Ambassade moet aidszorg regelen

Nederlandse ambassades in Afrika zouden hun lokale personeel gratis aidsmedicijnen en aidstesten moeten geven, meent Boris Dittrich...

Voor mij waren de politieke beschouwingen na Prinsjesdag een bevreemdende ervaring. De troonrede was somber van toon. Je zou warempel menen dat Nederland aan de rand van de afgrond staat. Stijgende criminaliteit, mislukkende integratie, wachtlijsten in de gezondheidszorg, inzakkende economie...

De dag ervoor was ik uit Afrika teruggekeerd. In Tanzania en Uganda bezocht ik aidsprojecten. In de Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara zijn meer dan 30 miljoen mensen met het HIV-virus besmet. Dagelijks worden er vijftienhonderd aidsbabies geboren. De Afrikaanse overheid pakt de ramp die zich aan het continent voltrekt, niet effectief aan. Mensen gaan dood, volstrekt onnodig, want er zijn medicijnen tegen aids verkrijgbaar voor 30 euro per maand.

In Europa is aids allang geen dodelijke ziekte meer. Met een dagelijkse dosis medicijn kan de patiënt een kwalitatief hoogwaardig leven leiden.

Voor de meeste Afrikanen zijn de pillen veel te duur. In het op voorspraak van Kofi Annan, secretaris-generaal van de VN, opgerichte Global Fund is meer dan een miljard euro gestort, te besteden aan medicijnen, klinieken en behandelprogramma's.

Het geld is er dus, maar helaas is er nauwelijks nog iets mee gedaan, omdat voorlichting geven, testen, begeleiden en behandelen organisatie vergt. Dat lukt de Afrikaanse overheden niet en dus blijft het geld in de knip en sterven er elke dag achtduizend mensen. Daardoor is er een algehele moedeloosheid ontstaan en geloven de Afrikanen dat aids zonder meer dodelijk is.

De slachtoffers zijn veelal jonge, seksueel actieve mensen. Zij vormen een belangrijk deel van de beroepsbevolking. Op dit moment hebben zes miljoen van de besmette mensen dringend medicijnen nodig. Krijgen ze die niet snel, dan gaan ze binnenkort dood. Deze kaalslag treft het bedrijfsleven. Door het wegvallen van personeel stagneert het productieproces en zakken de broze economieën in.

Nu de overheid niet adequaat op de aidsepidemie reageert, nemen steeds meer bedrijven het heft in handen. Zij stellen zich als een goed werkgever op. Ze organiseren aidstesten en behandelprogramma's voor hun personeel, met hun naaste familieleden. Een goed voorbeeld is de Nederlandse bierbrouwerij Heineken. Andere multinationals, zoals Coca Cola en lokale bedrijven zullen volgen.

Maar waarom zou alleen het bedrijfsleven de malaise in de strijd tegen aids doorbreken? Tijdens de algemene politieke beschouwingen heeft de Tweede Kamer een motie van D66 aanvaard, waarin het kabinet Balkenende opgeroepen wordt een soortgelijk initiatief te nemen. Alle Nederlandse ambassades in Afrika moeten hun lokale personeel met naaste familieleden gratis aidstesten en behandelprogramma's aanbieden.

Daarbij is het zinvol dat de Nederlandse ambassades samenwerking zoeken met andere Europese ambassades en ontwikkelingshulporganisaties. Die werken vaak nauw samen met lokale non-gouvernementele organisaties. Al die Afrikaanse personeelsleden met hun naaste familie zouden van die testen en behandelprogramma's gebruik moeten kunnen maken. Gezamenlijk kan bijvoorbeeld een kliniek worden opgericht, waar de testen kunnen plaatsvinden en vanwaaruit de begeleiding tijdens de behandeling kan worden georganiseerd. Het bouwen van een kliniek met laboratorium kost ongeveer dertigduizend euro. In zo'n kliniek kunnen artsen worden opgeleid, die vervolgens elders een kliniek kunnen opzetten en zorg verlenen. De bedoeling is natuurlijk dat zo steeds grotere groepen toegang krijgen tot aidsbehandeling.

Inderdaad. Op de keper beschouwd is dit een vorm van voorrang in de gezondheidszorg voor Afrikaanse werknemers en hun familie boven diegenen die niet werken. Is dat erg? In Tanzania alleen al zijn meer dan drie miljoen mensen besmet. Elke dag telt. Elke dag sterven er mensen, onnodig. Er moet ruimte zijn voor pragmatisme. Liever meteen ergens beginnen met het redden van mensenlevens dan sterven in schoonheid tijdens een principiële discussie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden