ALTIJD BEZIG MET DE VOLGENDE OORLOG

> INTERVIEW WIM MEIJER Ex-politicus Wim Meijer (66) is aan het afbouwen, maar behoort nog steeds tot de machtigste mensen van het land....

In een hoek van de tuin is een kleine graafmachine bezig eengroot gat te graven. Vanuit zijn huis in het landelijke Garderenkijkt Wim Meijer (66) naar de noeste arbeid, die moet leiden toteen vijver. Zijn adviezen bekomt Meijer niet van de eerste debeste hovenier. 'Marcel van Dam is een vijverspecialist, wist jedat?' Van Dam, politieke bloedbroeder uit de vooralsnog meestlinkse coalitie ooit, woont een paar dorpen verderop, in Putten.

Eerst moet er een dikke laag leem op het zand. De vijver moetklaar zijn in het voorjaar. 'Daar komen vogels en kikkers op af,het lijkt me prachtig. Vissen hoef ik er niet in, die worden tochmaar door de reigers weggepikt.'

Meijer ziet een zekere ordening in de natuur, die zichzelfin evenwicht houdt. 'Louter toevallig is het allemaal niet, diediscipline en de opeenvolgende reacties. Maar van de kerk en haarsymbolen ben ik op jonge leeftijd afgehaakt. Ik zie wel dat dienatuur zich steeds moeizamer in balans houdt. Wij zagen alsmensen de tak af waarop we zitten.'

Langzaam is Meijer nu aan het afbouwen, vier commissariatenresten hem nog. 'Mentaal en fysiek voel ik me beter dan toen ik55 was. Het is de ervaring die ik heb opgedaan: als je ouderwordt, kun je weer energie opwekken. Ik heb nog geen dag hetbesef dat ik echt 66 jaar ben, maar ik sta nu wel in de laatsteakte van mijn leven.'

De boerenzoon Meijer is lange tijd uit beeld geweest, vanafhet moment dat hij voorzitter werd van de raad van beheer van deRabobank in 1993. De toenemende onzichtbaarheid van deoud-politicus liep parallel met zijn groeiende macht. Hijontwikkelde zich in de tweede helft van de jaren negentig totmisschien wel de machtigste man van Nederland. Meijer zat overalin: de publieke omroep, de Nederlandse Spoorwegen, eenenergiebedrijf, een krantenconcern. Overheidscommissies werdenniet zelden aangevoerd door Meijer. 'Even Meijer bellen', werdeen gevleugeld gezegde onder Paarse ministers.

Hoe kan een boerenzoon uit Harkstede uitgroeien tot een vande machtigste mensen in het land?

'Mijn vader was een bewogen doch strenge man. Als het overschool ging zei hij: luister, je hebt alle kansen, maar je moethet wel waarmaken. Ik wist wat het alternatief was: de boerderij.Dat was voldoende afschrikwekkend. Die eindeloze reeks zesjes opde ulo waren niet overtuigend, er zat geen lijn in die mezelfvertrouwen gaf.

'Als ik terugkijk en me afvraag hoe ik het heb overleefd, zitdat toch in het verenigingsleven waarin ik een rol kon spelen.Op de ulo richtten we een schoolclub op en wat ik nooit hadgedacht: ze maakten me daar voorzitter van. Het betekende dat ikop feestavonden moest speechen. De eerste keer bestierf ik het.Maar het ging door: sportverenigingen, dorpshuis, jeugdwerk. Daaris het bij mij gebeurd: ik kon kennelijk andere mensen in gangkrijgen. Het draait om initiatief nemen, de boel een beetje bijelkaar houden en het goed met elkaar hebben. Zo is het begonnen.'

Uit wat voor boerengezin komt u?

'Ik ben opgegroeid onder de rook van Groningen, in hetagrarische dorp Harkstede. Het was een veenkoloniaal dorp, metheel egalitaire verhoudingen. Alle kinderen in Harkstede gingenzowel naar Koninginnedag als naar het 1-meifeest. Twintigkilometer verderop was dat ondenkbaar.

'In een boerenfamilie word je nadrukkelijk geconfronteerd metzeven dagen per week verantwoordelijk zijn voor de dieren en hetbedrijf. Aan tafel ging het iedere dag over de boerderij.

'Twee van mijn broers zijn op jonge leeftijd overleden.Eentje heb ik nooit gekend, hij was meervoudig gehandicapt enniet sterk genoeg om te overleven. De ander stierf kort na deoorlog aan difterie. Medicijnen waren niet voorradig.

'Tot op de laatste dag van hun leven hing de schaduw van datverlies over mijn ouders. Ze voelden zich gestraft, hunlevensgeluk werd beïnvloed door de vergankelijkheid. Ze hebbenwel geprobeerd die emoties weg te houden bij de twee anderekinderen.

'Flarden herinner ik me van de periode dat we onderduikershadden op de boerderij. Bij een razzia op ons erf zijn ze opgepakt. Als kind kreeg ik de spanningen overgedragen. Mijnmoeder was de vrouw achter het gezin: ingetogen en erg moedig.Toen mijn vader werd gearresteerd, heeft ze het bedrijf alleenmoeten doen. Na de oorlog heeft ze lange tijd met haar gezondheidgetobd, als gevolg van de stress van de bezetting.'

Waar hebt u uw engagement opgedaan?

'Ik ging naar de Sociale Academie en leerde abstracter denken,deed vormingswerk en was lid geworden van de PvdA. Wat megeweldig aansprak in Nieuw Links, was dat die bewegingappelleerde aan mijn gevoel voor de tijdgeest: we moesten hoe danook naar een doorzichtig politiek proces met meer internedemocratie en verantwoording.

'Met plezier denk ik terug aan de opwinding die weveroorzaakten. Wat is er mooier dan dat mensen zich ergens overopwinden? Het kabinet-Den Uyl (1973-1977) paste precies in dietijd. Het kon die draaikolk normaliseren, de verbeelding moesteen richting krijgen. Daarvoor kon het niet en daarna ook nietmeer.

'Ik was staatssecretaris van Cultuur, Recreatie enMaatschappelijk Werk. Als ik nou maar het geld regelde, dan zouhet sociaal-cultureel werk dat goed besteden. Maar ik werd lastigvoor de sector, want door de oliecrisis was er minder geld.Tijdens demonstraties ben ik in overdrachtelijke zin heel watkeren in lijkkisten vervoerd en verbrand. Het was een spel metvenijnige kantjes, maar dreigbrieven met kogels had je toenniet.'

Wanneer begon uw verwijdering van de PvdA?

'De PvdA is begin jaren tachtig aan het zwalken gegaan. Ikvond dat het roer radicaal om moest. Maar als fractievoorzitternegeerde de partij in 1981 mijn maidenspeech. Daarin pleitte ikvoor een grondige herziening van de verzorgingsstaat. Ze warener verlegen mee. Den Uyl zag intellectueel wat er moest gebeuren,maar hij nam niet de leiding. Ik heb me ook gemarginaliseerdgevoeld in het kruisrakettendebat. Als het niet precies zo gingals de partij wou, werd er dus geen regeringsverantwoordelijkheidgenomen. Iets meer relativering had de partij niet misstaan.'

U werd na twintig jaar Den Haag commissaris van de koninginin Drenthe. Dan word je vaak gevraagd. Kunt u nee-zeggen?

'Ik was rijp voor de stap om commissaris van de koningin teworden. En als je dat bent, wordt er vaak een beroep op jegedaan. Want je hebt bestuurlijke ervaring, maar bent niet zozeerpartij. Je bent een van hoogste rijksheren in de provincie.

'Ik heb nooit een verzoek uit de publieke sfeer om in eencommissie te gaan zitten met nee beantwoord. Bij vragen uit hetbedrijfsleven moest ik me afvragen: zit hier een risico aan voorde provincie of voor mezelf? Is het een interessant netwerk waarik in stap?

'Het bleef doorgaan toen ik na vier jaar Drenthe voorzitterwerd van de raad van beheer, het bestuur van de coöperatieveRabobank. De code van de bank was, dat we maatschappelijk goedeinitiatieven moesten steunen.

'Wat bedrijven of commissies aan mij kunnen hebben, is datik de goede vragen stel. En gaandeweg heb ik gevoel ontwikkeldof een voorstel klopt of niet. Ik heb nooit het zweet in mijnhanden gehad of een investering zich terugverdient. Bij deoverheid is het de kunst binnen je budget te blijven, in hetbedrijfsleven is het de kunst je budget te verdienen.'

U bent uw eigen paradox: onzichtbaar, doch machtig. Waaromschuwt u de voorgrond?

'Ik ben graag een beetje onherkenbaar, dan kan ik tenminstemezelf zijn. Ik ga liever een blokje om, dan dat ik word herkend.Als ik effectief wil blijven, moet ik op de achtergrondfunctioneren. De druk van het publieke figuur zijn heb ik lastiggevonden, als bewindsman, als fractievoorzitter en alscommissaris van de koningin.

