Column

Arie Slob bracht 'gratis bier' naar Den Haag

Over Arie Slob, de voorman van de ChristenUnie die de politiek verlaat, vallen dezer dagen uitsluitend aardige woorden. Vakman, inhoudelijk gedreven, wijs, solide, empathisch, bedaard, gedegen, het tegenovergestelde van ijdel, et cetera. Nergens treft men zo veel verschillende versies van de waarheid aan als op het Binnenhof, maar deze kwalificaties zijn waar.

Arie Slob in zijn werkkamer Beeld anp
Arie Slob in zijn werkkamerBeeld anp

Waarderende woorden zijn er ook voor zijn strategische zetten en zijn politieke inzicht. Slob was de man die, nadat de ChristenUnie gebutst uit het ongelukkige vierde kabinet van Jan Peter Balkenende was komen rollen, de partij vanuit de oppositie met een handvol zetels weer relevant wist te maken. Door een mand vol politieke splinters bij elkaar te rapen, de hand uit te steken naar Mark Rutte en Diederik Samsom, en de verlossende woorden te spreken: kom, ik zal uw lijm zijn. De achterkamertjes in, de getuigenispolitiek ver voorbij. Met als opmerkelijke bijkomstigheid dat je over de complexe relatie tussen de ChristenUnie en homoseksualiteit haast niemand meer hoort. Het verzet tegen verplichte 'homolessen' op scholen: wie weet het nog? Ook dat is waar.

Er is sympathie voor zijn volgende carrièrestap: niets dikdoenerigs in het bedrijfsleven, geen chief executive officer of chief treasurer, geen baan die het uitmelken van zijn politieke netwerk behelst ten behoeve van de lobby voor een dubieus deelbelang, geen erebaan in de polder die toegang garandeert tot feestjes en partijtjes. Slob wordt directeur van het Historisch Centrum Overijssel, beheerder van archieven uit Overijssel. Baas van stapels papier, dozen vol in documenten vervat cultureel erfgoed. Op de website staat een geinig filmpje waarin inzichtelijk wordt gemaakt hoe men een archiefdoos vouwt. Een bescheiden en dienstbare functie, net als de man zelf, zeggen de mensen. Ook dat is waar.

Zijn heldendaden worden gememoreerd: door bij tijd en wijle te dreigen de boel uit elkaar te laten vallen, in talloos veel splinters, wist hij kazernes, kleine scholen, huisvrouwen, gratis schoolboeken, tbs-kliniek Veldzicht - tja, wat eigenlijk niet? - te redden. Hij zoog de borst vol lucht indien hij dat nodig achtte, blies zachte dreigementen. Soms lachten ze hem voorzichtig uit, vaker trof hij doel. Het is waar. Of nou ja, ongeveer waar.

Eén markante daad van Arie Slob is schandalig onderbelicht gebleven. En dat is zijn in belang moeilijk te onderschatten bijdrage, op 24 april 2012, aan het parlementaire taalgebruik.

Als Geert Wilders een nieuwe trouvaille de arena in slingert, 'nepparlement' bijvoorbeeld, trekt dat buitensporig veel publiciteit. Ook het taalgebruik van de premier, een taal die een zorgeloze wereld ontsluit waarin de probleempjes klein zijn en de luchten wolkenloos, is aan menig analyse onderworpen.

Maar toen Arie Slob een belangrijke vernieuwing invoerde, raakte alleen een klein clubje liefhebbers in vervoering. Hij was het die als eerste - aanvankelijk in het tv-programma Pauw & Witteman, later in het heiligste der heiligen: de vergaderzaal van de Tweede Kamer - een minderwaardig voorstel van een tegenpartij afserveerde met de woorden: 'Dat noemen we: vandaag gratis bier en morgen zien we wel verder.'

Het begrip 'gratis bier' werd daarna van iedereen die zich wilde profileren als tegenstander van onbesuisd overheidsgeld uitgeven. Ten behoeve van de geschiedschrijving: het was Arie Slob die het begrip naar Den Haag bracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden