Anneke Bosman 1959-2014

Ze voerde onvermoeibaar strijd voor de mensenrechten en werd het boegbeeld van Amnesty International

'Word je nooit moedeloos van zo veel geweld in de wereld?', werd Anneke Bosman in 2007 gevraagd. De activiste van Amnesty International antwoordde: 'Moedeloosheid is tijdverspilling waaraan niemand wat heeft. Ik denk bij zo'n vraag aan de Birmeese activiste Aung San Suu Kyi. Zij verliet in 1988 haar Britse man en zoon om in Myanmar voor haar zieke moeder te zorgen en zich in te zetten voor mensenrechten. Ze werd gearresteerd en kreeg huisarrest. Haar man zag ze voor het laatst in 1995; in 1999 stierf hij aan kanker. Tegen zo iemand kan ik toch niet zeggen: 'Ja sorry, ik voel me moedeloos.' Uiteindelijk ben ik maar een laffe activist die zich in Nederland inzet voor mensenrechten.'


Bijna dertig jaar streed Anneke Bosman voor Amnesty tegen de aantasting van mensenrechten. Op 29 maart overleed ze aan kanker. Ze werd 54 jaar. Hoofdredacteur Arend Hulshof van Amnesty's huisblad Wordt Vervolgd noemde haar 'het hoofd van het strijdlustige hart van Amnesty'. 'Dat deed ze met nimmer aflatende humor en zelfspot. Een rotsvast geloof had ze in Amnesty, van de onderzoekers in Londen tot de actieve leden die ze zo vaak toesprak op bijeenkomsten ergens in Nederland. Ze geloofde in het nut van acties tegen de massamoorden in Darfur, het politiegeweld in Zimbabwe en de rechteloosheid op Guantánamo Bay. Ze geloofde in Anna Politkovskaja, de Russische journaliste die ze in Amsterdam had ontmoet en die in 2006 in Moskou werd vermoord. Ook geloofde ze in Ken Saro Wiwa uit Nigeria, in Akin Birdal uit Turkije en in Valentino Achak Deng uit Soedan.'


Een van de hoogtepunten was de actie die ze in 1998 organiseerde met tv-presentatrice Angela Groothuizen om liefst 2,5 miljoen handtekeningen te verzamelen in het kader van het vijftigjarig bestaan van de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens. De actie leverde Amnesty 15 duizend nieuwe leden op.


Anneke Bosman werd geboren als dochter van een meubelwinkelier in Rijswijk. Al op jonge leeftijd was ze geëngageerd. Ze werd B-verpleegkundige, maar dat werk beviel haar niet. In 1984 meldde ze zich aan als vrijwilliger bij Amnesty. Ze werkte in die tijd ook nog enige jaren bij Theater Netwerk Nederland, want toneel was haar andere passie. In 1989 kwam ze in vaste dienst bij Amnesty International op de afdeling Actie, waarvan ze later het hoofd werd.


In november 2012 werd bij Bosman eierstokkanker geconstateerd. Haar strijd tegen menselijk leed verlegde zich naar een gevecht tegen tumoren, dat ze met dezelfde volharding voerde. Eind vorig jaar leek ze het van de ziekte te hebben gewonnen, na drie operaties en twintig chemokuren. Dolgelukkig was ze dat ze weer kon werken op het Amnesty-kantoor. In januari, na een vakantie in Marokko, bleek dat de tumor was teruggekeerd. Dat was een grote klap voor haar, maar ze gaf niet op. 'Wij mensenrechtenactivisten staan nou eenmaal niet graag machteloos', zei ze. Ze wist dat het dit keer tevergeefs was. Een van de laatste mailtjes aan haar collega's stuurde ze vanuit het ziekenhuis. Ze eindigde haar mail met een oproep: 'En teken nu alsjeblieft even de petitie voor Syrië op de Amnesty-website want wat daar gebeurt is ontluisterend en hartverscheurend. Daar mag een mens nooit cynisch over worden.'


Anneke Bosman woonde sinds 2001 samen met Lars van Troost, tot voor kort hoofd politieke zaken en persvoorlichting van Amnesty. Ze had een zoon, Thomas, uit een eerdere relatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden