Applaus voor verrassende voorstelling zonder acteurs

Kunstenfestival..

BRUSSEL Je kunt er naar blíjven kijken: drie grote bassins met bubbelende vloeistof, zacht deinende, witte oppervlaktes met belletjes die uit elkaar spatten, als een soort wolkjes kort verder zweven en dan oplossen.

Het geheel vormt het laatste deel van Heiner Goebbels’ Stifters Dinge, een muziektheatervoorstelling die één grote installatie is; zonder acteurs, maar met een ongelooflijke hoop ‘dingen’ om naar te kijken; intrigerend, verrassend en vaak geestig ook.

De Duitse ‘theateruitvinder’ Goebbels liet zich inspireren door de natuurbeschrijvingen van de 19de-eeuwse schrijver/filosoof Adalbert Stifter. In de voorstelling zit ook een stukje tekst van diens Mappe meines Urgrossvaters, maar dominant is Stifter niet: eerder wil Goebbels zijn publiek aanzetten zich over te geven aan het kijken naar de kleinste details, zoals je dat tijdens een natuurwandeling zou kunnen doen.

En aan het luisteren, dat ook, want hij heeft een prachtige contraptie gebouwd die (onder meer) uit liefst vijf piano’s bestaat die de uiteenlopendste klankcombinaties voortbrengen. De grote theatermachine kan zich over de scène (en de waterbassins) heen en weer bewegen – en glijdt dan ook uiteindelijk zelf naar voren om het warme applaus te halen dat hem/haar zeker toekomt.

Goebbels vormde een van de openingsacts van het Brussels Kunstenfestivaldesarts, dat dit weekeinde sterk begon en zo’n drie weken zal duren, met een (internationale) keur aan theater, dans, performances, en beeldende kunstmanifestaties door de hele stad. Een aantal producties komt bovendien daarna naar Nederland.

Een dwingend thema heeft de editie 2008 niet, al merken de programmeurs op dat beelden van ‘verdwijning en einde’ het festival regelmatig doorkruisen. Onherroepelijk is dat het geval bij End, de eerste grote-zaalproductie van de Belgische theatermaker/beeldend kunstenaar Kris Verdonck. End zou je ook als installatie kunnen zien; het is een hypnotiserende loop van beelden, van zwoegende personen in een duistere wereld. Ieder voor zich een last torsend, bewegen ze zich via een vast parcours door de theatrale ruimte die wordt gedomineerd door een groot videoscherm met zware wolkenpartijen; een donker monotoon gedreun op de achtergrond versterkt het gevoel van onheil, angst en een naderend einde.

Tussen de figuren bevindt zich een man in een rijdende glazen kooi, die voortdurend hardop voorleest: verhalen van verschrikkingen, (natuur-)rampen uit het verleden, oorlogen, ellende die is geweest en/of die misschien nog komen gaat. Mede door de schier eindeloze herhaling van dit al, raak je in een zekere trance; behoorlijk heftig is het, deprimerend op momenten, maar als theaterstuk ook indrukwekkend.

De ongrijpbare wereld van het callcenter is onderwerp van Call Cutta in a Box van het collectief Rimini Protokoll. Deze drie Duitse theatermakers werken vaak met niet-professionele acteurs – mensen die op bepaalde wijze wezenlijk betrokken zijn bij datgene waarop de voorstelling zich richt; zo maakten ze eerder Sabenation, over en met oud-medewerkers van de failliete luchtvaartmaatschappij Sabena. In Call Cutta maak je als ‘toeschouwer’ ieder afzonderlijk op heel eigen wijze kennis met een callcenter-employee, en dat gaat (uiteraard) over de telefoon in een persoonlijk gesprek van bijna een uur. Hoe de ‘voorstelling’ dan precies verloopt, is natuurlijk niet in de laatste plaats afhankelijk van je eigen input. Idee en (zorgvuldige) opzet zijn in ieder geval leuk genoeg.Karin Veraart

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden