Weblog

Annemarie de Wildt (Amsterdam Museum): dekoloniseren leer je al doende

Het 'dekoloniseren'van het Amsterdam Museum gaat met vallen en opstaan, vertelt conservator Annemarie de Wildt. Waarom de titel 'De zwarte bladzijde' bijvoorbeeld toch niet zo goed was gekozen. Interview in de serie: hoe vertel je het verhaal van de slavernij en het kolonialisme met een hoofdrol voor de slachtoffers? Nederlandse musea worstelen met die vraag. Ze worden op hun huid gezeten door jongeren met een Surinaamse, Antilliaanse of Afrikaanse achtergrond.

null Beeld AM
Beeld AM

Even vooraf: hoe vertel je het verhaal van de slavernij met een hoofdrol voor de slachtoffers? Nederlandse musea worstelen met die vraag. Ze worden op hun huid gezeten door jongeren met een Surinaamse, Antilliaanse of Afrikaanse achtergrond. Hier de visie en praktijk van Annemarie de Wildt.

Het Amsterdam Museum trekt zich de kritiek uit de hoek van zwarte activisten aan en schakelt hen ook in, zegt conservator Annemarie de Wildt.

Ze maakte 'De Zwarte Bladzijde' een spoor met informatie over de betrokkenheid van Amsterdam bij de slavenhandel en de slavenarbeid in Suriname op een tentoonstelling over de Gouden Eeuw in 2013. Dat jaar werd gevierd dat 150 jaar daarvoor de slavernij was afgeschaft. Mooi, maar 'zwarte bladzijde' vond Simone Zeefuik van de groep 'decolonize the museum' wel slecht gekozen woorden: de slavenhandel was een structureel onderdeel van de Gouden Eeuw en een bron van de rijkdom hier.

Terechte kritiek vindt De Wildt, ze zou het nu een andere titel geven.

Het spoor zelf werkte wel goed, juist omdat bij voorwerpen en schilderijen op hun eigen plek in de museumopstelling een tekst stond die de bezoeker heel anders deed kijken. De betrokkenheid bij de slavernij (zoals een zwart persoon ergens verstopt op een schilderij) kwam iedere keer als een verrassing.

De Wildt vindt het dan ook jammer dat het spoor maar tijdelijk was. Ze porde sceptische collega's voor een alternatieve rondleiding door het eigen museum door Simone Zeefuik. Daarna vonden ze de kritiek toch minder vergezocht, zegt De Wildt.

Het debat gaat door en is niet op alle onderdelen beslist. Zo hameren activisten op de invoering van de term 'tot slaaf gemaakten' ter vervanging van 'slaven', een woord dat hun voorouders zou dehumaniseren. Soms is die vervanging beter, vindt de Wildt, maar vaak wordt het in teksten ook te gekunsteld, dus ze wisselt af. Het museum heeft een bordje opgehangen over de discussie rond het woordgebruik.

undefined

Annemarie de Wildt Beeld AM
Annemarie de WildtBeeld AM

Discussie is de uitweg, vindt De Wildt. Dus er zijn nu vaker gastrondleidingen door het museum, waarbij kritiek wordt gespuid, die dan weer tot levendige debatten met bezoekers leidt.

Voor de expositie Zwart Amsterdam het afgelopen najaar in het kader van de Black Achievement Month schakelde het museum de jonge zwarte expositiemaakster Imara Limon in. Het museum is verder betrokken bij Keti Koti tafels, diners met de debat georganiseerd door Mercedes Zandwijken en bij rondleidingen door stad langs slavernijplekken. In 2018 komt het museum met een project over hiphop in samenwerking met TopNotch.

Het oude argument van musea dat er zo weinig objecten te tonen zijn over het slavernijverleden, is achterhaald, vindt De Wildt. Er zijn zoveel andere manieren waarop een museum een rol kan spelen.

Een paar objecten heeft het Amsterdam Museum wel verworven: een Kabra (voorouder-)masker, gemaakt door kunstenaar Boris van Berkum samen met wintipriesteres Marian Markelo, een schilderij van de Surinaamse kunstenaar Ken Doorson die in het hoekje over Suriname hangt op de afdeling 18de eeuw en daar de tongen losmaakt en objecten van Quincy Gario tegen Zwarte Piet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden