Angst voor de afgrond

Van de tegenstelling tussen links en rechts is weinig overgebleven, zegt J.L. Heldring (84), die sinds 1960 de rubriek Dezer Dagen schrijft in de NRC, later NRC Handelsblad....

JEROME LOUIS Heldring is iemand 'die liever vragen opwerpt, dan ze beantwoordt', zegt een collega van NRC Handelsblad. Toch liet hij zich in 1982 verleiden tot deelname aan een debat over links en rechts, georganiseerd door de Volkskrant. Ook toen leek het verschil tussen die twee 'verduisterd'. Destijds betreurde Heldring het gebrek aan 'rechtse intellectuelen' te lande en citeerde de katholieke staatsman Nolens: 'Hier in Nederland wil men nog liever voor dief uitgemaakt worden dan voor conservatief.'

Twintig jaar en het afschudden van menig ideologische veer later, aan deze zelfverklaarde 'vrijzinnig-conservatief' opnieuw de vraag: Wat is links?

'Ik geloof niet meer in de links-rechts tegenstelling op het gebied van rechtvaardige verdeling van inkomens. Arbeiders zijn aan het verburgerlijken. Ik geloof niet dat ze ideologisch nog bevlogen zijn. Natuurlijk willen ze graag behouden wat ze verworven hebben de afgelopen tientallen jaren, maar dat is een menselijke eigenschap die je niet bepaald links kunt noemen.'

'Als je naar het ideologische links kijkt, dan gaat links er nog altijd vanuit dat de mens een redelijk wezen is - wat, geloof ik, een misvatting is. De mens is wel begiftigd met rede, maar dat maakt hem nog niet tot een redelijk wezen. Want hij heeft ook allerlei irrationele passies, te beginnen met de liefde. Maar ook: begeerte, hebzucht, jaloezie, en wat nog meer zij. Wanneer die collectief worden georganiseerd, kan dat levensgevaarlijk worden. Dat hebben we in de vorige eeuw gezien. Niet-links gelooft dat de onredelijke passies van de mens op de een of andere manier gekanaliseerd moeten worden.

'Tegelijk kan je wel rechts zijn en streven naar verbetering van de sociale omstandigheden. De eerste sociale wetten zijn gemaakt door Bismarck. En ik geloof dat de verzorgingsstaat eigenlijk zijn bron heeft niet zozeer heeft bij het socialisme alswel bij een pauselijke encycliek uit begin vorige eeuw. Daar is een soort sociaal-katholicisme ontstaan. Wat dat betreft kan je ideologisch meer behoudend zijn, maar toch zogenaamde ''linkse'' doeleinden nastreven, zoals sociale verbetering. Dus dat is niet de scheidingslijn.

- Werden die sociale wetten door conservatieven ook niet ingevoerd om erger te voorkomen?

'Dat kan best zijn. Ik praat niet over de intenties waarom ze dat gedaan hebben. Bij Bismarck was het misschien ook om de wind uit de zeilen te nemen bij de socialisten. Dat ontkracht niet het feit dat ze daartoe bereid zijn geweest en het kennelijk niet in strijd vonden met hun wereldbeeld.'

- De termen conservatief/progressief worden vaak geassocieerd met rechts

/links. Maar is links niet steeds conservatiever geworden, vechtend voor het behoud van het milieu en de welvaartstaat?

'Ja, dat is een conservatieve, menselijke eigenschap. Wat je hebt, wil je behouden. Maar dat is conservatisme met een kleine c, geen reflectief conservatisme.

'Het milieu is altijd een ratjetoe geweest van mensen die uit conservatieve hoek kwamen. De eerste milieugroepering was natuurlijk de Vereniging voor Natuurmonumenten. Dat waren keurige Amsterdamse heren, regenten. Dat hoeft dus niet links te zijn.

'Maar als je nou verder gaat: het fascisme als beweging, is dat links of rechts? Of conservatief? Nee, het breekt met alle normen en verhoudingen, ook sociaal. Hitler heeft de officierskaste opengebroken. Dat was revolutionair in Duitsland. Ook de jodenmoord, er is geen revolutionairder ingreep geweest in de wereld dan de moord op de joden. Dat heeft met conservatisme of rechts niets te maken. Lees maar het boek van Jacques de Kadt, Het fascisme en de nieuwe vrijheid, die ziet in het vroege fascisme voornamelijk zeer progressieve, antiburgerlijke gedachten tegen de bestaande maatschappij.'

'Revolutionair, maar niet internationalistisch. Daarom is het ook moeilijk om Hitler te vangen in de tweedeling links/rechts. Het was veel eerder een nihilistische beweging dan een rechtse beweging. Rechts, dat kun je misschien zeggen van Janmaat, maar Fortuyn vind ik al weer veel minder makkelijk te vangen onder een noemer.

- Maar wat is dan wel een onderscheidend element van links? De solidariteitsgedachte, het bieden van gelijke kansen?

'Ja, maar dat vind ik een algemeen gebod. Je hoeft niet speciaal links te zijn om dat te vinden. De gelijkheid van de mens kan je ontkennen, maar je kan toch wel uit een gevoel van rechtvaardigheid, of uit een gevoel van opportunisme, zeggen ''de mens moet gelijke kansen hebben''. Dat is niet specifiek een linkse gedachte.'

- Dan blijft er weinig over.

Lachend: 'Ja, dat geloof ik ook, dat er weinig overblijft. Behalve het mensbeeld.

- Zijn in herverdelingskwesties geen traditionele links/rechts-opvattingen herkenbaar?

'Rechts wil over het algemeen niet al te veel egaliseren en nivelleren. Maar er is een verschil tussen gelijke kansen geven en nivelleren. Je moet mensen wel kansen geven, maar als ze die niet nemen dan moet je ze ook niet verder in de watten leggen. Daar gaat men in de Amerikaanse maatschappij, met alle onrechtvaardigheden die er zijn, van uit. De kansen zijn er, daar gaat men van uit, en de mensen moeten die nemen. Vandaar ook dat er weinig sociale jaloezie in Amerika is. Het is me daar altijd opgevallen dat mensen helemaal niet jaloers zijn op mensen die heel veel verdienen.'

- De opkomst van Fortuyn noemt u een 'reusachtige verrassing'. Waar kwam die vandaan?

'In ons debat twintig jaar geleden hebben we gesproken over mijn stelling dat de samenleving kwetsbaarder was voor stromingen als fascisme dan in de jaren dertig. Toen kreeg het fascisme hier nauwelijks voet aan de grond omdat Nederland zo verzuild was. Ik ben nog steeds bereid die these te verdedigen, dat we nu kwetsbaarder zijn voor verschijnselen als het fascisme - of voor soortgelijke dingen die zich niet fascistisch noemen en het ook niet zijn, noem het populisme. Ook het fascisme is een populistische stroming geweest.

'Je zou kunnen zeggen: dat heeft in Nederland vorm gevonden - tijdelijk waarschijnlijk, want een charismatische persoon is daar ook voor nodig - in de stroming van Pim Fortuyn. Een stroming waar mensen dus ontvankelijk voor zijn, waar ze dat zeventig jaar geleden niet zo waren.'

- U citeert de Belgische journaliste Mia Doornaert, die Franse verkiezingen analyseerde. Het 'gewone volk' heeft lak aan liberalisering van joint, homohuwelijk en andere linkse stokpaardjes.

'Er is een sociologische verandering gekomen in de aanhang van links die te denken moet geven. Als inderdaad blijkt dat het volk niet-intellectuele bewegingen als Fortuyn naloopt, komt het socialisme dan niet in conflict met de democratie, de stem des volks? Of de PvdA de moed zal hebben die vraag te onderzoeken weet ik niet, maar ik vind wel dat ze dat moeten doen.'

- U werpt ook de vraag op of sociaal-democratie niet aan het eind van haar latijn is, omdat iedereen al geëmancipeerd is.

'Ik werp het op in vragende vorm, ik heb daar ook geen antwoord op. Wel nuttig vind ik de verklaring van de historicus Van Deursen, die zegt dat in de tweede helft van de 19e eeuw de liberalen de agenda bepaald hebben, in de eerste helft van de 20e eeuw de christenen en na 1945 de sociaal-democratie. Die tijd is voorbij, al moet je heel voorzichtig zijn want je weet nooit wat er komt.'

'Komt er weer een economische wereldcrisis, dan liggen de kaarten volstrekt anders. Dat er altijd een minimaal welvaartsniveau gegarandeerd is, dat is natuurlijk helemaal niet waar. Wat er dan komt weet niemand. Maar je kunt wel zeggen dat er dan een voedingsbodem is voor populistische stromingen die miljoenen in hun ban weten te krijgen.'

'Het zou mij dan zeer verbazen als bestaande politieke partijen, links of rechts, daarop een antwoord kunnen geven dat voor de grote massa's bevredigend is. Waarschijnlijker lijkt dan het terugvallen op de natie. Want de legitimiteit van Brussel wordt nog niet erkend. Ik ben er ook helemaal niet zeker van dat dat Europese bouwwerk dan blijft bestaan. Het is toch interessant wat er nu gebeurt met het stabiliteits-

pact van de euro, dat voortdurend wordt ondermijnd. Dat er een trend is naar re-nationalisering lijkt me wel duidelijk.'

- Welke rol speelt de mondialisering daarin?

'Die zet alles op losse schroeven. Het eenvoudige wereldbeeld, die tweedeling vanaf '45 tot '90 is voorbij. Dan tast je ook in het duister. Vanzelfsprekende steunpilaren van ons wereldbeeld, bij links en rechts, daar is onzekerheid over ontstaan. Zonder dat dat specifiek tot uitdrukking komt. Globalisering is het einde van de wereld waarin wij generaties hebben geleefd.'

- Er is de laatste tien jaar ook sprake van een verwijdering tussen Europa en Amerika. Daarbij worden de effecten van mondialisering vaak vereenzelvigd met de dominante positie van de VS. Ziet u dat ook als een links item, anti-Amerikanisme?

'Ja, en dat had je voor de Tweede Wereldoorlog ook al met Menno ter Braaks Waarom ik Amerika afwijs. In de jaren dertig had je ook al die invloed van Amerika door de film en entertainmentindustrie. Maar dat is niet te vergelijken met wat er nu gebeurt. Daarbij wil ik wel zeggen dat wat Amerikanisering wordt genoemd een verschijnsel is wat onvermijdelijk is door de grotere welvaart. Verschijnselen als massaconsumptie hebben op zichzelf niks met Amerika te maken. Een tweede opmerking die ik wil maken is dat de grote massa, de consument, er helemaal geen bezwaar tegen heeft.'

- Het is iets van de intellectuele elite?

'Voilá. Precies. Maar dat er een verwijdering is, dat was voorzienbaar aan het eind van de Koude Oorlog. De pilaren van ons externe beleid, Europa en de Atlantische band, zijn aan het wankelen. Of daar ooit over nagedacht wordt, op Buitenlandse Zaken of op Defensie, dat weet ik niet. Kijk naar de aanschaf van de JSF. Met beleid of toekomstvisie heeft dat helemaal niets te maken.'

- Doornaert constateert een kloof tussen de politieke én journalistieke elite en de burger. Dat zou deels verklaren waarom een buitenstaander als Fortuyn zo populair kon worden. Heeft dat ook iets te maken met de media?

'Ik geloof het wel. Ik heb het gevoel dat er soms een soort incestueuze verhouding bestaat met het politieke establishment. Men kent elkaar allemaal. Politici zoeken de media op en omgekeerd. Toen ik bij de NRC kwam, in 1945, werd vaak gesproken over een vroeger hoofd, een echt heer. Als mensen zeiden ''Je moet eens naar Den Haag gaan'', dan zei hij: ''Als de heren met mij willen spreken, dan weten ze mij te vinden.'' Prachtige houding, nietwaar? Maar dat kan niet meer. Je komt ze ook de hele tijd tegen. Die symbiose, die coterie in Den Haag, is onvermijdelijk. Je moet wel heel sterk zijn als je je onafhankelijkheid daarbij bewaart. Ik spreek geen veroordeling uit, maar constateer alleen dat dat zo is.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden