Als ze hun schaamte voorbij zijn, eten de armen van Almelo elke werkdag in een gaarkeuken

Verslaggeverscolumn - Toine Heijmans in Almelo

Er zijn klachten over de naam. Maar een gaarkeuken is een gaarkeuken, wat wou je anders dan. Er zijn klachten dat arme mensen gratis eten want ze moeten toch leren dat het leven geld kost. Monique blijft er geweldig vrolijk onder. Haar bezieling vult vanzelf de zaal. Het is Monique van Baaren: die weet hoe je van vijftig euro per week leeft, in Nederland, met kinderen, op een verkrot recreatiepark.

De vrijwilligers zijn vroeg vandaag: kip inbraden, boontjes. De gaarkeuken is vijf pitten en een oven groot, en dan koken voor vijftig man. Het gebeurt in kalme kameraadschap, niks zwaars. Gewoon erover praten ook.

Het gaat geweldig met Nederland, schrijft vandaag het Sociaal en Cultureel Planbureau. Behalve dus met de armoe. Die groeit naar 6,6 procent. 'Armoede teistert Almelo', schreef Tubantia. 10 procent van de gezinnen erop of eronder. In de raad zit zelfs een Minimapartij. 'Ik vind het soms gewoon eng, hoe snel het stijgt', zegt Monique. Ze moet nu mensen de deur gaan wijzen.

Geur van fruitende kerrie. Gesleep met tafels en stoelen. Borden en bestek erop, bloemenvaasjes - 'het moet wel een beetje ogen'. De dijstukken kip lijken groot, waarschuwt Monique alvast, 'maar veel vlees zit er niet aan'.

De kinderen eerst naar voren, hun borden door vrijwilligers volgeschept. Ze lijken op mijn kinderen, nog helemaal vrolijk van het kind zijn, bezig met kinderdingen. Agnes noemt de gaarkeuken 'het restorant'. Ze is 5.

Gaan we niet in discussie over wat armoede is in Nederland. Schoenen met gaten wasemend onder de radiator, dat is armoede. Noodpakketten voor gezinnen die even niets meer eten behalve brood, 'het gebeurt', zegt Monique, 'het gekke is dat je nog steeds moet discussiëren met mensen die denken dat het niet gebeurt'.

Vrijwilligers in de gaarkeuken.

Met haar ex had ze een transportbedrijf plus bijbehorend leven: nooit de noodzaak na te denken over geld. Een oplichter richtte de zaak te gronde, en haar huwelijk; de curator nam alles van waarde mee. Met drie zoons leefde ze op een afbraakpark tussen afbraakmensen. Ze leerde er wat honger is. Leerde Stephan kennen, al vijftien jaar los van de drugs. Samen begonnen ze gaarkeuken De Eethoek. Ze zijn net uit de schuldsanering. 'Wij zijn een van hun', zegt Monique, 'en zij zijn een van ons'. Stephan zegt: 'Ik weet gewoon uit ervaring: als er niks is, zak je weg.'

Ze krijgen geen subsidie. Daarvoor is het misschien te veel 'van hun'. Jumbo doet de koffie, Plus geeft weg wat over de datum dreigt te raken. Monique vult haar dagen met het binnenhengelen van eten; Facebook is haar werkterrein. Ze veilt er spullen, schrijft van zich af. Wat wij zien, zegt Monique, 'is moegestreden mensen'.

We eten. Het is verdomme best gezellig. Ik zit naast Erik, we zijn even oud. Drie dochters. Hij werkt op de kippenslachterij in Dedemsvaart, als het even kan zes dagen. Heeft 1.550 euro per maand, een eigen huis en schulden. 'Toegeven dat je het zelf niet meer aankunt is moeilijk, omdat je een vooroordeel hebt over de anderen die hier zitten.' Nu hoort hij erbij. 'Al doende leer je wel weer leven, maar prettig is het niet.'

Zestig euro in de week.

Erik met zijn jongste dochter.

Als ze hun schaamte opzijzetten, eten de armen van Almelo elke werkdag in een gaarkeuken. Maandag bij De Wonne, dinsdag en vrijdag bij de Eethoek, woensdag en donderdag bij de Buurvrouw. Daar wordt wel een 'bijdrage naar draagkracht' verwacht, en anders is het meehelpen. Doen zij dus niet. 'Het werpt echt een drempel op.'

Een voedselbank is een voedselbank, zegt Monique, een gaarkeuken is van de verhalen. Daar bestaat het taboe op armoede even niet. Het idee dat je mislukt bent in de zelfredzame samenleving. Dit kan het begin zijn van iets beters.

Wat verandert, zeggen Monique en Stephan, is dat de armen werkende mensen zijn die 'overal buiten vallen': ze verdienen net te veel voor de voedselbank, voor huurtoeslag. Ze betalen schulden af, vaak aan de overheid, die nietsontziend gebruikmaakt van dure deurwaarders. Ze leven een net leven. En krijgen er een gaarkeuken voor terug.

Mandy heeft drie kinderen, haar man is stratenmaker via een uitzendbureau. 'Niemand heeft meer vaste banen om je aan vast te grijpen.' Stephan werkt vroege diensten in de kunstgrasfabriek, zodat hij 's middags hier kan helpen, 'al het werk voor ons soort mensen is flex geworden'. Lydia was boekhouder maar werd redundant - iemand zet twee zakken gekookte rijst voor haar op tafel, die neemt ze mee naar huis.

Monique 'gaat er niet om liegen': er zijn er die het eigenlijk niet nodig hebben, of geen moeite doen eruit te komen, 'maar je kunt zo'n hele zaal toch niet vullen met alleen maar kommer en kwel.'

Desinteresse, dat is armoe.

t.heijmans@ volkskrant.nl

Monique deelt schaaltjes vla uit.