Amerika verkeert plotseling in staat van oorlog met zijn verleden

Column Roger Cohen

Er schuilt gevaar in de haast om Confederatie-monumenten uit Amerikaanse steden te verwijderen, meent Roger Cohen, columnist van The New York Times.

Het standbeeld van generaal Robert E. Lee in Charlottesville. Lee streed voor behoud van de slavernij. Beeld afp

In tijden van nationale kwetsbaarheid steekt de geschiedenis haar kop op. Het verleden wordt een groot magazijn van grieven. Opgefriste herinneringen worden gemanipuleerd om gewelddadig nationalisme te produceren. Dit gebeurt nu in de Verenigde Staten, een land dat plotseling in staat van oorlog verkeert met zijn verleden.

Er is een reden voor deze oorlog. Amerika dook altijd bekwaam weg. Een land dat vanaf het begin als buitengewoon werd beschouwd, een lichtend voorbeeld voor de wereld, kon bijna niet anders dan vluchten voor zijn oerzonde. Hoe vaak heb ik me verwonderd over alle musea en gedenktekens gewijd aan de Holocaust, de grote misdaad tegen het Europese Jodendom, die zich niet hier afspeelde, waarin de VS dader noch slachtoffer waren. In vergelijking daarmee is de grote Amerikaanse misdaad van de slavernij, het mishandelen en lynchen van zwarte lichamen, nauwelijks in gedenktekens vastgelegd.

Dat verandert nu in de hoofden van mensen. Als de 20ste eeuw die van de kolonisatie en de val van koloniale rijken was, zien we in de 21ste eeuw het binnenlandse resultaat daarvan: in westerse samenlevingen worden de witte geestesgesteldheid, witte aannames, wit geheugenverlies voortdurend betwist. Hoe anders konden die Confederatie-standbeelden zo lang en zo prominent in zoveel Amerikaanse steden staan, terwijl ze mannen herdenken die vochten voor de slavernij en tegen de Unie?

Het is moeilijk en pijnlijk je herkomst af te wijzen, je eigen eer te scheiden van een verloren en onverdedigbare zaak, om een land te verenigen na een burgeroorlog en 750 duizend doden. Uitvluchten stapelen zich op. Het zuiden likte zijn wonden, herschreef het verhaal, paste de zaak aan. Slavernij stierf, segregatie kwam. De lange strijd van zwarte Amerikanen om gehoord en gezien te worden, om gelijk te zijn voor de wet, ging door.

Achter de uitvluchten was de kern van de zaak duidelijk genoeg, zoals verwoord door Alexander Stephens, de vice-president van de Confederatie. Over de 'grote waarheid' was hij duidelijk: 'De neger is niet gelijk aan de blanke; slavernij - onderschikking aan een superieur ras - is zijn natuurlijke en normale toestand.' Dit is de zaak waarvoor generaal Robert E. Lee vocht. En het was de voorgestelde verwijdering van zijn standbeeld in Charlottesville dat vorige maand het geweld veroorzaakte tussen linkse activisten en aanhangers van de witte superioriteitsleer die het standbeeld wilden behouden en, in één geval, zelfs bereid waren voor Lee te doden.

Charlottesville was de katalysator. Van Baltimore tot Birmingham werden in angstige haast standbeelden verwijderd of verstopt, waarbij hun uiteindelijke lot onduidelijk bleef. De abrupte verwijdering van de standbeelden leek eindelijk de grens aan te geven tot waar het lichtend voorbeeld Amerika zijn schaduwen kan verhullen. In zijn boek Between the World and Me schrijft Ta-Nehisi Coates: 'In Amerika is het traditie om het zwarte lichaam te vernietigen.'

Het tot slaaf maken, vervolgt hij, was niet alleen het lenen van arbeidskracht, het was 'verkrachting op industriële schaal. Er is geen opbeurende manier om dit te zeggen.'

Niets is simpel als het om geheugen gaat. Geheugen is emotie. Er schuilt gevaar in de haast deze monumenten te verwijderen. Wie de historie uitbant, loopt het gevaar erdoor gestraft te worden. Dat leerde ik lang geleden toen ik de Bosnische oorlog versloeg. Die oorlog was een les, geschreven in bloed, van de gevangenis die slechte of onderdrukte geschiedenis kan zijn. Naar Bosnië gaan betekende dat je oude geesten leerde kennen. Zulke geesten zijn minstens zo krachtig in het Amerikaanse Zuiden.

De standbeelden die nu verwijderd worden, vertellen immers een verhaal. Niet hun oorspronkelijke verhaal van zuidelijke dapperheid, maar dat van een poging de afschuwelijke 'grote waarheid' van de Confederatie te maskeren en zo voor vele decennia de onderwerping en vernedering van Amerikaanse zwarten te laten voortduren.

De standbeelden zijn deel van de Amerikaanse geschiedenis, ze zouden in musea moeten staan, waar hun les kan worden geleerd en besproken.

Trump vertegenwoordigt een tegenreactie op de uitdaging van de witte geestesgesteldheid, de witte aannames en het witte geheugenverlies die ik noemde. Hij wil een dijk bouwen tegen deze 21ste-eeuwse beweging in de hoofden van mensen. De dijk zal breken, de golven van de geschiedenis zullen hem afvoeren. Maar hoe - dat is een open vraag. En in een gespleten Amerika is het de moeite waard in herinnering te roepen hoe explosief het geheugen is.

Lees meer over omstreden standbeelden

Een culturele oorlog over iconen van het Zuiden splijt de Verenigde staten in twee. Sinds de rellen rond het monument van generaal Robert E. Lee in Charlottesville, Virginia, zijn in de VS zeker zes beelden opgeruimd.

Betwiste standbeelden, ze staan in de VS, Zuid-Afrika, Oost-Europa en Nederland. Wat te doen? 'Doe niet krampachtig over sloop' of 'behoud ze als een splinter in je oog die pijn doet'.

De indrukwekkende tentoonstelling Goede Hoop in het Rijksmuseum kreeg kritiek van studenten uit Zuid-Afrika: waar zijn de hevige debatten in Zuid-Afrika zelf? Over 'dekolonisatie' van de musea bijvoorbeeld? En wat doen al die koloniale beelden nog in Kaapstad?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.