Anderhalf jaar de Volkskrant in oorlogstijd

Vóór de oorlog was de Volkskrant een 'obscuur blaadje van de katholieken uit Utrecht'. In de oorlog was de krant niet veel tijd gegund om een 'foute krant' te worden, want na de overname door de NSB liepen de abonnees massaal weg....

Op 8 mei 1945 sprong professor Romme in Aerdenhout op zijn fiets met houten banden. Ruim twee jaar lang had hij gesoebat, geduwd en getrokken om na de oorlog een rooms-katholiek dagblad op te richten. Eindelijk zou de boreling het licht zien, drie dagen te laat, omdat er eerder niet voldoende stroom was in Amsterdam.

Romme, die later de KVP zou gaan leiden, was er staatkundig hoofdredacteur. Zijn collega algemeen hoofdredacteur heette Joop Lücker. Die slaagde erin een oude generator op te scharrelen, met behulp waarvan ook het communistische dagblad De Waarheid zijn eerste kranten kon drukken.

De Volkskrant had niet zo'n naam als de bovengronds gekomen illegale kranten, Trouw, Het Parool, Vrij Nederland en de al genoemde De Waarheid. De Volkskrant was dan ook geen verzetskrant geweest. Maar nog afgezien daarvan: de Volkskrant had in brede kring überhaupt geen naam. Voor de oorlog was de krant in Utrecht verschenen, als strijdblad voor de leden van het Katholiek Werkliedenverbond. De niet-katholieke wereld kende de Volkskrant niet.

Van Wim van Norden, leider van Het Parool, stamt de anekdote dat de bazen van de illegale bladen aan het eind van de oorlog op het Beursplein stonden te overleggen over de abonnementsprijs die ze na de bevrijding zouden gaan vragen. Ze kenden elkaar, stonden in een kringetje, fietsen aan de hand. Op dat moment viel de naam de Volkskrant. Die wilde ook in Amsterdam gaan drukken. De Volkskrant? Dat was toch een obscuur blaadje van de katholieken uit Utrecht?

Op dat moment was de Volkskrant ruim drie jaar gesloten. Nadat de Duitsers Nederland hadden bezet, draaide de Volkskrant aanvankelijk gewoon door, net als de andere dagbladen. De Duitse bekendmakingen stonden waar ze moesten staan, het buitenlandse nieuws werd betrokken van de persbureaus en maakte gewag van aanhoudende Duitse overwinningen en de naderende ondergang van Engeland. Net als in de andere kranten.

De hoofdredacteur, op dat moment de oude Jan Vesters, permitteerde zich in zijn commentaren kritiek op de NSB. Ook dat kon pijnlijke taferelen opleveren. Bijvoorbeeld op 27 februari 1941, wanneer Christiansen, Duits opperbevelhebber in Nederland, laat bekendmaken dat de doodstraf staat op de voortzetting van wat later de Februaristaking zal gaan heten. De oekaze staat groot op de voorpagina. Ernaast prijkt het redactionele hoofdartikel dat zich druk maakt over het ontslag van de geestelijken in het onderwijs. Op dezelfde pagina een foto van de pier van Scheveningen, die 'van een nieuw verfje wordt voorzien'.

Veel kans om een foute krant te worden, was de Volkskrant niet gegund. Begin juli 1941 moest hoofdredacteur Vesters het veld ruimen. De katholieke vakbeweging, eigenaresse van de Volkskrant, werd onder de NSB geplaatst. De hoofdredacteur kon kiezen: ofwel met zijn krant de nieuwe volksgemeenschap dienen, of opstappen. Vesters nam ontslag, begin augustus gevolgd door de zes andere redacteuren. Zij vonden dat ze niet verder konden werken, nadat de bisschoppen het kerkvolk hadden gemaand hun lidmaatschap van het RK Werkliedenverbond op te zeggen.

De leden liepen inderdaad met gezwinde snelheid weg, net als de abonnees van de krant. Van de ruim 25 duizend eind juli waren er een maand later nog zesduizend over. Op 4 oktober 1941 verscheen de laatste Volkskrant in de oorlog met een afscheid van de NSB'ers die het blad hadden overgenomen. Het artikel waarmee die laatste krant opende: 'Bolsjewisme is gebroken en zal nooit meer opstaan.'

Anderhalf jaar later zaten de verzamelde katholieke persmagnaten - men stelle zich daar niet te veel bij voor - bij pastoor Nolet aan de Nieuwezijds Voorburgwal in Amsterdam. De pastoor was de enige die nog kaas en jenever kon serveren. Professor Romme, vóór de oorlog briljant jurist, werkzaam bij de katholieke werkgevers, commissaris van het dagblad De Tijd en korte tijd minister van Sociale Zaken, ontvouwde een persplan. De oorlog schiep een kans om een eind te maken aan de eeuwige katholieke verdeeldheid: er moest een stichting komen die de pers onder een gemeenschappelijk rooms-katholiek uitspansel zou brengen.

De eigenaren van de dagbladen De Tijd en De Maasbode voelden niets voor bemoeienis door een stichting met hun onderneming. De vooraanstaande journalist en letterkundige Anton van Duinkerken wond geen doekjes om zijn standpunt dat hij in de stichting een aantasting van de persvrijheid zag. Volgens Van Duinkerken was Rommes persplan een uiting van 'heerszucht, bekrompenheid, bemoeizucht, slechte smaak en onaanvaardbare bonzendictatuur'.

Kortom, het idee werd een debâcle, afgezien van een lichtpuntje: de voorzitter van de katholieke vakbeweging, de machtige A.C. de Bruyn, wilde zijn krant wel aan Romme ter beschikking stellen. Van een gemeenschappelijke katholieke krant is niets terechtgekomen. Maar met de Volkskrant in handen bleek Romme toch een machtig wapen te hebben om links en rechts in de katholieke politiek onder één dak te brengen.

Het vakbondskrantje verhuisde van Utrecht naar de Nieuwezijds Voorburgwal in Amsterdam, waar alles wat zich krant noemde domicilie had. Er werd een jonge, professionele Draufgänger gezocht voor de dagelijkse leiding over de redacteuren: Joop Lücker.

De laatste dagen van de oorlog zetelde de Volkskrant-in-oprichting in het gebouw van het Algemeen Handelsblad, in twee kamertjes, met één typemachine, zij aan zij met De Waarheid. Op 8 mei rolden de eerste kranten van de pers, twee velletjes op tabloidformaat; de helft van het huidige. De twee hoofdredacteuren, Romme en Lücker, deelden de kranten eigenhandig uit op de Dam in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.