Interview Fuad Hussein, minister van financiën en vicepremier

‘Amstelveense’ vicepremier Fuad Hussein van Irak: ‘Wij hopen dat de oorlog niet komt’

Net nu de Irakezen ‘weer bezig kunnen zijn met leven en niet met de dood’, lopen de spanningen tussen Iran en de VS op. Als die tot oorlog leiden, zal die ook Irak treffen, zegt vicepremier Fuad Hussein. 

Fuad Hussein, toen nog stafchef van de Koerdische president Masoud Barzani, in gesprek met de toenmalige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry op het vliegveld van Irbil, juni 2014. Beeld AP

Is Fuad Hussein bang voor een oorlog tussen Iran en de Verenigde Staten? ‘Bang is een groot woord’, zegt de Iraakse minister van Financiën en vicepremier. ‘Het gaat niet over bang zijn of niet. Maar als er oorlog komt, dan raakt dat heel Irak. De taal van de oorlog is de dominante taal tussen beide landen. Maar is dat alleen psychische oorlog, een propaganda-oorlog? Dat weten we niet. De militaire voorbereiding, dat doe je niet als spelletje.’

U ziet militaire voorbereiding?

‘O ja. Wij zien dat, wij lezen daarover.’

Vorige week evacueerden de Amerikanen een deel van hun ambassadepersoneel uit Irak, vanwege een veronderstelde Iraanse dreiging. ‘De economische, sociale, politieke, culturele relaties tussen Teheran en Bagdad zijn bekend. Maar de invloed van de Amerikanen in dit land is ook bekend. Dus de spanning tussen beide landen heeft direct invloed hier in Bagdad. Gaat het in de richting van oorlog of niet?’

Fuad Hussein (69) doet zijn verhaal in perfect Nederlands, boven kopjes thee in het weelderige gasthuis van de premier van Irak, in de zwaarbeveiligde ‘Groene Zone’, de regeringswijk van Bagdad. Als Koerdische strijder uit Irak moest Hussein in de jaren zeventig vluchten naar Nederland. Hij belandde in een doorzonwoning in Amstelveen. Maar zijn geboorteland liet hem nooit los. ‘Ik hoopte altijd dat ik zou terugkeren.’ De vluchteling van weleer is nu minister.

Aan de slag met de wederopbouw van het land, dat is zijn plan. De hernieuwde dreiging tussen buurland Iran en bondgenoot VS komt op het moment dat Irak decennia aan oorlog achter zich probeert te laten. ‘De Irakezen voelen na de oorlog tegen ISIS (Islamitische Staat, red.) voor het eerst: wij kunnen bezig zijn met leven, niet met de dood. Deze ontspanning is iets van de laatste acht, negen maanden. Als je het conflict met de Koerden meerekent, is Irak al bijna een halve eeuw in oorlog. Met zichzelf en met anderen.’

Hoe kan Irak zich afzijdig houden in dit nieuwe conflict?

‘Niet. Irak kan nu niet bemiddelen, anders was dat de ideale situatie. Wij hopen dat de oorlog niet komt. Wij hopen dat het blijft bij de taal en niet de werkelijkheid wordt. Als het blijft bij de taal, dan kunnen we doorgaan met onze plannen, met de opbouw van Irak. De beslissing is niet in onze hand, die heeft te maken met twee andere landen. Zolang beide landen niet willen onderhandelen, dan heb je een probleem, omdat wij tussen beide landen in zitten.’

Fuad Hussein, vicepremier en minister van Financiën van Irak. Beeld Hawre Khalid

In Europa zijn analisten die zeggen: vooral de Amerikanen slaan oorlogstaal uit. Hoe ziet u dat?

Hij begint te schateren. ‘Daar wil ik niks over zeggen. Kijk, ik ben nu een officiële man. Ik was ooit een activist, die een analyse kon maken over de situatie in het Midden-Oosten. Maar nu zit ik hier als officieel man. Ik heb goede contacten in Washington en Teheran. Ik was twee weken geleden nog in Washington.’

Jarenlang woonde Hussein in wat schrijfster Betsy Udink in haar boek In Koerdische kringen omschrijft als ‘een typisch Nederlandse nieuwbouwwijk en in een typisch Nederlands huisje, waar de ramen veel licht doorlaten, de keuken open is, de wc in de hal, waar de tuin schuttingen heeft.’ Zijn echtgenote woont nog in Amstelveen. Een enkele keer komt hij er zelf. ‘Gewoon naar buiten kunnen. Heerlijk. Want hier word ik door iets van twintig beveiligers omringd.’

Waarom ging u vanuit Amstelveen in 2003 terug naar Irak?

‘Ik heb niet gekozen om vluchteling te worden. Wij hebben nooit vrijwillig ons land verlaten. Ik was in het verzet, ik was peshmerga, ik vocht voor de Koerdische zaak in de bergen. Door internationale omstandigheden was ik vluchteling geworden, en belandde ik in Nederland, maar dat was niet mijn keus. Daar moest het leven doorgaan, en de strijd moest doorgaan. Mijn leven was de strijd.’

De man die nu vicepremier is, kreeg na aankomst in Nederland in 1975 van wijlen staatssecretaris Zeevalking (D66) een papiertje onder de neus geduwd. Even tekenen: of hij wilde stoppen met politiek activisme. Nederland probeerde de Iraakse dictator Saddam Hussein tevergeefs zover te krijgen dat hij een ter dood veroordeelde Nederlandse hulpverlener zou vrijlaten. Fuad en zijn gevluchte kameraden werden inzet van dit diplomatieke conflict. ‘Ik zei: als u ons wilt terugsturen, dan stuurt u ons terug. Wij weten dat wij in Irak zullen worden opgehangen. Maar wij gaan niet stoppen met onze strijd.’

De oorlog die Irak al zo lang in z’n greep houdt, zit ook in uzelf.

‘Dat klopt. Oorlog is een deel van mij, van mijn leven. Ik haat oorlog, omdat ik weet wat oorlog is, maar soms moet je jezelf verdedigen.’

Als je kijkt naar de handel, welk land is dan machtiger in Irak? Iran of de VS?

‘Natuurlijk is de economische relatie met Iran groter. De handelsbalans tussen Iran en Irak is circa 12 miljard. Wij exporteren zelf niks. Wij importeren en we verhandelen olie. Dat is geen gezonde handelsrelatie. Omdat Irak zo vernietigd is, produceert Irak zelf niks. Maar het gaat niet alleen over de economische relatie. De Amerikanen waren ook hier, en de Amerikanen zijn een grote machthebber, en de Amerikanen zitten niet alleen hier, maar overal.’

Fuad Hussein scrolt door de foto’s op zijn telefoon. Vol ontmoetingen met hoogwaardigheidsbekleders, ook uit zijn vorige functie als stafchef van de Koerdische president Masoud Barzani. Een keur aan Europese en Amerikaanse diplomaten, Arabische staatshoofden, de Paus. ‘Trump, die staat op mijn andere telefoon.’

U ontmoet wel Iraniërs, maar staat niet vaak met hen op de foto.

‘Ik ben vaak in Europa en Amerika. Ik ging drie, vier keer per jaar naar Washington om daar te lobbyen. Iraniërs? Die komen hier toch wel.’

Saoedie-Arabië waarschuwt Iran

Saoedi-Arabië wil geen oorlog met Iran, maar het zal alles doen om zichzelf te verdedigen als het wordt aangevallen. Met die uitspraak zondag heeft de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken Adel al-Jubeir verder bijgedragen aan de oplopende spanning tussen de twee buurlanden. Saoedi-Arabië houdt Iran verantwoordelijk voor enkele aanvallen vorige week op pijpleidingen en olietankers. De Saoedi’s hebben vanwege de spanningen in de Golfregio crisisoverleg belegd met Arabische landen. Koning Salman heeft de leiders van de Samenwerkingsraad van de Arabische Golfstaten (GCC) en de Arabische Liga uitgenodigd op 30 mei in Mekka bijeen te komen. Daar moeten ‘de agressie en het gevolg daarvan voor de regio’ worden besproken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden