Reportage

'Alsof ze explosieven hadden'

Een school in Aalst liep naar de politie omdat twee leerlingen op Facebook 'jihadberichten' zetten. De andere leerlingen vinden dat veel te ver gaan.

Jarne Everaerts (tweede van links) met drie andere leerlingen van het Vrije Technische Instituut in het Belgische Aalst. Beeld  An-Sofie Kesteleyn
Jarne Everaerts (tweede van links) met drie andere leerlingen van het Vrije Technische Instituut in het Belgische Aalst.Beeld An-Sofie Kesteleyn

Normaal praten ze over jongens, muziek of kapsels, maar vandaag gaat het in het groepje van Lisa, Shauni en Kelly over terreurdreiging en privacy. Het Vrije Technische Instituut in Aalst, waar ze in het vierde jaar verzorging zitten, heeft twee leerlingen bij de politie aangegeven omdat ze op Facebook met terreurbeweging Islamitische Staat sympathiseerden.

'Het is raar dat de leerkrachten onze Facebookprofielen bekijken', zegt Shauni (16) aan de schoolpoort. Haar vier vriendinnen, allen met lang, sluik haar en in skinny jeans, vallen haar bij. 'Ik weet wel dat je op Facebook je privacy zelf voor een deel opgeeft, maar ik vind niet dat de school zich daarmee moet bezighouden. Het is net alsof ze geen vertrouwen hebben in ons.'

De middelbare school in Aalst, die ruim 1.500 vmbo- en havo-leerlingen telt, is dinsdag het voorwerp van fel debat. 's Ochtends heeft Het Laatste Nieuws bericht dat de school twee van zijn leerlingen bij de politie heeft aangegeven vanwege moslim-extremistische berichten op Facebook. De school zegt in de krant bovendien de Facebookaccounts van alle leerlingen te gaan screenen, 'voor ieders veiligheid'.

De burgemeester van Aalst, N-VA-politicus Christoph D'Haese, juicht de alertheid van de school toe. 'Dit is een gezonde sociale controle', zegt hij per telefoon nadat hij bij de school is langsgegaan. 'Ik kan moeilijk in elke klas een politieagent zetten, dus het is goed dat leerkrachten een signaal geven als een leerling normafwijkend gedrag vertoont.'

Maar veel pedagogen hebben kritiek op de 'paniekreactie' van de Aalsterse school. Bij signalen van radicalisering vinden zij het zaak eerst met de leerling in gesprek te gaan, indien nodig externe begeleiding in te schakelen, en pas in allerlaatste instantie naar de politie te stappen. Alleen dan voelen leerlingen zich veilig genoeg om bij problemen hun leerkracht in vertrouwen te nemen.

Burgemeester D'Haese verwerpt die kritiek. Uit de carnavalsstad Aalst, met 83 duizend inwoners, is nog geen enkele Syriëstrijder vertrokken, maar in deze woelige tijden kun je maar beter het zekere voor het onzekere nemen. 'Vroeger kon de schoolmeester in mijn boekentas kijken of ik geen foute tijdschriften bij me had', zegt hij. 'Dit is hetzelfde, alleen in een multimediale tijd.'

Al die jongens komen van een gewone school

Ook Nederlandse scholen moeten de strijd aan tegen radicalisering. Minister van Onderwijs Jet Bussemaker zei onlangs dat scholen niet moeten wegkijken. Had Rob Hommen uit Roermond er dan op af gemoeten? Hij hoorde onlangs dat een jongen die hij een paar jaar terug op het vmbo wiskunde gaf als jihadist was gesneuveld. 'Het was een normale jongen', herinnert de docent zich. 'Waarschijnlijk was hij toen nog niet aan het radicaliseren.'

Of misschien wel? De vraag spookte door zijn hoofd na het horen van het nieuws: had hij signalen gemist? Hommen is niet de enige leraar die zichzelf zulke vragen stelt. Want al die jihadisten die vanuit Nederland naar Syrië reisden, zaten eerst op een doodgewone school met doodgewone leraren. Hebben die allemaal niet zitten opletten?

Dat is maar de vraag, zegt Maartje Reitsma van onderwijsadviesbureau KPC Groep. Want wanneer radicaliseert een kind? 'Er is geen lijstje dat je kunt afvinken, geen profiel waaraan elke jihadist voldoet', zegt ze. 'Iemand die zich opeens anders kleedt, is niet meteen een extremist.' Volgens Reitsma is het vooral zaak om met jongeren in gesprek te blijven. 'Je moet oprechte interesse tonen. Dan ontstaat een vertrouwensband en heb je het eerder in de gaten als er iets aan de hand is.'

Het Centrum School en Veiligheid biedt veel informatie en voorbeeldlessen. 'Toch blijft het pionieren', zegt beleidsmedewerker Fleur Nollet. 'Er is geen stappenplan. Elke school moet een eigen manier vinden hoe ze radicalisering aanpakt.' Rob Hommen heeft er inmiddels vertrouwen in. 'Scholen zijn al alert. We signaleren loverboys en rechts-radicale ideeën. We hebben contacten met de politie en met andere instanties. Wij zijn professionals.'

Toch lijkt ook het Vrije Technische Instituut in Aalst dinsdag op zijn schreden terug te keren. De leerkrachten houden zich in de klas naar verluidt op de vlakte. Maar onder de leerlingen gonst het van de geruchten. De twee schoolgenoten zouden onthoofdingsfilmpjes op hun Facebookprofiel hebben geplaatst, klinkt het voor de schoolpoort.

'Maar ook zij hebben toch vrijheid van meningsuiting?', zegt Jarne Everaerts (15), die na schooltijd met drie vrienden aan de bushalte staat te roken. Na de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo in Parijs hebben ze het er in de godsdienstles nog over gehad. 'Natuurlijk ben ik het niet met hen eens, maar ze hebben recht op hun mening. Dat de school dan naar de politie stapt, gaat wel ver. Alsof die twee hier met explosieven rondliepen.'

Schooldirecteur Els Van der Hoeven wil aanvankelijk niet reageren, maar verstuurt rond 14.30 uur een persbericht met 'verontschuldigingen voor de vertrouwensbreuk'. 'Wij hebben een strategische fout gemaakt', staat er. 'Wij hadden eerst in dialoog moeten gaan met de leerlingen en vervolgens met hun ouders. Wij betreuren ten zeerste dat dit niet is gebeurd.'

De school komt in het persbericht ook terug op het voornemen om systematisch alle Facebookprofielen van haar leerlingen te controleren. Al blijft ze haar leerlingen op de sociale media in de gaten houden, bijvoorbeeld in de strijd tegen cyberpesten. Voor de schoolpoort zeggen veel leerlingen, vooral de jongste, daarmee geen problemen te hebben. Wie geen pottenkijkers op Facebook wil, past zijn privacyinstellingen maar aan.

Het voorval in Aalst staat niet op zichzelf. Het illustreert de moeilijke positie waarin scholen zich bevinden. In de strijd tegen terreur wordt aan leerkrachten in heel Europa gevraagd om uit te kijken naar signalen van radicalisering. Maar hoe die leerkrachten daarna met die signalen moeten omgaan, is lang niet altijd duidelijk.

'Scholen worden vanuit veel hoeken gevraagd om hun voelsprieten uit te steken', zegt Chris Smits van de katholieke onderwijskoepel waartoe ook het Vrije Technische Instituut in Aalst behoort. 'Ik denk niet dat dat de eerste taak van een school is. De eerste taak van een school is een vertrouwensrelatie met jongeren te werken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden