Ambtenaren verspillen tijd met voorbereiding Vragenuur

Vijf van de zes vragen die worden ingediend halen uiteindelijk het Vragenuurtje van de Kamer niet. Maar ze zijn wel voorbereid door ambtenaren. Dat kost al gauw een werkdag per vraag. En dat begint te knellen.

Halbe Zijlstra en Sybrand Buma voorafgaand aan het Vragenuurtje.Beeld anp

Rijksambtenaren zijn wekelijks opgeteld tien tot twintig dagen werk kwijt aan de voorbereiding van mondelinge vragen die het Vragenuur in de Tweede Kamer niet halen. Van de 24 onderwerpen die ambtenaren gemiddeld voorbereiden, vallen er vlak voor het Vragenuur twintig af. Ministeries zouden graag zien dat die selectie voortaan een dag eerder plaatsvindt. Kamervoorzitter Arib is dit niet van plan. Sterker nog, ze dreigt met een extra vragenuur.

Uit een rondgang langs vier veel bevraagde ministeries blijkt dat ambtenaren grofweg een halve tot hele werkdag besteden aan het voorbereiden van een mondelinge vraag. De Volkskrant inventariseerde alle aangemelde vragen van de eerste zes maanden van dit parlementaire jaar. Tussen september en februari dienden Kamerleden 511 vragen in, 80 vragen haalden de 21 vragenuurtjes.

Alles wordt ambtelijk voorbereid, al halen veruit de meeste onderwerpen de eindselectie niet. Onder ambtenaren leeft frustratie over al dit werk wat grotendeels voor niks is. Geen enkel ministerie wil te boek staan als een departement dat zeurt over de Kamer, maar departementen zijn wel bereid 'op achtergrond' (anoniem) de praktijk achter het Vragenuur te schetsen.

De weg naar het Vragenuur

Van de aanmelding via het ambtelijke werk tot en met de strijd in het Vragenuur: een voorbeeld met GroenLinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren versus minister Van der Steur. (+)

Kamerleden kunnen vanaf donderdagavond actualiteiten aanmelden. Op maandagmiddag ontvangen de ministeries een voorlopige lijst onderwerpen. Een 'mondelinge vraag' ziet er zo uit: Kamerlid A is van plan vragen te stellen over actualiteit B uit nieuwsbron C. Ambtenaren staan dan voor de taak antwoorden te formuleren op alle mogelijke vragen, mocht het onderwerp dinsdagmiddag het Vragenuurtje halen.

Ambtenaren zijn de rest van de maandag en vaak ook de dinsdagochtend kwijt aan het samenstellen van een dossier. Ze verzamelen informatie 'in het veld': bij vakbonden, politie, ziekenhuizen, lagere overheden, verwante departementen, EU-instanties. Vervolgens gaat het dossier 'de lijn in' tot alles is voorzien van de juiste parafen. Een woordvoerder: 'De benodigde informatie legt letterlijk en figuurlijk kilometers af, en gaat over veel schijven, in verschillende talen en landen.'

D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma (vijftien aangemelde onderwerpen, vijf keer in het Vragenuur) is niet erg onder de indruk van de voorbereiding. 'De kwaliteit van de antwoorden is soms zo algemeen dat ik niet goed begrijp dat er zoveel werk in zit.' Toch koestert hij het Vragenuurtje. Hij vergelijkt het met een scène uit een western: 'Onder de zon die op haar hoogste punt staat, ga je het duel aan met de minister.'

Tweegevecht

GroenLinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren (veertien ingediende vragen, had drie keer succes) beschouwt het ambtelijk werk als noodzakelijk. 'Democratie is niet goedkoop.' Ook zij ziet het Vragenuur als tweegevecht. Het is de kunst in dat duel door het ambtelijk voorwerk heen te prikken, zegt ze.

Wanneer een onderwerp afvalt is het voorwerk slechts in beperkte mate te recyclen, zeggen ambtenaren. Een Kamerlid kan zijn mondelinge vraag omzetten naar schriftelijke vragen door ze uit te schrijven en opnieuw in te dienen. Het ministerie heeft drie tot zes weken de tijd om te antwoorden. Lang niet alle Kamerleden kiezen voor deze optie. Schriftelijke antwoorden zijn vaak voorspelbaar, zegt Van Tongeren. En bovendien is een onderwerp na zes weken vaak achterhaald.

De ministeries waarschuwen dat door de toenemende informatiehonger van de Kamer andere werkzaamheden in het gedrang komen. Kamerleden maken steeds intensiever gebruik van hun parlementaire instrumenten: debatten, hoorzittingen, technische briefings, schriftelijke vragen, het Vragenuur. De Kamer informeren behoort tot de kern van het ambtelijk werk, maar de balans slaat door, zegt een ambtenaar.

GroenLinks-Kamerlid Liesbeth van TongerenBeeld anp

Andere zaken - beleid maken en uitvoeren, contact onderhouden met de buitenwereld en met andere overheden, crisismanagement - moeten steeds vaker concurreren met de vele vragen uit de Kamer. Tegelijkertijd is de afgelopen jaren gesneden in het ambtelijk apparaat. 'Een interessant spanningsveld', merkt een woordvoerder op.

Ministeries zouden graag zien dat de Kamervoorzitter haar selectie van vragen een dag vervroegt. 'Alles wat helpt om de verantwoording efficiënter te maken verwelkomen wij', zegt een woordvoerder. 'Het spreekt voor zich dat hoe eerder het departement weet welke vraag door zal gaan, gestopt kan worden met de voorbereiding van de andere vragen', is de reactie op een ander departement. 'Dat zou de workload wel verlichten', zegt een derde woordvoerder. Ze benadrukken dat de Kamer over de eigen werkwijze gaat.

Kamervoorzitter Arib wijst de suggestie af. Ze wil het actuele karakter van het Vragenuur niet aantasten en, zo zegt ze: 'Het is inherent aan het Kamerwerk dat ambtenaren daar voorwerk voor doen.' Ambtenaren moeten er zelfs nog een tandje bij doen, blijkt uit een brief die ze half maart aan de Kamer stuurde.

Ze kondigt daarin aan strenger toe te zien op de beantwoording van schriftelijke vragen. De termijn van maximaal zes weken wordt regelmatig door ministeries overschreden. Blijft verbetering uit, dan 'kan ik de Kamer voorstellen een langer of een extra vragenuur in te gelasten'.

De Kamer moet ook de hand in eigen boezem steken, schrijft ze. Geregeld eisen Kamerleden binnen enkele dagen antwoord op tientallen vragen. 'Dit is niet altijd realistisch', merkt ze op. Kabinet én Kamer moeten zich inspannen om het instrument van (schriftelijke) vragen 'zo effectief mogelijk' in te zetten. Die opmerking wordt met instemming begroet op de ministeries.

Kamervoorzitter Khadija Arib tijdens het vragenuur in de Tweede Kamer.Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden