Reportage

Anderhalvemeteronderwijs: Utrechtse scholieren maken hun toetsen naast een oude locomotief

Leerlingen van het ‘Boni’ (St. Bonifatius College) in Utrecht maken hun toetsen in het Spoorwegmuseum bij het flapjesbord en de Longmoor WD73755, de oude locomotief van de Britse landmacht. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Leerlingen van het ‘Boni’ (St. Bonifatius College) in Utrecht maken hun toetsen in het Spoorwegmuseum bij het flapjesbord en de Longmoor WD73755, de oude locomotief van de Britse landmacht.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Scholen zoeken hard naar ‘uitwijklocaties’ waar ze zich aan de anderhalvemeterregel kunnen houden. En dus belanden leerlingen zomaar in kerken of poptempels, of bijvoorbeeld in het Spoorwegmuseum in Utrecht.

Lichte opwinding in het oude Maliebaanstation in Utrecht, waar sinds jaar en dag het Spoorwegmuseum is gevestigd. Op deze woensdagochtend zullen er weer mensen rondlopen. En dit keer geen medewerkers die de afgelopen maanden het perron van nieuwe bestrating voorzagen of de Beneluxtrein een fris likje verf gaven, maar mensen van buiten. Jong volk. Net als vóór de lockdown.

Nou ja, ook weer niet helemaal. Want dit zijn geen gewone bezoekers. Geen gezinnen met stuiterende kleuters, geen klassen op schoolreis, maar scholieren van het Sint Bonifatiuscollege die hier een toets komen maken. Het museum is sinds vandaag een zogeheten ‘uitwijklocatie’ voor de school die havo en vwo aanbiedt.

Sjokkend langs de restauratiewagon

Daar sjokken ze dus door het museum, de scholieren met hun mondkapjes. Langs de stoomlocomotief die in de lucht hangt, langs de oude douaneloods en de zeegroene restauratiewagon. Maar daar gaat hun interesse niet naar uit. ‘Ik weet wel’, zegt een meisje tegen een pluk klasgenoten, ‘Willem II was stadhouder.’ Ze zijn op weg naar hun geschiedenistoets.

Het Spoorwegmuseum reageerde onlangs op een oproep van de Utrechtse schoolbesturen om grote ruimten beschikbaar te stellen, zodat lessen doorgang kunnen vinden met inachtneming van de anderhalvemeterregels. In de bestaande schoolgebouwen is dat vaak niet goed mogelijk, waardoor kinderen hooguit een paar dagdelen per week naar school kunnen.

‘Ik heb meteen een appje naar de gemeente gestuurd’, zegt directeur Nicole Kuppens van het Spoorwegmuseum. ‘Een leeg museum is naar, dat voelt onwerkelijk. Het is een feest dat we weer wat mensen over de vloer krijgen. Iedereen wilde vandaag werken.’

Bioscoop te duur

Ook elders zoeken scholen uitwijklocaties. Verderop in Utrecht gebruikt het Gerrit Rietveld College ruimten in de vernieuwde bibliotheek aan de Neude, een andere school kan binnenkort in de Jaarbeurs terecht. Leerlingen van het Barlaeus Gymnasium in Amsterdam volgen lessen in poptempel Paradiso. Een school in Weert verplaatst een deel van het onderwijs naar de voormalige Franciscuskerk , een school in Noordwijkerhout naar het aanpalende hotel en het Bernard Lievegoed College in Maastricht naar de showroom van een Mercedes-dealer.

Een woordvoerder van de VO-raad van schoolbesturen zegt dat veel scholen nu buitenshuis op zoek zijn naar ruimte. ‘De kosten kunnen daarbij een obstakel zijn’, zegt hij. ‘Soms vraagt een instelling geen geld, soms een tegemoetkoming in de kosten en soms een commercieel tarief. Ik ken schooldirecteuren die bij een bioscoop geïnformeerd hebben. Dat ketste af omdat die de volle mep vroeg.’

Voor het Sint Bonifatiuscollege, dat gratis bij het Spoorwegmuseum terecht kan, is dit een prima oplossing, zegt rector Hanneke Schreuder. Natuurlijk, in de eigen panden, een paar straten verderop, hebben ze een manier gevonden om de lessen te organiseren. De helft van de klas komt naar school, de andere helft kijkt vanuit huis mee. En de volgende dag andersom. Maar toetsen afnemen op anderhalve meter blijkt lastig. ‘Daar hebben we geen plek voor, zeker niet nu onze gymzalen worden verbouwd.’

Ingewikkelde logistieke puzzel

En in het Spoorwegmuseum is wel plek, sinds musea op 15 december verplicht op slot gingen. De school kan daarom de komende tijd gebruik maken van de ruimten die normaal gesproken worden afgehuurd voor symposia en bedrijfsfeesten.

Lessen zal de school hier overigens niet geven, zegt Schreuder. Dat is niet te organiseren. ‘We kunnen niet zomaar één jaarlaag hierheen verplaatsen, of een hele afdeling. Veel van onze docenten doceren zowel in de brugklas als in de bovenbouw. Die zouden dan moeten pendelen tussen school en museum. Dat is een te ingewikkelde logistieke puzzel.’

Wel overweegt de school hier nog examentrainingen en mentorbijeenkomsten te organiseren. ‘Of de examenvoorstelling van het vak muziek, tussen de treinen.’

Om 10 uur zijn de eerste leerlingen klaar met hun toets. Quinten Bredero (16), woeste rode haren, is tevreden. Zijn economietoets ging ‘wel goed’, zegt hij. Vroeger kwam hij elke week met zijn vader en zijn broer in het Spoorwegmuseum, dus het was leuk hier weer eens terug te zijn. Verder is hij er vrij laconiek over. ‘Tijdens de toets heb ik niet echt gedacht, wauw, wat bijzonder dat ik hier zit.’

Enthousiaste vader

Joosje de Wit (15), lange blonde lokken, rode tas, deed een herkansing voor Duits. Ze hoorde een paar dagen terug dat ze hier haar toetsen mocht maken. Dat leidde vooral tot enthousiasme bij haar vader, vertelt ze, die meteen een bericht in de groepsapp van de familie plaatste. ‘Hij schreef iets als: jongens, Joosje gaat een toets maken in het Spoorwegmuseum, wat een ervaring! Zelf dacht ik: ik zie wel hoe het gaat. Maar ik moest beloven hem uitgebreid verslag uit te brengen.’

Om 11 uur neemt het Boni, zoals de school in de volksmond genoemd wordt, een vierde ruimte van het museum in gebruik: de Expo, waar niet alleen een oude stoomlocomotief van de Britse landmacht staat – De Longmoor – maar ook het grote blauwe flapjesbord, dat ooit op Utrecht Centraal hing.

Een voor een druppelen de leerlingen binnen. Ze geven hun naam door en zoeken een plekje. ‘Telefoon uit, en in de tas’, zegt een van de surveillanten. Dan legt ze nog wat regels uit. En voordat ze de toetsen gaat uitdelen, zegt ze nog dit: ‘Ik hoop dat jullie er ook een beetje van kunnen genieten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden