Appeltaart (8)

Volgende opgave: maak van een vormeloze klomp deeg een officiële taartbodem. Volgens de post bestaan daarvoor grofweg twee manieren. De eerste, klassieke, staat in vrijwel alle kookboeken: rol het deeg uit tot een lap en bekleed de vorm ermee....

C. Osnabrug uit Amsterdam gebruikt als ondergrond een gladde plaat van formica, hard glas of marmer en als deegroller een wijnfles zonder etiket, gevuld met koud water. Marijke Wagner uit Amstelveen: 'Als je het deeg tussen huishoudfolie legt, is het zonder plakken uit te rollen.'

Edward Schenk adviseert een vlakke, schone en vooral droge ondergrond die met bloem wordt bestrooid. 'Leg daarop de enigszins platgeslagen deegbal. Strooi ook daarop wat bloem en zet er de deegroller overheen. Regelmatig uitrollen naar alle kanten. Nooit te lang aan één kant blijven rollen; als een wat grotere deegcirkel is ontstaan, de lap gewoon omgooien als een pannenkoek. Dweil de weggestoven bloem weer een beetje naar het midden en strooi eventueel nog wat extra boven op de lap.' Ninette Nelis uit Almere strooit de bloem uit met hulp van een zeefje.

Plakt het deeg toch? De mogelijke oorzaken, aldus Riet Roelofs uit Emmeloord: 'A) te weinig bloem op tafel en aan de deegrol; b) te veel margarine in het deeg; c) tijdens het uitrollen te hard drukken; de deegrol moet om zijn as blijven draaien tijdens het uitrollen; d) te zacht deeg, dat verder moet opstijven.'

En verder, zo schrijven enkele lezers berustend, lukt deeg uitrollen de ene keer nou eenmaal beter dan de andere.

Maar daar hebben anderen iets op gevonden, onder wie Elly Post uit Laren. 'Een techniek die veel van kleien wegheeft. Een deegbol in het midden van de taartbodem, platdrukken naar de zijranden. De opstaande rand bekleden met lapjes deeg. Alles aandrukken tot het één geheel wordt.'

Naomi Will uit Tiel: 'Niemand die ziet of proeft dat de binnenzijde van het deeg niet zo glad is.' Koos Leemans uit Tilburg snijdt kleine schijfjes van een bal deeg en brengt die aan in de beboterde vorm. Vera van Kampen doet hetzelfde met deegplukjes.

Voor een mooie opstaande rand bestaat een trucje, toegepast door onder anderen Riet Roelofs. Tweederde van het deeg gaat bij haar in de bodem. Van het resterende deeg gebruikt Roelofs de helft om een rolletje te maken, dat ze in de vorm langs de rand legt en 2 à 3 cm omhoog duwt: voilá, de zijwand. Ninette Nelis rolt de rest van het deeg uit en maakt een paar brede repen voor de rand, die ze met eiwit waterdicht vastplakt op de bodem.

Bodem klaar? Bijna. Edward Schenk: 'Essentieel is dat er her en der gaatjes in de lap worden geprikt om lucht te kunnen laten ontsnappen. Niet te groot of te veel, omdat anders een vochtige inhoud door die gaatjes op de bakbodem terechtkomt, met desastreuze gevolgen.' Volgende woensdag weer recepten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden