiener bij de musical-werkgroep van Frank Sanders en Jos Brink. ‘Ik wilde toneelspeler worden’, vertelt hij. ‘En dus schreef ik een brief aan Jos Brink, die ik zelf had uitgetypt. Daar was ik best trots op. Ik was nog heel kinderlijk. Maar ik mocht komen. Elke zondag en maandag repeteren in Amsterdam, en na twee jaar een voorstelling.’

Rond de eeuwwisseling solliciteerde hij op een vacature in de krant: ‘Wil je acteur in de Efteling worden?’ Dat leek hem wel wat. Als kind had hij jaarlijks het Brabantse pretpark bezocht. Van Bavel deed mee aan de Enige Echte Efteling Fanfare. Daar leerde hij Han Hazewindus kennen, die tambour-maître bij de EEEF was. ‘Arijan had de lachers aan zijn kont hangen’, zegt Hazewindus. ‘Iedereen wilde met hem op de foto.’

Zingende Decoupeerzaag
Na vier jaar wilde de Efteling iets anders. Van Bavel, Hazewindus en vier anderen gingen verder met de fanfare, die ze omdoopten in De Zingende Decoupeerzaag, de muziekvereniging uit Budel. Van Bavel: ‘Ik kwam een keer langs Budel. Dat vond ik wel een leuke naam.’ Budel ligt ook niet ver van Bergeijk, bekend van Radio Bergeijk. Van Bavel: ‘Nog steeds bellen mensen naar het gemeentehuis in Budel en vragen waar Adje woont. Dan zeggen ze maar dat ze dat niet weten.’

In de shows is Hazewindus de aangever. Van Bavel knikt als Adje de grappen en grollen in het doel. Hij springt verkleed als poedel door een hoepel of zingt met de zaal het kinderliedje In de Maneschijn. Het is laagdrempelig, een soort theater van de lach, met slapsticks en onderbroekenlol. Via Paul de Leeuw kwam de grote doorbraak. ‘Arijan is een bijzonder bezige jongen’, zegt Hazewindus. ‘Hij is allesbehalve de sukkel die hij speelt.’

Volgens hem bruist Van Bavel van de ideeën. Hij is ondernemend, zowel creatief als zakelijk. De Zingende Decoupeerzaag was eerst een vennootschap onder firma. Sinds vorig jaar zijn Van Bavel en Hazewindus opgesplitst: Van Bavel is nu enig eigenaar van het productiehuis.

Ondernemer
‘Arijan is altijd wel ondernemer geweest’, aldus Hazewindus. ‘Kwam ik terug van vakantie, had hij een kantoor met vier computers geregeld. Organiseren kan hij goed. Soms bel ik met het kantoor en krijg ik weer een nieuw iemand aan de lijn, die Arijan net heeft aangenomen.’

Liesbeth Leijssen, topambtenaar bij de gemeente die betrokken is bij het theaterproject: ‘Hij is een innemend mens die precies weet wat hij wil. Hij is heel zelfbewust.’ Maar Adje blijft wel steeds aan hem kleven. Zakenpartner Bengevoord: ‘Het is de eerste keer wel wennen. Dat geeft soms hilarische taferelen. Dan komen we bij een bedrijf binnen, denken ze dat ik de begeleider van een gehandicapte ben.’

Ondanks de roem – er zijn diverse fansites en hij heeft op zijn fanclub op Hyves bijna 35 duizend vrienden – is Van Bavel niet naast zijn schoenen gaan lopen. ‘Daar is hij veel te aards voor’, zegt Hazewindus. ‘Hij kan best spotten met zijn BN’er-schap. Hij is scherp in zelfkritiek.’ Zus Marloes: ‘Voor ons is Arijan ons Arijan gebleven.’

Hondencommando's
Maar gewoon over straat lopen, wordt steeds lastiger. Adje wordt vaak nageroepen. Volgens Hazewindus gaat Van Bavel daar meestal heel makkelijk en vriendelijk mee om: ‘Hij wordt nooit bot. Alleen als hij bijna hondencommando’s krijgt, raakt hij wel wat geprikkeld.’

De jonge acteur/ondernemer weet niet waar het allemaal naartoe gaat. Hij zegt nog veel te leren van Paul de Leeuw: ‘We bereiden bijna niets voor. Het is veel improvisatie. We keten met elkaar.’ Niks is hem te dol, of hij nu in tienduizend eieren of een badkuip met vla moet liggen. Van Bavel: ‘Ik ben een groot fan van André van Duin. Als mensen maar lachen. Het hoeft allemaal niet zo maatschappijkritisch.’

Adje (Foto: Marcel van den Bergh)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.