Angstdroom in kraambed

Een op de duizend moeders krijgt ermee te maken: een kraambedpsychose. In Rotterdam is een speciale kliniek. Karin den Oudsten, ervaringsdeskundige, schreef er een boek over.

ELLEN DE VISSER

Vijf dagen na de bevalling van haar zoon Jeroen krijgt Karin den Oudsten 's avonds het gevoel dat haar hoofd kortsluiting maakt. Opeens is de wereld om haar heen veranderd. Ze denkt dat ze God is geworden en dat ze moet strijden tegen de duivel.

Diezelfde nacht volgt opname in een psychiatrische kliniek, waar de diagnose wordt gesteld: kraambedpsychose. Twee dagen later wordt ze overgebracht naar het Rotterdamse Erasmus MC, dat een speciale afdeling heeft voor psychotische moeders en hun kinderen.

Tijdens de opname maakt ze aantekeningen die de basis vormen voor het boek dat ze vorig jaar publiceerde. Na het bidden ga ik dood biedt een indrukwekkend beeld van een kraamtijd die omslaat in een angstdroom. Ze belandt in een andere realiteit, waarin ze de besturing over zichzelf volledig kwijtraakt, de tijd steeds verspringt, en ze vooral een verpletterende angst en achterdocht ervaart. Uiteindelijk komt ze in de separeercel terecht.

Op geen enkele manier had ze de psychose zien aankomen, vertelt ze, even terug op de afdeling psychiatrie waar ze vijf weken verbleef. 'Ik heb een goede opleiding, een partner, de bevalling ging goed. Ik kan niets bedenken.'

Voor psychiater Veerle Bergink van het Erasmus MC is die volkomen onverwachte nachtmerrie waarin kraamvrouwen op haar afdeling terechtkomen al jaren een fascinerend onderzoeksthema. Van geen andere psychiatrische ziekte, zegt ze, is het begin zo overduidelijk gemarkeerd. Een op de duizend vrouwen krijgt er vlak na de bevalling mee te maken en het kan levensbedreigend zijn: het risico op zelfmoord of op het doden van het pasgeboren kind is reëel. Terwijl veruit de meeste jonge moeders geen psychiatrische voorgeschiedenis hebben. 'Het móét wel iets met zwangerschap en bevalling te maken hebben', zegt Bergink.

Met hoogleraar neurobiologische psychiatrie Steven Kushner bestudeerde Bergink de geschiedenis van 51 vrouwen. Ze publiceerde er deze week over in het Journal of Clinical Psychiatry. Haar onderzoek weerlegt het gangbare idee dat vrouwen met een kraambedpsychose al een bipolaire stoornis (manische depressiviteit) hebben en dat anders de kraambedpsychose aanleiding is om die diagnose alsnog te stellen.

Uitlokken

De meeste vrouwen hebben alleen een psychose in de kraamtijd en functioneren daarna weer prima, verduidelijkt Bergink in haar werkkamer. Ze vond geen risicofactor voor het uitlokken van de psychose. 'Het waren stabiele, vaak hoogopgeleide vrouwen met gewenste zwangerschappen en er waren niet meer zware bevallingen dan in de controlegroep.' Opmerkelijk: de psychoses openbaarden zich bij die 'blanco' groep vrouwen pas na gemiddeld een week. Bij de kraamvrouwen met een bipolaire stoornis gebeurde dat al na een à twee dagen.

Bergink meent dat een kraambedpsychose bij vrouwen zonder voorgeschiedenis als apart ziektebeeld moet worden benoemd. Bij velen van hen kan het gebruik van lithium (tegen stemmingswisselingen) en antipsychotica vrij snel worden afgebouwd, terwijl vrouwen met een echte manische depressie die veel langer nodig hebben.

