ANNE TERESA DE KEERSMAEKER

De afgelopen vijftien jaar is Anne Teresa de Keersmaeker geëvolueerd van het meisje van de minimale dans tot een expressionistisch choreografe....

ARIEJAN KORTEWEG

Het koetje wou het watertje niet drinken

Het watertje wou het vuurtje niet blussen

Het vuurtje wou het stokje niet branden

Het stokje wou het hondje niet slaan

Het hondje wou Tippeke niet bijten

Tippeke wilde gedragen worden

Zo roept de ene weigering de andere op, totdat een lange ketting ontstaat, waarin alles met alles samenhangt. Het gefladder van een vlinder in China brengt in Amerika een orkaan teweeg. Het holisme voor kinderen verklaard.

Anne Teresa de Keersmaeker rent door een bos met dunne bomen en zingt dat Vlaamse liedje. Ze stamelt de tekst, verhaspelt de woorden, zwenkt tussen de stammen door en dribbelt om niet te vallen. Alsof ze een kind is dat in haar eigen droom is beland.

Later, bij de snelweg waar auto's met hun koplampen in de schemering priemen, wordt ze op slag een jonge vrouw met afzakkende jurk. Dan is ze van Tippeke in diens moeder veranderd.

Met de film Tippeke begint haar nieuwste voorstelling: Woud. Three movements to the music of Berg, Schönberg & Wagner.

Nu even terug naar vijftien jaar geleden, een theatertje ergens in Nederland. Twee meisjes in simpele zwarte jurkjes op stevige bottines pareren in Fase de muziek van Steve Reich met afgemeten bewegingen, die vaak verwijzen naar het leven van alledag. Een hand die door het haar strijkt, keukenstoelen, een felle blik opzij. In haar eigen land, België, is voor dergelijke dans nog weinig emplooi. Anne Teresa de Keersmaeker toert vooral in Nederland.

Haar groep Rosas telt nu veertien dansers en is sinds 1 januari 1992 huisgezelschap van het meest prestigieuze theater van het land: de Muntschouwburg in Brussel. Uitnemende musici zoals Reinbert de Leeuw, het Arditti String Quartet of - recentelijk - The Duke Quartet willen haar voorstellngen begeleiden. Ze werkt samen met vooraanstaande kunstenaars zoals Peter Greenaway. Festivals verdringen zich om haar nieuwste produkties. Sinds twee jaar heeft ze een eigen dansopleiding, PARTS, Performing Arts Research and Training Studios, die kan uitgroeien tot een broedplaats van talent, ook voor haar eigen gezelschap. Koning Albert II verhief haar op 19 juli vorig jaar wegens haar verdiensten voor de cultuur in de adelstand.

Barones De Keersmaeker werd geboren op 11 juni 1970 in Mechelen. Ze groeide op in een boerengezin met vijf kinderen, van wie er nog een, Jolente, de kunsten in zou gaan, als actrice bij Toneelgroep STAN. Anne Teresa leerde blokfluit spelen op de muziekschool, en ging pas laat - op haar achttiende - naar Mudra, de befaamde opleiding van Maurice Béjart in Brussel, waar dans een plaats had temidden van andere kunsten. Zelf had ze ook wel naar Studio Herman Teirlinck gewild, om een theateropleiding te volgen.

Na twee jaar gaat ze naar New York om aan The School of the Arts verder te studeren. Ze weet dan al dat ze vooral scheppend kunstenaar wil worden. Na Asch, een voorstelling die alleen in Brussel te zien was, maakt ze met Fase haar opwachting in het internationale circuit.

Het meisje uit Fase is een volwassen vrouw geworden. Wij, het publiek, hebben dat van nabij kunnen gadeslaan. We zagen hoe ze in haar eerste stukken steeds een brug naar het leven van alledag wilde slaan. Hoe ze ook haar wanhoop op het podium kwijt wilde. Hoe ze op zeker moment toch ook ruimte zocht en vond voor tederheid. De meisjeswereld werd opengebroken, de verontwaardiging veranderde in verleiding. Mannen hadden daar heel lang niets te zoeken gehad, maar in Medeamaterial kregen ze voor het eerst een plaats op het podium. In Ottone, Ottone was er voor het eerst sprake van direct fysiek contact; tot die tijd hadden de dansers als hemellichamen om elkaar heen gecirkeld: beïnvloeding zonder aanraken.

Het meisje van de minimale dans werd steeds meer een expressionistisch choreografe, die het hele palet aan emoties hanteerde. Steeds werd ze gestuurd, op koers gezet door de muziek. Thierry de Mey, Bartók, Monteverdi, alsmaar verder terug in de tijd leidde ze ons. We kregen Bach, Beethoven, Mozart te horen, zijn nu bij de laatromantiek weergekeerd.

De woede en het fanatisme die haar eerste stukken onder hoogspanning zetten, maakten geleidelijk plaats voor lyriek en liefde. Dat klinkt ook door in de keuze van de muziekstukken voor haar jongste voorstelling. Wagner onderbrak het werk aan de Siegfried-cyclus om de teksten van zijn beminde Mathilde Wesendonk op muziek te zetten. Schönberg koos de tekst van Verklärte Nacht uit liefde voor Mathilde Zemlinksy. Berg liet zich in zijn Lyrische Suite leiden door de initialen en het lievelingsgetal van Hanna Fuchs, zijn aanbedene.

Wie zoals zij heel jong debuteert en daarna met regelmaat nieuw werk presenteert, deelt een wezenlijk deel van haar ontwikkeling met het publiek. Zeker als de dans zo verregaand persoonlijk is als die van De Keersmaeker. Zelf zal ze benadrukken dat haar werk een zoektocht is, een poging tot ordening, een verkenning van mogelijkheden in de dans en andere kunsten. Maar of ze dat nu wil of niet, elke choreografie is ook een nauwkeurige weerslag van het moment, van de preoccupaties en stemmingen die daarbij horen.

Zoals het lot van Tippeke uiteindelijk samenhangt met dat van het koetje dat wel of geen watertje drinkt, zo is haar oeuvre een keten van acties en reacties. Elke choreografie geeft antwoorden op vragen die in eerder werk werden gesteld. Elke choreografie roept weer nieuwe vragen op.

Moderne dans is een kunst van maken en vergeten. De Keersmaeker heeft nu de middelen tot haar beschikking om zich tegen die vergetelheid te wapenen. Ze heeft haar vroege werk opnieuw op het repertoire genomen. Niet alleen wordt daarmee de coherentie van haar oeuvre zichtbaarder, ook de mate waarin dans en uitvoerder verbonden zijn, komt aan het licht. Elke heruitvoerng is een interpretatie.

En plein public heeft Anne Teresa de Keersmaeker zich ontwikkeld tot iemand met grote verantwoordelijkheden. Gezelschap en school draaien op haar creativiteit en inzicht. Tegenover het gemak van een onderdak in de Munt/La Monnaie, staan zware plichten. De Keersmaekers voorstellingen moeten geschikt zijn voor grote theaters, zoals het Muziektheater. Een halflege zaal is funest. Het publiek moet trouw blijven.

De sleutelpositie die ze in de Belgische dans kreeg toebedeeld, lijkt in haar werk sporen achter te laten. Haar recente werk, Achterland, Mozart/

Concert Arias, Toccata en Amor Constante, is dansanter dan ooit. Vanuit het expressionisme van Béjart en de minimale dans met Reich heeft ze zich een corridor naar de academische techniek gevochten. Niet als een vaardigheid die je komt aangewaaid op de balletschool. Maar als een territorium waartoe je pas na lange strijd toegang hebt.

Ooit, in Bartók/Aantekeningen, diende ze de componist van repliek. Ze beantwoordde de strijkkwartetten met een filmpje van poppen waarmee de gevolgen van een frontale bosting werden gesimuleerd, met teksten van Georg Büchner en Peter Weiss, met een danseres die steeds overal net te laat kwam. Nu is ze in de eerste plaats de trouwe reisgenoot van de componist. De tegenspraak is samenspraak geworden, de dialoog is harmonie. Ze zegt: 'Je hebt voor dans geen werkbare notering. Ik wil dat dansers partituren kunnen lezen, dat ze weten dat Beethoven na Mozart komt. Alles moet gearticuleerd worden in relatie tot muziek. Dat heeft zich de afgelopen jaren uitgewezen als hetgene wat voor dans de spil moet zijn, zoals tekst dat is voor de acteur.'

De muziek is van keurslijf via tegenspeler tot metgezel geëvolueerd. De stemmingswisselingen in haar werk hebben daarmee gelijke tred gehouden. Van vastberaden naar losbandig. Van doorwrochte symboliek naar lyrische bevlogenheid. Van bokkig gestamp naar vloeiende perfectie.

Een paar stoelen, hoge schoenen, ferme zwiepen met het hoofd; dat cliché is aan haar vroege dans blijven hangen. Zo werd ze door Theo & Thea gepersifleerd, in hun impressie van het Utrechtse Springsprong Festival. Dat is ook de De Keersmaeker waar Hans Kemna naar verlangde toen hij zei: 'Ik zou nog wel eens in een voorstelling van De Keersmaeker willen. Dansen op grote schoenen, in een simpel Chanel- jurkje.'

De sporen van het leven van alledag zijn niet meer zo gemakkelijk aan te wijzen. De stoelen in Achterland lijken afkomstig uit een kantoortuin. De carrière-mantelpakjes van de danseressen komen beslist uit een andere winkel dan waar dat zwarte jurkje van weleer vandaan kwam.

De eerste lichting van Rosas bestond uit onderling zeer verschillende danseressen: een lange Belgische, een authentiek Japanse, een sierlijke Italiaanse, een bedachtzame Nederlandse en De Keersmaeker zelf. Ieder van hen rekte met haar persoonlijkheid het gegeven van de choreografie op. Ze maakten van hun dans een rol, van zichzelf een karakter.

Daarna kwam de periode van de driftkoppen, die opmerkelijk genoeg samenviel met de tijd dat De Keersmaeker zelf niet meer danste. Donkere danseressen rolden als donderwolken over het podium, kregen hysterische lachbuien, konden vilein en verbazend teder tegelijk zijn, blonken eigenlijk uit in alles wat naar extremen neigde. In Erts bleek dat De Keersmaeker ook mannen met dergelijke vaardigheden had gevonden, mannen die dansten met de elegantie en zelfbewustheid van Prince.

Het recente werk vergt weer andere eigenschappen. Het theater lijkt zich geleidelijk uit haar werk terug te trekken, de jongste lichting van Rosas is eerst en vooral danser. Ze maken tours en l'air, beheersen de techniek tot in de perfectie. Hun dans is in opperste harmonie met de compositie. Ze maken de choreografie tot een zinnenstrelende metgezel van de muziek.

Toch zou ik stiekem willen dat De Keersmaeker weer eens aan de dans voorbij ging. Dat ze ouderwets ontzettend boos zou worden, zou stampvoeten en stamelen van pure woede. Om het hondje dat Tippeke niet wou bijten, om Tippeke die gedragen wilde worden. Om wat dan ook. En dat wij, haar toegewijde publiek, met haar zouden kunnen meestamelen. Nog dagen lang.

Rosas: Woud. Three Movements to the Music of Berg, Schönberg & Wagner. Choreografie: Anne Teresa de Keersmaeker. Muziektheater Amsterdam, 4, 5 en 6 januari.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden