Angst

Het is een mooie, rechte weg tussen Maastricht en Vaals, een echte oude rijksweg - de N 278...

Behalve recht is de weg ook glooiend. Hij klimt, hij daalt, net als het omliggende landschap - heuvels met grote hoeves, akkers en holle wegen die worden geflankeerd door oude bomen. Aan het einde van de lange, rechte weg ligt het hoogste punt van Nederland, de Vaalserberg, 322,5 meter boven NAP, en natuurlijk het drielandenpunt, waar België, Duitsland en Nederland elkaar raken. Het markeringsteken daarvoor is een soort grote, roestige gedenknaald, driezijdig, met in top een rafelige vlag van Brand-bier.

Wat de volkeren bindt.

Dé uitspanning van het drielandenpunt (waar zich ook een labyrint, een speeltuin en een wandelbos bevinden) heet De Grenssteen, en daar promootte Thom de Graaf gisteren de gekozen burgemeester. Hij deed dat door vlak naast de reusachtige kop van een in Noorwegen geschoten eland (een diersoort die tot 500 voor Christus op het drielandenpunt voorkwam) te debatteren met een Duitse, een Belgische en twee Nederlandse burgemeesters van grensgemeenten.

De discussie was geanimeerd, al waren er niet veel mensen op afgekomen. Behalve Thoms promotieteam en enkele wethouders uit de omgeving eigenlijk niemand - nou ja, een oude opa met zijn kleindochter en een mevrouw uit Leiden die speciaal voor de gelegenheid een kritische vraag had ingestudeerd waar de minister een goed antwoord op had. Het kleine meisje, met een plastic diadeem in haar blonde haar, trok af en toe aan opa's arm om op zijn horloge te kijken. 'We gaan zo', fluisterde hij dan.

Later die dag streek de onvermoeibare minister neer in de Schinvelder Hoeve in Schinveld. Hier wachtten hem belegde broodjes en een volle zaal tegenstanders van de gekozen burgemeester, aangevoerd door twee burgemeesters, de heren Meijers (van Onderbanken) en Som (van Kerkrade). Vooral de eerstgenoemde, een al wat oudere, kale, rondborstige heer met een kleurloze snor en een moderne bril, trok behoorlijk van leer, aanvankelijk trillend van de zenuwen, maar al snel op volle kracht. Daarbij liep hij rood aan.

De Graaf pareerde de kritiek vrij makkelijk, maar de essentie leek hij te missen, of hij wilde er niet op ingaan: angst. Haast tastbaar hing die in de zaal; angst voor het onbekende, angst als platteland de klos te zijn in de strijd met de grote steden, angst dat het fatsoen het verliest van het grote geld en populisme.

Tsja.

Het laatste woord in Schinveld werd gesproken door Martin Eurlings, vader van europarlementariër Camiel, een oude vos in het Limburgse CDA-landschap, een man zo gebruind dat je al op vakantie wilt als je hem ziet komen aanlopen. Hij verklaarde zich voorstander van de gekozen burgemeester, maar hij voegde eraan toe dat er toch een heleboel aspecten niet 'doorgeakkerd' waren, en dat politiek geen theater moest worden waar je af en toe naartoe ging. 'Daartoe zijn we niet op aarde.' Het beeld van de gekozen burgemeester, besloot hij, was dat het een speeltje was. 'We moeten oppassen dat we niet hier en straks en daarboven het verkeerde gesprek voeren', zei hij - en zijn kleine, bruine ogen knepen zich toe.

Daarop verliet de minister Schinveld om zijn lange weg langs glooiende akkers te hervatten. De zon scheen er schitterend op neer, maar vanwege de sneeuw was niet goed te zien of ze al geploegd waren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden