Alsnog een ereteken, want ze brachten orde en rust

De reacties van veteranen stromen binnen op de advertenties. Ja, ze willen nog wel een ereteken voor bewezen diensten in Nederlands-Indië....

RUIM zevenduizend reacties kreeg het ministerie van Defensie op de advertentie waarin veteranen uitgenodigd werden alsnog een onderscheiding aan te vragen voor hun militaire dienst tijdens de Tweede Wereldoorlog of daarna, in Indonesië of Nieuw Guinea. Bijna de helft van de aanvragen betreft het Ereteken voor Orde en Vrede, bestemd voor militairen die vanaf september 1945 in dienst waren in Nederlands-Indië.

'Vanochtend weer 99 brieven' zei gisteren mevrouw J. Taverne, van het Bureau Onderscheidingen van Defensie. 'En achter iedere brief zit een mens met een eigen verhaal.' Half december werd de advertentie geplaatst en nog steeds stromen de verzoeken om toezending van aanvraagformulieren binnen. 'Ook veel uit het buitenland, de laatste weken. De advertentie heeft in verenigingsbladen gestaan en de ambassades hebben instructies gekregen over het opsporen van emigranten die voor een onderscheiding in aanmerking kunnen komen.'

In het herdenkingsjaar 1995 - in mei Nederland vijftig jaar bevrijd, na vijf jaar Duitse bezetting, in augustus een halve eeuw geleden de Republiek Indonesië uitgeroepen - blijken veel mensen behoefte te hebben aan erkenning voor hun persoonlijk aandeel in de geschiedenis. Het heeft ook te maken met de grote aandacht die de media de laatste tijd besteed hebben aan de excessen', zegt H. Thiele, hoofd van de Stichting Dienstverlening Veteranen. Een zelfstandige stichting, gesubsidieerd door het ministerie van Defensie.

'Het lijkt nu net of al die tweehonderdduizend militairen die in de tijd van de politionele acties in Indonesië in dienst waren, te maken hebben gehad met wreedheden. In werkelijkheid was dat maar een klein percentage. Duizenden mannen krijgen nu te horen: wat heb jij in godsnaam in Indië gedaan?'

Thiele kan er in komen dat zij juist daardoor prijs stellen op het Ereteken voor Orde en Vrede. Want dat was wat de meesten van hen deden: orde scheppen in de chaos die losbrak na de Japanse bezetting. 'Mensen die zelf de dupe werden, die vaak levenslang last hebben van de verwondingen die ze opliepen, reageren op de publiciteit die er nu is door alsnog het gewonden-insigne aan te vragen.'

Dat bestond nog niet ten tijde van de politionele acties; het is pas drie jaar geleden ingesteld. Nederlandse militairen die in Bosnië gewond raakten krijgen het, maar veteranen kunnen het ook aanvragen. Twee tot drie aanvragen per dag krijgt Thiele binnen.

Naar aanleiding van de discussies over goed en fout in Indië, eind december opnieuw losgebarsten bij het bezoek van Poncke Princen, kreeg hij ook telefoontjes van familieleden van gesneuvelden. 'Mijn broer kan niets misdaan hebben want hij was al na een week dood', zei een vrouw die een postume onderscheiding aanvroeg. Thiele: 'Er leven zelfs nog moeders van gesneuvelde militairen die nu het gevoel hebben dat de nagedachtenis van hun zoon bezoedeld wordt.'

Slechts 3 procent van de Indië-veteranen heeft in de loop van de jaren hulp gezocht. 'Het lijkt nu opeens of iedereen met een Indië-trauma rondloopt', zegt hij, 'maar dat valt erg mee. Het grootste deel van de veteranen heeft deze periode een plek in zijn leven gegeven.'

De dienstplichtigen van toen zijn nu gepensioneerde mannen die terugkijken op hun leven en de zaken voor zichzelf op een rij zetten. Door de komst van Poncke Princen en door de herdenkingen krijgt de periode van de politionele acties meer aandacht. Foto-albums komen uit de kast en soms zitten tussen de foto's ook telegrammen met teksten als: 'Levensgevaarlijk gewond door nekschot.' De man die het overleefde is nu achter in de zestig, enkele van zijn strijdmakkers van toen zijn al dood.

'Toen ze me destijds achterlieten bij de dokter, kwamen ze stuk voor stuk afscheid van me nemen', zegt hij. 'Ik voelde het ook echt als een afscheid. Iedereen dacht dat ik dood zou gaan, ikzelf ook.' Tientallen jaren heeft hij daar niet over gepraat, want hij had geen enkele behoefte 'om voor held door te gaan'.

Zijn naam hoeft niet in de krant en de burgemeester hoeft niet te komen om hem de onderscheiding op te spelden die voor hem is aangevraagd nadat het gesprek er op kwam in de familiekring, op een verjaardag in januari. Het doet hem goed dat er belangstelling is voor zijn kant van het verhaal. Dat is eigenlijk al genoeg, zegt hij.

'De jongeren zijn allemaal pacifistisch, je krijgt vaak het gevoel dat ze je veroordelen, omdat je naar Indië ging. Maar wij hadden net de Duitse bezetting meegemaakt en we wisten als achttien, negentienjarige niet anders dan dat we de bevolking in Indië gingen helpen om uit de rotzooi te komen.'

Hij heeft trouwens nog een leprozenkolonie aangesloten op het telefoonnet, als sergeant van de verbindingstroepen. 'We waren er om orde en vrede te stichten, dus deden we ook dat soort dingen.'

Een andere Indië-veteraan, D. Eveleens (69), heeft in mei gereageerd op de advertentie waarin het ministerie van Defensie mensen opriep die tussen 1 januari 1936 en 31 december 1962 vijf jaar of langer in militaire dienst waren en daarom recht hebben op een eenmalige uitkering van 7500 gulden. Vorige week kreeg hij bericht dat hij niet in aanmerking komt, want hij komt een paar maanden te kort. 'Mijn officiële diensttijd blijkt pas te beginnen op 7 september 1944, de datum waarop de Binnenlandse Strijdkrachten onder commando van prins Bernard gesteld werden.'

Als jongen van achttien uit een 'rood nest' zat hij in het verzet en vond aansluiting bij de BS. Na de bevrijding werd hij, als dienstplichtige, opgeroepen om naar Indië te gaan. 'We wisten wel dat het koloniale tijdperk afgelopen was, maar het was na de Japanse bezetting in Indië een rotzooi met ongeregelde bendes die de eigen bevolking terroriseerden. Ik ging er heen met een soort idealisme: orde en rust brengen, zodat ze daarna op een democratische manier tot zelfbestuur konden komen. Daar geloofden wij in.'

Hij werkt nog steeds en hij redt zich wel zonder die 7500 gulden, zegt bloemenkweker Eveleens. 'Het heeft me wel vijf jaar van mijn leven gekost. Die je nooit meer inhaalt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.