Hoe die blanco vrouwen opeens in een psychose raken, is nog niet ontrafeld. Recent Rotterdams onderzoek, een paar maanden geleden gepubliceerd in het British Journal of Psychiatry, wijst in de richting van een biologische oorzaak. Bergink onderzocht met de groep van hoogleraar immunologie Hemmo Drexhage de schildklierfunctie van de vrouwen en ontdekte dat zij kort na de bevalling bijna drie keer zo vaak als gezonde mensen antistoffen in het bloed hebben tegen hun schildklier, wat wijst op een immuunstoornis. Ruim tweederde van de kraamvrouwen met extra antistoffen ontwikkelde een schildklierafwijking.

'Tijdens de zwangerschap ontstaat een selectieve rem op het immuunsysteem', legt Bergink uit, 'omdat vrouwen anders hun kind afstoten. Na de bevalling slaat die afweer aanvankelijk door. Bij vrouwen die daar gevoelig voor zijn, leidt dat tot het ontstaan van een auto-immuunziekte. Het lichaam maakt dan antistoffen aan tegen eigen cellen.'

Leidt de schildklierafwijking rechtstreeks tot de psychose of zijn ze allebei het gevolg van een gevoeligheid voor een instabiel immuunsysteem? Het antwoord is nog onduidelijk maar Bergink en haar collega's schrijven in hun artikel dat van alle vrouwen met een kraambedpsychose nauwlettend de schildklierfunctie in de gaten moet worden gehouden. Tijdige behandeling kan mogelijk bijdragen aan een snel herstel.

Kinderverdriet

Bij Karin den Oudsten verdwijnt de psychose bijna net zo plotseling als die is gekomen. Ze herinnert zich de huilbui van haar toen 11-jarige oudste zoon Mark, toen ze tijdens het bezoekuur vertelde dat ze hem en zijn vader niet kon vertrouwen. Het is zijn oprechte kinderverdriet dat haar alerter maakt en terughaalt naar de realiteit. Bergink: 'De psychose kent een natuurlijk verloop dat wordt bespoedigd door medicatie. Maar soms is er een trigger voor nodig om weer bij je positieven te komen.'

Samen leiden ze rond op de babykamer van de afdeling psychiatrie: die is niet direct bereikbaar voor de moeders die, zeker in de beginfase van hun ziekte, verderop verblijven, achter een gesloten deur. 'Aanvankelijk verzorgen en voeden zij hun kind onder begeleiding, omdat zij door hun ziekte onvoorspelbaar kunnen zijn', legt Bergink uit. Ook Karin had in haar bizarre psychotische wereld de aanvechting haar pasgeboren zoon te doden. 'Ik dacht dat ik een duivelskind had gebaard.'

Eenmaal thuis laat het definitieve herstel op zich wachten. Ze houdt last van hallucinaties, extreme moeheid en vreemde angsten. De psychose blijkt zo zwaar te zijn geweest dat ze leidt aan tijdelijk geheugenverlies. Bijna twee jaar - langer dan gemiddeld - slikt ze medicijnen. En ze neemt rust, bespreekt haar klachten voortdurend en schrijft alles op. Binnenkort verschijnt haar tweede boek over de periode, de roman Angst en onrust. 'Voordat ik een psychose kreeg, zag ik patiënten in de psychiatrie als mentaal zwak. Nu weet ik dat wat mij is overkomen, iedereen kan gebeuren.'

Vooral op haar oudste zoon heeft de hele periode diepe indruk gemaakt, zegt ze. 'Bij het bezoekuur zag hij mensen die erg vreemd deden, die de hele tijd hun voeten stonden af te vegen aan de deurmat bijvoorbeeld. Opeens behoorde zijn eigen moeder ook tot die categorie. Hij was zo van slag dat hij zich afvroeg of ik ooit nog zou thuis komen.'

Ruim een jaar na de geboorte van haar zoon heeft ze voorzichtig haar werk als ict'er weer opgepakt. 'Laatst moest ik dertig computers opnieuw installeren. Dat was voor mij een testcase. Het is me gelukt.'

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden