Nieuws Peugeot

Amerikanen maken na ‘Columbo’ opnieuw kennis met Franse ‘Poegjooh’

Het Franse Peugeot waagt een nieuwe poging Amerika te veroveren. Diverse Europese fabrikanten hebben in het verleden hun tanden stuk gebeten op de Amerikaanse markt. Hoe komt dat? En waarom zou het nu wel lukken?

De Peugeot Rifter Beeld Peugeot

Amerikanen die zich het Franse merk ‘Poegjooh’ nog kunnen herinneren, zullen vooral denken aan de serie Columbo, over de avonturen van een wat sullige detective in zijn morsige jasje en zijn knallende en proestende Peugeot 403 convertible. ‘Niet bepaald een geslaagd voorbeeld van product placement’, zegt autoconnaisseur Wim Oude Weernink over de Franse poging ’s werelds grootste automarkt te veroveren.

Nu gaan de Fransen het weer proberen, zij het op kousenvoeten: sinds vorig jaar kunnen Amerikanen in Seattle en Washington al gebruik maken van Peugeots in een autodeelsysteem. In 2026 zullen de Franse modellen glanzen in Amerikaanse showrooms.

Dat de Fransen voorzichtig opereren, is niet verwonderlijk. Eerdere pogingen Amerikanen warm te laten lopen voor Peugeots liepen niet goed af. In 1991 vluchtte het merk met de staart tussen de benen, nadat het een jaar eerder slechts 4.292 auto’s had weten te slijten. In het ‘topjaar’ 1984 werden er 20 duizend Peugeots verkocht. Belangrijkste redenen voor de mislukking: gebrekkige kwaliteit, verkeerde modellen en felle concurrentie van kwalitatief betere Japanse merken die sinds de jaren zeventig furore maakten.

Fix It Again Tony

Peugeot was niet de enige Europese fabrikant met een imagoprobleem in de VS. Fiat kreeg al snel de bijnaam Fix It Again Tony (Repareer hem maar weer, Tony). Zelfs BMW had daar aanvankelijk last van: Amerikanen dachten dat de letters stonden voor British Motor Works. Dodelijk, want de kwaliteit van Britse auto’s was legendarisch slecht, aldus Oude Weernink. Daarom voerde BMW er een tijdlang de naam Bavaria.

Elk gerespecteerd Europees automerk probeerde de Amerikaanse harten te stelen. Volkswagen had in de jaren zestig en zeventig succes met de Kever en de Golf, daarna ging het bergafwaarts. Van VW’s recente pogingen met ‘schone’ diesel kent iedereen de afloop

Zelfs het Nederlandse Daf waagde eind jaren zestig de oversteek, maar wist nooit meer dan 1.500 Daffodils te slijten. ‘Ze hoopten de Daf te kunnen verkopen als tweede auto, maar zelfs daarvoor was hij veel te klein’, zegt Thomas Vaessens, auteur van De Daf van mijn Vader. ‘Niet alleen de auto, maar ook de motor. Zo’n Dafje had 30 pk, terwijl een beetje Amerikaan er 200 had.’ Uiteindelijk sneefde Daf in de States door strenge importregels die in 1967 werden ingesteld. ‘Absoluut een protectionistische maatregel’, zegt Vaessens – sommige dingen veranderen kennelijk niet.

De kwaliteitsproblemen waar Europese merken aan leden, lijken inmiddels voorbij. De nieuwe, forse 508 voelt niet als een Frans autootje, zegt Oude Weernink. Peugeot is onder de huidige baas Carlos Tavares van PSA (het moederbedrijf van Peugeot, Citroën en Opel) opgeklommen tot een soort Franse Volkswagen: goede kwaliteit voor een redelijke prijs. Dus mag Peugeot het na drie decennia weer proberen.

De aankondiging komt op een moment dat de verhoudingen tussen de Europese auto-industrie en de VS op zijn zachtst gezegd koel zijn; president Trump dreigt met importheffingen van 25 procent op Europeanen. Tavares heeft daarvan weinig te duchten, stelt Oude Weernink. De kans is klein dat eventuele heffingen in 2026 nog gelden. En mocht dat wel zo zijn, dan is er nog weinig aan de hand, omdat Peugeot er geen marketinghistorie heeft. ‘Amerikanen zullen niet zeggen: Hé, die Peugeots zijn ineens een kwart duurder, want ze waren er eerder niet’, aldus Oude Weernink.

Opel

Tavares is zelfverzekerd: hij hielp het verlieslatende Opel in een jaar tijd uit de rode cijfers, nadat het Duitse merk onder de paraplu van PSA was gekomen. Opel mag het nu op de Russische markt gaan proberen en Citroën krijgt de kans de Indiase markt te bestormen. Met de spreiding wil Tavares – een voormalige beschermeling van Carlos Ghosn, die nu in Japan in de gevangenis zit – minder afhankelijk worden van de Europese markt, waar het concern nu acht van de tien auto’s verkoopt.

‘Ik denk weleens dat de oversteek naar Amerika nog altijd vooral een marketingargument is’, zegt Vaessens. ‘Met het idee: als ons Peugeotje het redt in de States, heb je hier ook een sterk verhaal.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.