Antisemitische volkswoede

Half maart 1900: op een koude dinsdagmiddag werd in een meer bij Konitz, een stadje in West-Pruisen dat nu in Polen ligt, het onthoofde bovenlichaam van de achttienjarige gymnasiast Ernst Winter gevonden....

De bevolking huiverde. De volgende dag al gonsde het van de geruchten. De jongen zou vermoord zijn door de joodse slager Adolph Lewi. In de maanden daarna stapelden de verhalen en beschuldigingen tegen de joodse gemeenschap zich snel op. Twee weken na de moord raakten de gemoederen zo verhit, dat Konitz het toneel werd van demonstraties en relletjes, onder aanvuring van antisemitische kranten en propaganda. Met het naderen van de paasdagen kregen de verhalen een even morbide als vertrouwd karakter. De joden, zo heette het, hadden het bloed van Winter nodig om er hun matzes mee te bakken. Hij was het slachtoffer geworden van een rituele moord. Vanaf half april werden de joodse gemeenschappen van Konitz en omringende plaatsen steeds meer in het nauw gebracht. De volkswoede ontlaadde zich in gewelddadige incidenten. Uiteindelijk moest het leger de rust herstellen.

De gebeurtenissen in Konitz vormden de ergste uitbarsting van antisemitisch geweld in het Duitse keizerrijk. Het antisemitische geweld in Oost-Europa en de vele incidenten en processen tegen joden elders bewezen het aanhoudende emotionele effect van oude sjablonen als dit bloedsprookje. De gebeurtenissen daarna volgden – vrij naar de socioloog Karl Mannheim – 'de karrensporen in de paden van de geest'.

Hoe diep deze karrensporen waren uitgesleten, komt tot uiting in de titel van het boek dat de Amerikaanse historicus Helmut Walser Smith aan de affaire-Konitz heeft gewijd. De titel Het verhaal van de slager verwijst niet alleen naar de beschuldiging van een hoofdgetuige, de christelijke slager Gustave Hoffmann, tegen zijn joodse collega Adolph Lewy, maar ook naar een eeuwenoud antisemitische cliché rond het thema 'rituele moord'. De getuigenis van Hoffmann staat model voor de honderden andere geruchten en getuigenissen in deze zaak.

Het verhaal van de slager is een buitengewoon boek, en niet alleen omdat het zich laat lezen als een detective. Het boek opent perspectieven op een geschiedenis die veel verder reikt dan de moord en het antisemitisch geweld in een West-Pruisisch stadje – niet alleen terug in de tijd, maar ook vooruit, in de richting van de fatale ontwikkelingen tijdens het Derde Rijk in de 20ste eeuw. Zelfs voor de jaren daarna behouden Walser Smith's scherpe observaties en analyses veel van hun waarde. Het is immers niet moeilijk in actuele kwesties en affaires vergelijkbare patronen te ontdekken, al kent de hedendaagse samenleving zo haar eigen karrensporen, waarlangs de geesten – en de media – zich even makkelijk als in 1900 laten meevoeren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden