Amsterdam Kunstenstad heft zichzelf op Afscheid van een nuttig aanjager

Amsterdam Kunstenstad bestaat niet meer, zoals gepland. De coalitie van kunstinstellingen, overheid en bedrijfsleven, die drie jaar geleden in het leven werd geroepen om de positie van Amsterdam als kunstenstad te versterken, moest vooral niet de zoveelste bureaucratische instelling worden, vonden de initiatiefnemers....

Van onze verslaggeefster

Judith Koelemeijer

AMSTERDAM

Daarom gaven ze zichzelf drie jaar, de kunstliefhebbers, theaterdirecteuren en bedrijfsmanagers, om de toch ambitieuze doelstellingen te realiseren: versterking van samenwerking tussen musea, theaters en gezelschappen; verbreding en vernieuwing van het kunstenaanbod; vergroting van het publiek. Daarna moesten de instellingen de plannen, voorstellen en aanbevelingen zelf overnemen en uitwerken.

Dat was gisteren. Het eindrapport ligt op tafel, directeur Fleur Gieben stapt op 1 mei over naar het adviesbureau Kunst en Bedrijf, waar ze eveneens directeur wordt. Ze sluit de deur van een onderneming die haar bestaansrecht vooral ontleende aan goodwill: het enthousiasme van zo'n tweehonderd mensen die in werk- en projectgroepen nadachten over Amsterdam als kunstcentrum. - En de bereidheid van eigenwijze, onafhankelijke kunstburchten als het Concertgebouw, De Nederlandse Opera en De Balie om samen te werken; de noodzaak in te zien dat collectieve belangen als kaartverkoop, publiekswerving en presentatie in het buitenland ook beter gezamenlijk behartigd kunnen worden.

Drie jaar geleden moesten de museumdirecteuren bij hun eerste bijeenkomst nog aan elkaar voorgesteld worden, herinnert ze zich. Nu kennen ze elkaar. Maar wat heeft Amsterdam Kunstenstad werkelijk bijgedragen aan het culturele klimaat? Fleur Gieben begint te benadrukken dat het 'proces' belangrijker is dan de concrete resultaten. In drie jaar tijd moest immers niet minder dan een cultuuromslag bewerkstelligd worden. Gemeente en cultuurinstellingen zagen elkaar min of meer als 'natuurlijke vijanden'. Kunstenstad probeerde de tegengestelde opvattingen met elkaar te verzoenen. Daarnaast moesten op zichzelf gerichte, gesubsidieerde ondernemingen enthousiast worden gemaakt voor plannen met klinkende managements-namen als Business in the Arts, Double your money en redesign - en dat gaat niet vanzelf.

'Het gaat er allereerst om dat er een dialoog op gang is gebracht tussen kunstinstellingen onderling en bedrijfsleven en overheid anderzijds', zegt Gieben. 'De sfeer, het begrip voor elkaars situatie is verbeterd. Natuurlijk heb ik wel eens gedacht: was ik maar directeur van een groot bedrijf en kon ik zeggen: ''zo moet het gebeuren.'' Maar zo werkt het niet in Amsterdam. Je moet door je enthousiasme mensen proberen te winnen. Ik heb het gevoel dat we voldoende prikkels hebben gegeven, die wel degelijk zijn opgepakt.'

De lijst met initiatieven is inderdaad indrukwekkend. Er zijn nieuwe 'overleggen' opgericht, waaronder dat van de museumdirecteuren. Er komt een consumentenonderzoek, dat voor het eerst de wensen van de Amsterdamse cultuurbezoeker uitgebreid in kaart brengt. De gemeente heeft op advies van Kunstenstad toegezegd het eerstvolgende kunstenplan op een visie-ontwikkeling te baseren - dat was niet eerder gebeurd. Er zijn plannen voor een Amsterdams Grachtenfestival, waarin 'hoogwaardige kunst' en 'activiteiten voor een breed publiek' gecombineerd worden. En er kwam een Stimuleringsfonds Amsterdam Kunstenstad, dat plannen steunt die nog in de 'laboratoriumfase' zijn, een 'gat in de markt'.

Het zijn uiteenlopende projecten, die dezelfde doelstelling dienen: het aanbod toegankelijker en diverser te maken, en bovendien beter op elkaar afgestemd. 'Veel instellingen doen wel onderzoek naar hun eigen publiek, maar een breed consumentenonderzoek is nooit gedaan, terwijl dat toch nuttig is', legt Gieben uit. 'Waarom gaan mensen niet vaker uit? Misschien kunnen ze geen wijs worden uit de informatie, misschien denken ze dat er geen kaartjes meer zijn, of vinden ze de recensies te elitair. Als je dit soort zaken weet, kun je je beleid daar op af stemmen.'

Kunstinstellingen zijn wel aan het 'professionaliseren', maar ontberen vaak nog een zakelijke instelling, is haar ervaring. Ze hecht daarom zeer aan het uit Engeland overgewaaide plan Business in the Arts, waarvan de instellingen al hebben laten weten dat ze er wel wat in zien. Dit project houdt in dat bedrijven hun kennis en ervaring op managementgebied gratis ter beschikking stellen aan de kunstwereld. Te denken valt aan extra plaatsen voor kunstbonzen bij interne bedrijfscursussen, of adviezen over automatisering of nieuwbouw; 'praktische en effectieve' manieren om beleidsmakers uit de kunstsector op zakelijk gebied bij te spijkeren, vindt Gieben.

Of Business in the Arts werkelijk uitgevoerd wordt - evenals het Grachtenfestival en de plannen voor verdergaande samenwerking - baart Gieben wel 'zorgen'. Want de kans dat de initiatieven in het 'drijfzand' verdwijnen is niet denkbeeldig, nu met Amsterdam Kunstenstad de 'aanjager' verdwijnt. 'Ik ben het aanspreekpunt geworden dat de gemeente eigenlijk moet zijn.' Ze heeft er echter vertrouwen in dat voor de bewaking van het 'erfgoed' voldoende is gezorgd. Allereerst zal er een Amsterdamse Kunsten Coalitie opgericht worden, een tot twintig contactpersonen afgeslankte versie van Kunstenstad, die 'de vinger aan de pols houdt'. Verder zijn er vergaande plannen voor een redesign van het Amsterdams Uit Buro (AUB), dat uit moet groeien tot een service-instelling voor zowel het publiek als de kunstinstellingen.

Aan de beoogde redesign is de nodige heisa vooraf gegaan. Want Kunstenstad mocht de wens hebben het AUB tot een overkoepeldende organisatie te ontwikkelen, ze kwam met het idee op een moment dat het vertrouwen van de kunstinstellingen in het AUB tot het nulpunt was gedaald. Een van de oorzaken was een ogenschijnlijk simpele kwestie als de vervanging van het kassadienst-systeem, waarbij de kassa's van de verschillende theaters op elkaar zijn aangesloten. De een wilde systeem A, de ander B. De discussie liep zo hoog op dat bemiddelaar R. van Ommeren, voorheen directeur van IBM en toch goed op de hoogte van automatisering, 'tot zijn verbijstering' moest vaststellen dat de samenwerking volledig mislukte.

Niet bekend

Amsterdam Kunstenstad mag in feite nog volop in bedrijf zijn, toch vindt Gieben het goed dat de organisatie zichzelf opheft. 'Ik heb het gevoel dat we veel bereikt hebben, omdat we de zaken hebben blootgelegd, een voedingsbodem hebben gecreëerd. Er ligt een rapport met goede voorstellen, en er moet nu blijken wat daar concreet van komt. Er zijn helaas maar heel weinig mensen die zich op het gezamenlijk belang aangesproken voelen, het eigenbelang van instellingen gaat altijd voor.

'Maar ze zijn in ieder geval meer dan ooit van de noodzaak tot samenwerken doordrongen. Het is nu aan hen zelf.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.