Appels en peren in coma voor export

De onderneming

In Zeeland vond fruitbedrijf Van Rossum in de jaren zestig ruimte voor de groei van haar appel- en perenbomen. Dat is nu hard nodig vanwege de concurrentie uit Oost-Europa en het verdwijnen van de Russische afzetmarkt.

Erik en Adriaan van Rossum met Lizanno Riedijk. Beeld Aurélie Geurts

'De Conference moet de zee ruiken.' Erik van Rossum (41) kijkt onder een grijze winterhemel uit over kaarsrechte rijen Conferenceperenbomen. Vanaf zijn boerenerf strekken duizenden fruitbomen zich uit tot aan de dijk die het eiland Tholen beschermt tegen het water. Een halve meter uit elkaar, met drie meter verharde grond tussen de rijen, zodat de trekkers en de snoei- en plukmachines er nog net tussendoor kunnen. Van Rossums 33-jarige medewerker Lizanno Riedijk, ook al sinds zijn kinderjaren vertrouwd met het bedrijf en nu beheerder van het machinepark, stampt met zijn laarzen de compost aan die de boomwortels moeten beschermen tegen de vorst.

Achter de dijk liggen de zeearm het Keeten en de Oosterschelde. Vanaf de dijk kun je bij helder weer de Oosterscheldekering zien, het spektakelstuk van de Deltawerken dat een herhaling van de Watersnoodramp van 1953 moet voorkomen. Hier op het puntje van Tholen kwamen bij die nationale ramp 153 Stavenissenaren om het leven. Stavenisse (1.722 inwoners) was een van de zwaarst getroffen dorpen.

130 voetbalvelden

Dat was acht jaar voordat Antoon van Rossum in 1961 naar deze kleigrond kwam omdat hij met zijn kort voor de oorlog opgerichte fruittelersbedrijf in Utrecht tegen de grenzen van de groei aanliep. In Stavenisse was ruimte voor groei, al kon hij er als buitenstaander aanvankelijk zelf geen grond kopen. 'Dat recht was in de jaren na de Watersnoodramp voorbehouden aan de lokale bevolking', vertelt zijn zoon Adriaan, inmiddels 72 jaar oud en vader van Erik.

In die begintijd pendelde Adriaan vanuit Haarzuilens, onder de rook van Utrecht, met de trein en de bus naar Stavenisse. Later samen met zijn broer Nico per auto. Soms sliepen ze in de auto. 'Nu rijden we regelmatig naar Polen', zegt Adriaan, 'en dat voelt dichterbij dan de 140 kilometer die we 55 jaar geleden moesten overbruggen tussen Haarzuilens en Stavenisse.'

Nadat Nico en hij het bedrijf in 1969 hadden overgenomen van hun vader, kocht Adriaan er het ene aanpalende lapje grond na het andere bij. Veelal van kleine veeboeren of akkerbouwers op leeftijd en zonder opvolger. Broer Nico stapte er in 1984 uit om in Haarzuilens verder te gaan. In 2005 had Adriaan het bedrijf in Stavenisse uitgebouwd tot een oppervlakte van 65 hectare, 130 voetbalvelden groot. Op elke hectare staan, afhankelijk van het ras, 4.000 tot 6.600 fruitbomen. Overal rond de boerderij waar Adriaans zoon Erik nu samen met zijn Poolse echtgenote de scepter zwaait, zie je ze staan. Van de dijkweg die Stavenisse en Sint Annaland verbindt, tot aan de dijk langs het Keeten. 'Ja, ook van ons', antwoordt Erik van Rossum telkens bescheiden, terwijl we de ene na andere boomgaard in de verte aanwijzen.

Profiel

Bedrijf
Van Rossum Fruit

Waar
Stavenisse

Sinds
1939

Aantal werknemers
2 vaste medewerkers, 50 à 60 Poolse, Roemeense enNederlandse seizoensarbeiders

Jaaromzet
3 miljoen kilo peren en appels (in een normaal jaar)

Erik en Adriaan van Rossum Beeld Aurélie Geurts

Uithuilen

Het is hard werken in de fruitteelt en er komt veel handwerk bij kijken. Waar het kan, gebruiken ze de maaibalk. De correctiesnoei gebeurt altijd met de hand. Net als het plukken. 'Een perenboomgaard pluk je in één keer leeg. Door de appelboomgaard moet je soms wel vier keer heen om voldoende kleur te krijgen', zegt Riedijk.

Veel hangt van het seizoen af. En dus ook van het weer. Op 30 augustus 2015, vlak voor de start van de pluk, trok een zware onweersbui pal over hun terrein. In tien minuten tijd was 95 procent van de oogst kapot gehageld. 'Je kon een vinger in de beschadigde appels en peren steken', zegt Riedijk. Ze waren dat jaar niet verzekerd. 'Hagel is gemeen', zegt Erik van Rossum. 'Terwijl jouw hele oogst kapot is, heeft een collega verderop nul schade. Wat doe je dan? Bij elkaar komen, uithuilen en opnieuw beginnen.'

Gasdicht

Zes jaar geleden lieten de Van Rossums achter de familieboerderij een reusachtige loods bouwen. De opslag werd daarmee uitgebreid tot 32 koelcellen waarin in totaal 5,5 miljoen kilo appels en peren kunnen worden bewaard. Als het plukseizoen voorbij is, kan de markt niet in één keer de hele oogst opnemen. Vandaar de noodzaak van een opslag die waarborgt dat het fruit over een periode van maanden fris en knapperig blijven. Supermarkten willen het hele jaar door appels en peren kunnen leveren.

Eenderde van wat er ligt opgeslagen, is afkomstig van collega fruittelers in Zeeland en West-Brabant die zelf geen moderne opslagfaciliteiten hebben. De cellen zijn gasdicht afgesloten, op de deuren prijken waarschuwingsstickers. Het is niet de temperatuur binnen die levensgevaarlijk is - ietsje onder het vriespunt - maar het extreem lage zuurstofgehalte van 1 tot 3 procent. In de cellen met appels ligt het zuurstofgehalte nog lager. Net genoeg om te voorkomen dat de suikers in de appels alcohol gaan produceren. 'De appels en peren liggen er als het ware in coma. Als je zo'n cel zou binnengaan, zou je onmiddellijk dood neervallen', zegt Van Rossum.

Handelssancties

Zijn onderneming produceert met name voor de export. Slechts eenderde van de oogst blijft in Nederland. Vrijwel elke week komen er vrachtwagens uit het buitenland een nieuwe lading ophalen. De onderneming begon met de teelt van appels, maar de percelen met Jonagold, Elstar en Delcor maken steeds meer plaats voor perenteelt. Naast de Conference zijn dat perenbomen van de rassen Beurré Alexander Lucas, Gieser Wildeman en Doyenne du Comice. 'Wij zien dat we het met appels niet meer gaan redden. Kostprijtechnisch kunnen we niet meekomen met de voormalige Oost-Europese landen. Daar zijn met hulp van de EU miljoenen appelbomen geplant. Met die appels slaan de Polen ons nu om de oren. Het klimaat is er goed. En de loonkosten zijn er stukken lager dan bij ons. Daar wordt het werk gedaan door Oekraïners, terwijl de Polen zelf hiernaartoe komen om te werken voor het Nederlandse minimumloon.'

Drie jaar geleden ging de belangrijke Russische afzetmarkt vanwege handelssancties op slot voor Nederlandse appels en peren. 'Dat geeft extra druk. Daar kunnen wij niks aan doen. Hagel is een bedrijfsrisico, dit niet', zegt Erik van Rossum. 'Het is aan onze schaalgrootte te danken en dus aan de jaren geleden door mijn vader gedane investeringen dat wij er nog zijn. Er zijn veel mooie familiebedrijven kapotgegaan. Ook wij teren in.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.