Angst voor het spookbeeld

Minister Sorgdrager van Justitie wil CP'86 door de rechter laten verbieden. Maar is het wel verstandig om een marginaal verschijnsel ondergronds te dwingen?...

TIM Mudde spreekt Nederlands. Niks bijzonders, want waarom zou hij iets anders spreken dan z'n moedertaal? Toch klinken sommige woorden ongewoon, zo ongewoon, dat je eerst niet weet wat hij bedoelt. 'Klevers', zegt hij, en 'rekenaar', waar een ander het heeft over stickers en computer.

Bij hem is het geen flauwe scholierengrap, maar bittere ernst. In de kringen waarin hij verkeert is het spreken van zuiver Nederlands een uiting van politieke correctheid. Want hoe kun je de groot-Nederlandse gedachte en het volksnationalisme uitdragen, nietwaar, als je je eigen taal al laat veroveren door vreemden? Dus plakt hij samen met kameraden klevers en plakkaten, en organiseert hij geen barcecue, maar een braaifestijn.

Het leven van Tim Mudde staat in dienst van 'de beweging'. Al zo'n jaar of vijftien beweegt hij zich tussen mensen die het net als hij niet begrepen hebben op vreemdelingen en vinden dat de heersende klasse het Nederlandse volk verlinkt.

Mudde maakt geen geheim van zijn opvattingen. Aan de deur van zijn keurige rijtjeshuis in Sassenheim is een symmetrisch kruis geklonken en om zijn hals hangt eenzelfde symbool. Het is een Thor-hamer, legt hij uit, een teken van kracht en leven.

Zijn carrière in de ultra-rechtse beweging begon hij als scholier die tegen de gevestigde moraal en orde in opstand kwam. Een beter recept om de omgeving te shockeren bestond er niet. Met een groep skinheads (Mudde: 'Ik kan ze wel kaalkoppen of huidhoofden noemen, maar toen heetten ze niet zo.') en hardrockers in Arnhem, ging hij tekeer tegen 'buitenlanders, linkse leraren, communisten en drugs'.

Samen bezochten ze een concert of een voetbalwedstrijd en belandden in de kroeg. Soms kwam het tot knokken, allicht, maar daar waren ze naar Mudde's zeggen niet per se op uit. Voor de meeste jongens betekende skinhead-zijn je samen sterk voelen en lekker rotzooi trappen. Tim Mudde wilde meer. Hij zocht een radicale ideologie die aansloot bij zijn gevoel van onrust en woede.

De politieke partijen van ultra-rechtse signatuur oefenden geen aantrekkingskracht op hem uit. 'Voor mij waren de kopstukken oude mannen. Baantjesjagers. Zakkenvullers.' Maar toen in 1990 Steward Mordaunt namens CP'86 gekozen werd in de Haagse gemeenteraad, voegde hij zich bij Mordaunt. 'Hij had dezelfde opvattingen als ik. De CP bleek heel radicale ideeën te hebben. En er zaten ook jongeren bij.'

De verkiezingen van 1994 brachten extreem-rechts een ongekend succes. Liefst 87 vertegenwoordigers van CD, CP'86 en het Nederlands Blok kwamen terecht in de gemeenteraden. Tot dan toe was het hoogste aantal, dat was vier jaar eerder, vijftien geweest. Zelf kwam Mudde maar zeven stemmen tekort om een zetel in de raad van zijn woonplaats Sassenheim te betrekken.

Het begin van de doorbraak? Van een patroon zoals in België, Frankrijk en Oostenrijk, waar ultra-rechtse partijen een zekere respectabiliteit hebben verworven en een fors gewicht in de schaal leggen? Achteraf blijkt van niet. Dat werd, vindt Tim Mudde nu, eigenlijk vrijwel meteen zichtbaar.

'In maart 1994 heeft de kiezer een waarschuwing gegeven. Maar in mei, met de Tweede Kamer, vond een groot deel het al genoeg.' De bewoners van achterstandswijken lieten zich in de luren leggen door VVD-leider Bolkestein, denkt Mudde. 'Hij is tegen buitenlanders, ik ook, dus ik stem op hem', was hun redenering. CP'86 - dat zich al een eigen plek in het parlement had gedroomd - bereikte de kiesdrempel niet.

Extreem-rechts kon de weelde van 87 raadszetels niet dragen. Mudde: 'De meesten hadden nog nooit vergaderd. Ze werden in het diepe gegooid. Er was geen structuur, geen organisatie waaraan ze houvast hadden. Ze hadden geen idee wat ze te wachten stond. Hun auto's werden in brand gestoken, hun kinderen en zijzelf werden bedreigd.'

CD'ers, CP'ers en leden van het Nederlands Blok gaven hun zetel op, verschenen niet op vergaderingen, stapten uit hun partij of liepen over naar de extreem-rechtse concurrent. Vandaag de dag, schat Mudde, vertegenwoordigen hooguit 35 van de 87 raadsleden de partij namens welke ze in 1994 waren gekozen.

ONDANKS de haat en nijd binnen en tussen de partijen, het ontbreken van organisatie en strategie, leek er in 1996 een bundeling van krachten te ontstaan. De revolutionaire nationalist, waarvan Mudde destijds hoofdredacteur was, zette hoopvol op de kaft van 'jaargang 2, nummer 8, grasmaand 1996': 'Zwolle en Leerdam, een nieuw begin?'

'De Nationale Volkspartij/CP'86 zal waarschijnlijk vaker gaan samenwerken met de CD bij manifestaties. De tijd is rijp voor een gezamenlijk standpunt, één vuist tegen het overheidsbeleid in gemeenten, provincies en natuurlijk in Den Haag', luidde de inleiding tot een op juichtoon geschreven verslag van twee demonstraties, waarvoor bij uitzondering toestemming was verleend door de burgemeesters.

Maar een jaar later was alles wat er aan die verbroedering herinnerde de rechtszaal in Zwolle, waar CD-leider Janmaat, CP-raadslid Freling en CP-activist Mudde met zijn drieën moesten verschijnen om veroordeeld te worden wegens racistische uitlatingen. Persoonlijke ruzies hadden de samenwerking in de kiem gesmoord. Binnen de CP'86 zelf deed zich een scheuring voor en Mudde stapte teleurgesteld uit zijn partij.

Hij is ervan overtuigd dat er in Nederland net zo'n voedingsbodem voor nationalisme bestaat als elders in Europa. Tegen de Europese plannen van de machthebbers in Nederland rijst vanzelf verzet. De bevolking staat het idee van één Europese munt, cultuur en taal tegen. Maar het groepje dat sinds jaar en dag de dienst uitmaakt in extreem-rechts torpedeert de kansen. Tim Mudde: 'Dit ultra-rechts moet sterven om een succesvolle beweging op te richten. Vers bloed is een vereiste.'

Als de opiniecijfers niet bedriegen zal ultra-rechts bij de komende verkiezingen terugvallen naar haar marginale positie van weleer. In de enquêtes behalen CP'86, Nederlands Blok en CD al twee jaar zulke lage scores dat de onderzoeksbureaus ze niet eens vermelden. Waren er nu Kamerverkiezingen dat zouden de Centrum Democraten misschien één zetel in de wacht slepen. CP'86 zou maximaal een paar plaatsen in gemeenteraden veroveren.

Het aantal leden van extreem-rechtse groepen schommelt al jaren rond de 1400, terwijl het aantal trouwe activisten de 200 niet overstijgt. Niettemin is de vrees voor het bruine gevaar er niet minder op geworden. Minister Sorgdrager neemt nu zelfs het initiatief tot een wettelijk verbod van CP'86. Is het eigenlijk verstandig om een marginaal verschijnsel verder uit te stoten en ondergronds te dwingen?

Cas Mudde, politicoloog, vindt dat de gevestigde orde overreageert op de vermeende dreiging. Daardoor versterkt zij de tegenstander juist of houdt die althans in leven. Via zijn broer Tim kwam Cas Mudde in aanraking met ultra-rechts. Hij raakte zo gefascineerd door het wereldje en het demonische beeld dat bij buitenstaanders bestond, dat hij er zijn studie-onderwerp van maakte en nu schrijft aan een proefschrift over de Europese neo-fascistische bewegingen.

Cas Mudde: 'In 1993 en '94 deden de gevestigde politici niet anders dan de burgers afraden om op ultra-rechts te stemmen. Ze lieten mensen die toch al kwaad waren weten: zo kun je de elite het meest dwarszitten. Een beroep doen op het fatsoen is onzinnig. We hebben te maken met een beweging, die juist tegen het fatsoen in opstand komt. Op die manier maak je van de CD en CP juist de aantrekkelijkste protestpartij.'

Een protestpartij hoeft niet goed te functioneren. Het is voldoende als zij als boe-roeper wordt herkend en erkend. Maar als een partij meer wil, en wenst uit te groeien tot een soort van alternatief voor de bestaande politiek, dan is er op z'n minst organisatorisch talent nodig. Cas Mudde: 'De uitslag van de vorige verkiezingen gaf hen nog één kans. Maar het is ze niet gelukt.'

Cas Mudde ziet in Nederland niet zo gauw een nationalistische subcultuur ontstaan waaruit ultra-rechts een kader kan recruteren. 'Voor het Vlaams Blok, de Oostenrijkse FP & Ouml;, het Franse Front National was die onderstroom elementair voor het ontwikkelen van hun beweging. In Nederland komt het oud-strijderslegioen er ideologisch het dichtst bij in de buurt, maar die club voelt met ultra-rechts geen enkele verwantschap.'

IJ ziet meer nadelen dan voordelen van maatschappelijke uitstoting van aanhangers van extreem-rechts. Hun burgerrechten - zoals het recht op vergadering en demonstratie - worden veelal geschonden. Zo'n aanpak ondermijnt de democratische rechtsstaat, radicaliseert de activisten en maakt hen slachtoffers van de bestaande orde.

Doordat de pers bovendien elk incident uitlicht en de politiek steevast reageert, lijkt ultra-rechts veel belangrijker dat het is. Cas Mudde: 'Allochtonen leven in de illusie dat extreem-rechts sterk is. Ze denken dat het een heel gewelddadige beweging is die terreur zaait.'

Hij vindt de houding van de grote politieke partijen nogal hypocriet. Ze staan ultra-rechtse groepen tot nu toe wettelijk toe, maar bieden hen geen democratische bescherming. Daarmee tonen ze hoe fatsoenlijk en antifascistisch ze zelf zijn en omzeilen ze in één moeite door lastige vraagstukken. De angst voor een spookbeeld wordt zo in stand gehouden.

'We zijn verkrampt over het onderwerp nationaliteit en etniciteit. Minderheden mogen geen inzet van politieke strijd zijn. Maar je moet er juist over debatteren. Het taboe maakt dat er geen enkel beleid is of dat er stilzwijgend een politiek wordt gevoerd waarvoor geen draagvlak bestaat. Niemand heeft het lef om te zeggen dat positieve discriminatie volledig heeft gefaald en moet stoppen. Er is geen visie op de multiculturele samenleving. De VVD werkt met losse kreten. De PvdA durft geen lijn te formuleren. Maar misschien is de consensus wel groter dan wordt gedacht.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.