'Ik heb niet meer de ambitie zelf nog aan de knoppen tezitten. Mijn toegevoegde waarde is het gebruiken van mijnbestuurlijke ervaring. De rode draad die ik zie, is dat ik altijdmensen heb willen binden op een missie. De reis erheen moetprettig zijn.'

Wat voor stempel hebt u gedrukt op de Nederlandse samenleving?

'Zo heb ik er nooit ingestaan, ik heb er niet een plan meegehad. Het is de vraag of je een stempel moet drukken in debetekenis dat jouw aanwezigheid blijvende sporen achterlaat. Bijde krant en de omroep hield ik toezicht, dan heb je een heelandere rol dan wanneer je de raad van beheer van de Rabo leidt.Daar heb ik wel een belangrijke rol kunnen spelen bij derevitalisering van het corporatieve bestel.'

Uw strategisch inzicht wordt geprezen.

'Strategie is in een heleboel omgevingen lullenpotterij. Bijgebrek aan daadkracht wordt de strategie maar weer eens op deagenda gezet. Maar het is heel simpel en vloeit gewoon voort uitmijn opvoeding. Wanneer is iets voldoende, wanneer is iets goed?Toen ik in een bestuurlijke omgeving kwam, realiseerde ik me dater geen logische lijn in zit als je opeenvolgende incidentenhebt. Analyseer de diepere oorzaken, bedenk waar je wilt uitkomen. De rest is een serie stappen, te nemen in de juistevolgorde.'

Maar iemand als oud-PvdA-Kamerlid Marjet van Zuijlen zegt:Meijer is groot geworden door zijn mond te houden op de juistemomenten, zoals alle grote bestuurders.

'Dat zal wel eens gebeurd zijn, maar het is niet mijngedragsregel. Er zijn situaties waarbij het verstandig is teluisteren en de tijd zijn werk te laten doen. Maar er zijn ookmomenten dat je direct moet ingrijpen.'

Hoe typeert u uw eigen stijl?

'Die wordt in hoge mate bepaald door het tijdperk dat achterons ligt. Dat is een zelfbekentenis. Ik kom uit de periode datbesturen een tamelijk collectief proces was. Er breekt nu eentijdperk aan waarbij besturen een verantwoordelijk proces is. Hetkomt op de schouders van één persoon. Kijk naar de opkomst vande CEO, de Chief Executive Officer. Die wordt ook snellerafgerekend.'

U maakt deel uit van het gezelschap Nederlanders, dat overalopduikt in besturen.

'Het is een groep van een paar honderd Nederlanders, die hetmaatschappelijk cement vormt tussen al die lagen, organisaties,bedrijfsleven en overheden. De kracht van die groep istegelijkertijd haar zwakte. Door de tijd heen heb ik veel ervanmeegemaakt, dus ik begrijp ze snel. Maar dat kan ook een nadeelzijn. Als ik denk voldoende te weten, kan mijn adviserendvermogen juist afnemen.

'Het beeld van: ze rommelen maar wat aan, dat begrijp ik wel,maar ik heb daar nooit deel van uitgemaakt of er mensen toeaangezet. Een proces waarbij je op meerdere plaatsen meedoet enbreder kunt kijken, kun je alleen maar volhouden als je strikten principieel bent. Ik heb me diverse keren verontschuldigd invergaderingen, omdat er onderwerpen ter sprake kwamen diestrijdig waren met mijn andere commissariaten. En als ik zelfvoorzitter ben van een raad voor commissarissen weet ik met wieik om tafel zit en wat ze verder doen.

'Die groep vertegenwoordigt een zekere monocultuur, ze lijkenop elkaar. Juist de laatste jaren ben ik veel kritischergeworden. Iedere keer moet je bij de samenstelling van de raadvoor commissarissen nadenken of men met elkaar een toegevoegdewaarde heeft. Vrouwen zijn er veel te weinig, die hebben eenzegenende inbreng, letten op andere dingen. Mannen zijn op datniveau altijd bezig de volgende oorlog voor te bereiden.'

Heeft men er in die kringen begrip voor dat de samenleving gekwordt van die topsalarissen?

'In de bedrijven die ik ken, wordt intensief gesproken overhet beloningsvraagstuk en de kritiek daarop. Het is een glazenhuis geworden: iedereen weet dat de besluiten die daarover wordengenomen, transparant zijn. Maar als de angst voor kritiek hetuitgangspunt wordt, krijg je niet de goede mensen. Als je vanuiteen vermeend fatsoen lager gaat zitten en je neemt daarmeerisico's voor de toekomst van die onderneming, wat bereik je dan?

'De heilzame missie van de Volkskrant om die salarissen enbonussen ieder jaar te publiceren, heeft een dubbel effectgekregen. Er is publieke controle. Maar de mensen die gewildzijn, vergelijken. Managers zijn niet in de eerste plaatsgeldbelust, maar willen wel betaald worden voor wat ze waardzijn. Verder drijven schaarste en de steeds hogere eisen deprijzen op. Ik vrees, als ik zie wat er elders in de wereldgebeurt, dat ons nog een en ander staat te wachten.

'Mensen begrijpen dat de leiding van een bedrijf goed wordtbetaald. Wat ze niet meer begrijpen, is dat daar ook nog eensbonussen overheen komen. Toen kwamen de opties. Daar gingenverhalen over die kant noch wal raakten. De glitterkant werd welbelicht, maar dat het vaak lucht was, daar las je niets over.Toen kwamen de aandelenparticipaties, wat hebben we niet gehad?Dat wordt niet begrepen.

'Wat ik weer heel curieus vind, is dat er geen protest istegen wat voetballers aan miljoenen euro's binnenslepen. En alsiemand in het bedrijfsleven met tien miljoen euro naar huis moet,dan begrijp ik dat evenmin.'

Hoe verkocht u als sociaal-democraat aan uw geweten iederemaand dat loonstrookje?

'In de omgevingen waar ik vertoef is het partijprogramma vande PvdA niet het leidende beginsel, daar gelden andere wetten.Het partijprogramma kan ik daar niet opleggen als richtsnoer. WimKok weet dat inmiddels ook.

'De beloningsdiscussie is een symptoom van een merkwaardigeparadox in deze tijd. Want het private wordt publiek, en hetpublieke privaat. Er is in hoog tempo een enorme revolutie gaandein de kartelachtige sfeer van bedrijven. Ze moeten naar buitentreden. In die publieke verantwoording hebben bedrijvenvertrouwenwekkende boegbeelden nodig, waar de samenleving zichop kan oriënteren.

'De volgende fase is dat bedrijven niet alleen meerverantwoording afleggen, maar ook democratiseren. Deaandeelhouders, werknemers en klanten komen op voor de belangendie ze bij een onderneming hebben en willen meer invloed op debesluitvorming. Het wordt wel lastiger, maar als mensen er greepop hebben, herwinnen bedrijven vertrouwen. Dat is in de politiekook gaande: op alle niveaus moeten mensen kunnen kiezen. Daarmeekan Den Haag de vertrouwenscrisis overwinnen.

Hoe weegt u de verbale interventies van minister-presidentBalkenende bij de topsalarissen van Nuon en Essent?

'Daar heb ik met grote verbazing naar gekeken, hoe Balkenendedie hype vorig voorjaar heeft aangeblazen. Ik zit in de raad vancommissarissen van Nuon en weet dat wat die mannen verdienen nietafwijkt van het gemiddelde in de markt.

'Wij kunnen niet anders dan de beste mensen voor het bedrijfzoeken. Als wij 20 procent onder de markt gaan zitten, wordenonze beste mensen weggekocht. We zouden iets moeten doen watevident niet in het belang is van het bedrijf. Dat kan dus niet.

'Vervolgens zet de premier nog hoger in en redeneert vanuiteen moreel bevel, niet gehinderd door kennis van de markt, metals richtsnoer zijn eigen salaris. Hij richt een schandpaal opvoor degenen die meer verdienen en roept op tot naming andshaming.

'Maar als Balkenende het niet eens is met de ontwikkeling vande hoge inkomens, beschikt hij in de politiek over hetbelastinginstrument. Dáár gaat Den Haag wel over. Balkenendekan echt die bedragen afromen.

'Of het verstandig is en politiek haalbaar, dat beslist deTweede Kamer. Maar dat gebeurt niet! Wat zet de premier hiermeein gang? Dat is het proces waar de burger zo'n afkeer van heeft.Zie je wel? Er verandert niets! Dat slaat dus als een boemerangop de politiek terug. Dan schept de premier valse verwachtingen.Hij weet maar al te goed dat we in onze maatschappij de politiekniet alles moeten laten bepalen.

'Ik zou Balkenende willen zeggen: waarom hanteer je diemorele dimensie wel bij de topinkomens? Waarom zou je je alleenmaar zorgen maken over de top, terwijl je betekenis als politiekverantwoordelijke hoort te liggen in wat je doet voor de zwakstenvan de samenleving?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden